Springen naar inhoud

[scheikunde] reactie tussen: calciumcarbonaat & zoutzuur


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Mariek

    Mariek


  • 0 - 25 berichten
  • 7 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 26 februari 2009 - 13:32

Heey iedereen!
Ik moet voor scheikunde een reactieformule maken voor als je:
Calciumcarbonaat en zoutzuur bij elkaar doet.

CaCO3 + HCl ->

Dit zijn de stoffen die we bij elkaar hebben gedaan..
Maar hoe moet 't nu verder? Kunnen jullie me ajb helpen? 8-)

Heeeel erg bedankt alvast!

Groetjes,
Marieke

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8937 berichten
  • VIP

Geplaatst op 26 februari 2009 - 13:53

Dit onderwerp past beter in het huiswerkforum en is daarom verplaatst.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#3

Ensiferum

    Ensiferum


  • >250 berichten
  • 662 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 februari 2009 - 18:15

Heb je de proef gedaan? Wat gebeurde er?

Als je al zuur-basereacties hebt gezien: CaCO3 is een zout (van welk zuur en welke base?), HCl een sterk zuur. Wat zal er gebeuren als je zo'n twee producten laat reageren?

#4

Jona444

    Jona444


  • >1k berichten
  • 1409 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 februari 2009 - 20:59

Heey iedereen!
Ik moet voor scheikunde een reactieformule maken voor als je:
Calciumcarbonaat en zoutzuur bij elkaar doet.

CaCO3 + HCl ->

Dit zijn de stoffen die we bij elkaar hebben gedaan..
Maar hoe moet 't nu verder? Kunnen jullie me ajb helpen? 8-)

Heeeel erg bedankt alvast!

Groetjes,
Marieke


Dit is een metathesisreactie. De molecule CaCO3 laat zich ontbinden in de atomen Ca2+ en CO32-.De molecule HCl laat zich ontbinden in de atomen H+ en Cl-. Als de reactie doorgaat, worden er nieuwe stoffen gevormd. Dus Ca2+ zal reageren met Cl- en CO32- zal reageren met H+. En in die hoeveelheden dat de ladingen neutraliseren. je zal dus gebruik moeten maken van voorgetallen.

CaCO3(s) + HCl(aq) --> heb je zelf een idee?
Its supercalifragilisticexpialidocious!

#5

Mariek

    Mariek


  • 0 - 25 berichten
  • 7 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 26 februari 2009 - 22:19

Dit is een metathesisreactie. De molecule CaCO3 laat zich ontbinden in de atomen Ca2+ en CO32-.De molecule HCl laat zich ontbinden in de atomen H+ en Cl-. Als de reactie doorgaat, worden er nieuwe stoffen gevormd. Dus Ca2+ zal reageren met Cl- en CO32- zal reageren met H+. En in die hoeveelheden dat de ladingen neutraliseren. je zal dus gebruik moeten maken van voorgetallen.

CaCO3(s) + HCl(aq) --> heb je zelf een idee?


CaCO3(s) + HCl(aq) --> CaCl(aq) + HCO3(g)

Maar nu zal de covalentie etc (zo heet dat toch?) Wel niet kloppen... Want dit zal wel te gemakkelijk gaan...


Trouwens: Ik had wel reactie gezien bij de proef: Er ontstaan belletjes.. Die hebben we opgevangen en de hoeveelheid gemeten 8-)

#6

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44880 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 februari 2009 - 22:31

dit zal wel te gemakkelijk gaan...

Inderdaad. Elk tabelletje met ionen kan je vertellen dat dit niet klopt. Toevallig een BINAS bij de hand?
Ca2+ , H+, Cl-, CO32-

voor het overige ga je de goeie kant op.
Bedenk eens welk gas zou kunnen ontwijken als je H2CO3 verder "uit elkaar peutert"?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#7

Jona444

    Jona444


  • >1k berichten
  • 1409 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 27 februari 2009 - 10:10

CaCO3(s) + HCl(aq) --> CaCl(aq) + HCO3(g)

Maar nu zal de covalentie etc (zo heet dat toch?) Wel niet kloppen... Want dit zal wel te gemakkelijk gaan...

Trouwens: Ik had wel reactie gezien bij de proef: Er ontstaan belletjes.. Die hebben we opgevangen en de hoeveelheid gemeten 8-)


je krijgt dus CaCl(aq) + HCO3(g). Ca is 2+. Cl is 1-. Er moet evenwicht zijn. Dus met andere woorden heb je 2 Cl- nodig. Je krijgt dus al met zekerheid CaCl2. Hetzelfde geldt voor HCO3(g). CO3 heeft als lading 2- en H heeft als lading +. Je moet dus de ladingen gelijk krijgen door H toe te voegen. Je kan niet zomaar toevoegen aan de rechterkant van de vergelijking. Je moet de linkerkant gelijk maken aan de rechterkant. Voeg je rechts een extra Cl toe, dan moet dat links ook gebeuren.
Its supercalifragilisticexpialidocious!

#8

Mariek

    Mariek


  • 0 - 25 berichten
  • 7 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 27 februari 2009 - 11:47

je krijgt dus CaCl(aq) + HCO3(g). Ca is 2+. Cl is 1-. Er moet evenwicht zijn. Dus met andere woorden heb je 2 Cl- nodig. Je krijgt dus al met zekerheid CaCl2. Hetzelfde geldt voor HCO3(g). CO3 heeft als lading 2- en H heeft als lading +. Je moet dus de ladingen gelijk krijgen door H toe te voegen. Je kan niet zomaar toevoegen aan de rechterkant van de vergelijking. Je moet de linkerkant gelijk maken aan de rechterkant. Voeg je rechts een extra Cl toe, dan moet dat links ook gebeuren.



Hoooi, alvast bedankt voor jullie hulp! 8-)

Wij zijn zover gekomen:

Ca2+CO32- (s) + H+Cl-2 (aq) --> Ca2+Cl-2(aq) + H2O + CO22- (g)

Klopt dit nou of..?

thnx!

Veranderd door Mariek, 27 februari 2009 - 11:48


#9

Jona444

    Jona444


  • >1k berichten
  • 1409 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 27 februari 2009 - 12:21

CaCO3(s) + 2 HCl(aq) --> CaCl2(aq) + CO2(g) + H2O(l) is het enige juiste antwoord.

Jouw oplossing: Ca2+CO32- (s) + H+Cl-2 (aq) --> Ca2+Cl-2(aq) + H2O + CO22- (g)

Je hebt links 1 waterstof, rechts 2. Dit kan niet. Je mag wel schrijven 2HCl, maar niet HCl2.

Goed dat je inziet dat H2CO3 zich laat ontbinden in H2O en CO2. CO2 is dan ook het gas dat je hebt opgevangen.

Oefenen, oefenen, oefenen is de enige manier om het te leren. Eens je het kunt, is het eigenlijk zeer eenvoudig. Het is normaal dat je in het begin sukkelt met dit.
Its supercalifragilisticexpialidocious!

#10

rowan_hs

    rowan_hs


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 juni 2013 - 16:37

tot zover snap ik het! ik zit alleen zelf met het probleem om een 50% kaliumcarbonaat oplossing te titreren met zoutzuur. (omdat AgNO3 teveel neerslaat) hierbij onstaat dus ook H2O en CO2. de vraag is nu, hoe kan ik (ookalweer) theoretisch berekenen hoeveel zoutzuur 0,1N ik nodig heb om 500mg van de kaliumcarbonaat oplossing te stellen. zelf kom ik uit op 36,177 ml maar in de praktijk kom ik op 18,0884 ml (toevallig de helft)

#11

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 juni 2013 - 17:03

Kaliumcarbonaat of kaliumwaterstof-, bicarbonaat? Waar komt de zilvernitraat verder vandaan?

#12

rowan_hs

    rowan_hs


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 juni 2013 - 17:17

Kaliumcarbonaat of kaliumwaterstof-, bicarbonaat? Waar komt de zilvernitraat verder vandaan?


kaliumcarbonaat, K2CO3 watervrij. ik wil theoretisch berekenen hoeveel ml HCl ik nodig heb om 500 mg kaliumcarbonaat oplossing van 50% te stellen.

#13

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 juni 2013 - 18:01

Als ik de berekening uitvoer, kom ik op dezelfde hoeveelheid uit.

#14

rowan_hs

    rowan_hs


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 26 juni 2013 - 07:44

Als ik de berekening uitvoer, kom ik op dezelfde hoeveelheid uit.


oke dat is mooi, maar het gekke is: in de praktijk kom ik uit op 18,088 ml...

#15

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8937 berichten
  • VIP

Geplaatst op 26 juni 2013 - 08:13

Dan moet je nagaan of je wel echt met kaliumcarbonaat en 0.1 M HCl oplossing te maken hebt.

Verder moet je wat veranderen aan je titratiemethode. Als je een 50% oplossing hebt, dan komt dat overeen met ruim 3 M. Dat moet je niet titreren met een 0.1 M oplossing, de relatieve volumeverandering is véél te groot (van 0.5 mL naar bijna 20...)

Als je titreert is het het beste als de molariteit van de titreren oplossing overeenkomt met de titratievloeistof. Dat wordt dus een kwestie van verdunnen, die 500 mg aanvullen tot 20 mL en dán titreren. Voor de berekening maakt dat niets uit, voor de nauwkeurigheid wel.

Dan heb je ook geen last van neerslaan.

Ga ook even na tot welk equivalentiepunt je titreert. Er zijn er immers 2. In dit geval is een terugtitratie overigens een alternatief: dan voeg je eerst een bekende overmaat HCl toe, verwijdert de gevormde CO2 door een tijd te verwarmen, en titreert daarna met een NaOH-oplossing om te bepalen hoe groot de overmaat was.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum






0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures