Springen naar inhoud

Tijds dilatie of?


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Tommie1992

    Tommie1992


  • >25 berichten
  • 50 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 16 mei 2009 - 13:09

Hallo allemaal! Ik ben tom van loef, en heb sinds een tijdje grote interesse voor natuurkunde en kosmologie.
Na het lezen van een paar boeken kwam ik hier op:

Stel, je hebt 2 voorwerpen, A en B. Je zet op beide voorwerpen een waarnemingsvoorwerp (bijvoorbeeld een camera). Je zet ze loodrecht tegenover elkaar en laat ze dan met een constante snelheid van:

> 0,5 x C

Van elkaar afbewegen. Wat dus resulteert in: S(A) + S(B) = > C
We nemen dan A als ons waarnemingpunt. Op het moment dat A en B van elkaar af bewegen (met dus netto snelheid = > C) ‘Verdwijnt’ B uit ons zicht:

Het licht dat B uitzend bereikt ons niet aangezien het licht niet de kans krijgt A te bereiken:

B----------- ------------------>
------------------ ----------------->A

----> = licht dat B uitzend
----> = pad van A (lijkt alsof B stilstaat maar beweegt natuurlijk precies van A af)

A en B reizen zo een week van elkaar af en bewegen zich dan weer naar elkaar toe. Op het moment dat A de omkeer maakt tussen heen en terug reizen heeft het licht dat B op het begin van de reis uitzond A nog niet bereikt. Er komt dus een moment dat A terugreist naar het begin punt (B dus ook: want A=B aangezien ze beide met dezelfde snelheid en dezelfde tijd van elkaar af reizen)
Dat het het licht van B ontvangt in heenreis. Oftewel: Vanuit A zie je B heen gaan en vanuit B zie je A heen gaan terwijl ze beide eigenlijk weer naar elkaar toe reizen. Dit doorrekenen kom je op het moment dat A en B weer beide terug zijn maar elkaar nog zien terugkomen.

A en B zijn op hetzelfde moment op dezelfde plaats maar zien elkaar nog naar die plaats toekomen.

Je bereikt zo toch een snelheid > C aangezien een voorwerp met een constante snelheid qua krachtmetingen hetzelfde is als een stilstand voorwerp?

Toen ik nog even door dacht kwam ik op de verklaring dat na 1 seconde A en B meer dan 1 C van elkaar af zitten. Als we dat punt als begin punt nemen en je dus vanuit punt A na 1 seconde 1 C naar B toe bent is die alweer > 0,5 C verder. Nog een seconde doortellen kom je dat de lichtstraal die A op 1 sec. Uitzond B op 3 sec. Tegenkomt. Klopt dit? En zo ja, is dit het fenomeen tijdsdilatie?

Ik ben pas 16 dus sorry voor het niet gebruiken van allerlei wiskundige formules ;).

Veranderd door Tommie1992, 16 mei 2009 - 13:12


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Tommie1992

    Tommie1992


  • >25 berichten
  • 50 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 16 mei 2009 - 17:01

Sorry ik bedoel tijds dilatatie niet dilatie ;)

#3

kotje

    kotje


  • >1k berichten
  • 3330 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 16 mei 2009 - 19:17

Spijtig maar om te beginnen werkt ge klassiek en telt de snelheden gewoon op.
Maar relativistisch is de formule voor de samentelling van de snelheden:LaTeX
Doe dit even voor u=c/2 en v=c/2 zowel klassiek en relativistisch. Relativistisch kunt ge nooit een snelheid vinden groter dan c(snelheid licht)
Volgens mijn verstand kan er niets bestaan en toch bestaat dit alles?

#4

ghrasp

    ghrasp


  • >250 berichten
  • 413 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 17 mei 2009 - 07:59

Relativistisch kunt ge nooit een snelheid vinden groter dan c(snelheid licht)


Zoals Tommie het voorstelt voldoet perfect aan die voorwaarde immers A en B kunnen elkaar niet meer waarnemen bij V = C en daarmee is het voor A ook onmogelijk een snelheid te vinden / waar te nemen voor B of andersom immers een snelheid voor A kan B niet waarnemen los van A en andersom net zo min.

Neemt een derde waarnemer (waar je die ook positioneert) dan niet een snelheid waar tussen A en B groter dan C ? Die derde waarnemer neemt twee snelheden waar die van a en die van b (neemt A en B waar) met beide "slechts" 1/2 C of wat meer. Geen probleem dus.
Concludeer je dat die derde waarnemer dus een snelheid "tussen a en b" waarneemt groter dan C (wat dan niet kan) dan is dat op basis van klassiek optellen van snelheden.
Tommies voorstelling leidt dus niet tot problemen wat dit betreft, niemand (noch A noch B noch een eventuele C (waar die zich ook bevindt) neemt in die voorstelling een snelheid hoger dan c waar, zijn voorstellling laat ahw de grens zien van die waarneming.

Veranderd door ghrasp, 17 mei 2009 - 08:11


#5

Tommie1992

    Tommie1992


  • >25 berichten
  • 50 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 17 mei 2009 - 09:07

Oke, bedankt voor het reageren. Ik heb op een ander forum (science cafe nijmegen) vanaf iemand gehoort dat dit te maken heeft met de lengtecontractie die ik kan uitrekenen met de lorentztransformatie (die kotje volgens mij ook bedoelt met zijn formule?) . Erg bedankt voor het wijzen op mijn fouten kan ik nu weer verder leren!!! groetjes, tommie





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures