Springen naar inhoud

[fysica] vraag toelatingsexamen 2009, steen valt


  • Log in om te kunnen reageren

#1

nikske

    nikske


  • >250 berichten
  • 265 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:00

Goeiemorgen iedereen,...
Volgend vraagje baart mij kopzorgen daar ik geen manier vindt om ze op te lossen

Een steen valt vanaf 10 meter hoogte naar beneden. Het komt beneden met snelheid v. Vanaf welke hoogte moet de steen vallen om met een snelheid 2v beneden aan te komen?

Ik dacht je hebt geen massa, dus je moet de E pot en de E kin aan elkaar gelijkstellen?
Doch in praktijk lijkt me dat niet goed te lukken.

E pot = Ek ==> m.g.h = mv≤ / 2 ==> gh = v≤/2 ==> v = wortel (2gh) ==> Nu kan ik idd v wel berekenen.
maar wat moet ik dan doen? Dubbele v invullen in Ek, die energiewaarde berekenen ==> gelijkstellen aan E pot en daar h uitprutsen ??

Dus als ik dat doe heb ik

gh = v≤/2 ==> 100 * 2 = 200 = v≤

v = wortel (200) = 14.14

gh = v≤/2 ==> gh = 200/2 = 100. ==> 10.10 = 100 ==> dus h blijft gelijk ==> dat kan toch niet??

Mogelijke antwoorden zijn: 14,1;15;20;40 m

Alvast bedankt
Etiam capillus unus habet umbram suam.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44877 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:09

vergelijking voor eerste val:

m∑g∑10 = m∑v≤/2

los op voor v (herschrijf als v= .....)

dan voor tweede val:

m∑g∑h = m∑(2v)≤/2

vul voor v je expressie van de eerste oplossing in, en los op voor h.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#3

nikske

    nikske


  • >250 berichten
  • 265 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:14

Ik gebruik nu g = 10

m.g.10 = m.v≤.(1/2) ==> m.g.10.2/m = v≤ ==> g.20 = v≤ ==> 10.20 = 200 = v≤ ==> v = wortel (200) = 14.14

dan

m.g.h = m.(2v)≤/2 ==> m.10.h = m.(28.28)≤/2 ==> 10.h = 400 ==> h = 400/10 = 40.

idd, ik moet ergens een foutje gemaakt hebben mij mijn 2e vergelijking.

maar he: (28,28 )≤ , gaat nog, en laat staan wortel (200) van buiten kennen??
Etiam capillus unus habet umbram suam.

#4

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44877 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:28

laat eens gewoon v= ;) 20∑g staan als je gaat invullen voor de tweede ronde?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#5

nikske

    nikske


  • >250 berichten
  • 265 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:34

laat eens gewoon v= ;) 20∑g staan als je gaat invullen voor de tweede ronde?


inderdaad.

2(wortel 20g)≤ = 40g.

Mijn probleem is dat ik een wiskundige analfabeet ben en daardoor veels te onzeker ben van mezelf. Ik wil alles kunnen verifieren met getalletjes :P
Etiam capillus unus habet umbram suam.

#6

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44877 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 juli 2009 - 10:38

alleen, in de tweede ronde moet je voor v wel 2v invullen, en dat kwadrateren levert 4v≤.....

h= (2 ;) 20∑g)≤/2
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures