Springen naar inhoud

Kation van koh en naoh


  • Log in om te kunnen reageren

#1

JohnB

    JohnB


  • >250 berichten
  • 711 berichten
  • VIP

Geplaatst op 27 augustus 2009 - 22:57

Onlangs was er discussie in het onderwerp [chemie] pH verlagen in het huiswerk forum over het effect van het kation van NaOH en KOH op de baseconstanten.

Vandaag heb ik in dit onderwerp geleerd dat bepaalde ionen hydrateren en daarmee een zuur kation vormen.

Stel we hebben het kation van kalium en natrium met bijbehorende Kz. Hoe neem je het effect van het kation mee in de baseconstante?

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Skyliner

    Skyliner


  • >100 berichten
  • 247 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 september 2009 - 13:51

eerst: de invloed van zouten op de pH van een oplossing is te wijten aan de hydrolyse van het kation of van het anion.
2: sommige ionen hydrolyseren niet.
3: Naar mijn weten zijn zuurresten (anionen)van sterke zuren zeer zwakke basen, zoals eerder al vermeld in de discussie (NO3-, Cl-, Br-, MnO4-,etc.)
4: Ook de kationen van sterke basen be´nvloeden de pH niet! dus kalium (K) en natrium (Na) ook niet.
5: de anionen en kationen van ZWAKKE ZUREN EN BASEN be´nvloeden de pH wel degelijk. Voorbeelden: F- + H2O -> HF + OH-
, S2- + H2O -> HS- + OH-, Zn2+ + H2O -> ZnOH+ + H+, Al3+ + H2O -> AlOH2+ + H+

vier soorten zouten: (1) noch anion, noch kation hydrolyseren, (2) alleen het kation hydrolyseert, (3) alleen het anion hydrolyseert, (4) anion Ún kation hydrolyseren.

volgens mij mag je altijd van deze theorie op aan. indien er randgevallen zijn, dan reikt dat buiten mijn kennis van chemie :eusa_whistle: ik ben ook maar een eerste jaars.

#3

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8935 berichten
  • VIP

Geplaatst op 03 september 2009 - 14:47

Als je gaat zoeken op het verschil in Kz tussen oplossingen van NaOH en KOH dan kom je niet snel verder dan wat schimmige literatuur.

In eerste aanleg heeft het tegenion geen effect. De pH van een 1M NaOH-oplossing is 14, en die van een 1M KOH-oplossing ook.

Ga je echter wat dieper op de materie in, dan komen er wat andere zaken om de hoek kijken:

1. pH is niet -log [H+]. De pH is gedefinieerd als -log aH+, waarbij a staat voor de activiteit. Voor verdunde oplossingen geldt dat de activiteit doorgaans gelijk is aan de concentratie, maar voor geconcentreerde oplossingen is dat geenszins het geval.

2. Op moleculair niveau zijn er verschillen aan te duiden tussen oplossingen met K+ en oplossingen met Na+. Beide ionen verschillen in straal en zullen dus ook een verschillend aantal watermoleculen in hun watermantel hebben. In een oplossing met K+ zullen er in verhouding minder watermoleculen over zijn in het oplosmiddel. Voor verdunde oplossingen maakt dit geen klap uit, maar bij 1 mol per liter wel: Een ion als K+ heeft ongeveer 6 tot 8 watermoleculen in de eerste hydratatielaag (er is ook nog een tweede). Voor een 1 M oplossing komt dit dus overeen met 7 mol watermoleculen die direct betrokken zijn bij de hydratatie van K+, terwijl 1 liter water overeenkomt met 55 mol. Dat is natuurlijk een significante hoeveelheid, en verschillen tussen Na+ en K+ kunnen bij die concentraties een rol spelen.

Deze effecten zijn helaas niet te kwantificeren. De precieze moleculaire processen zijn grotendeels onbegrepen, en voorzover ze begrepen zijn, leveren ze vooral een kwalitatief antwoord.


Tot zover K+ en Na+. Voor een aantal andere ionen geldt dat ze een specifieke interactie hebben met water. Zo vormen Fe3+ en Al3+ een complex met H2O via een co÷rdinatiebinding (een aantrekking tussen de vrije elektronenparen op het O-atoom en de positieve lading van de ionen). Deze complexen, [Fe(H2O)6]3+ en [Al(H2O)6]3+ reageren als een zuur, omdat ze door afsplitsing van een H+ ion een deel van de positieve lading van het complex kwijt kunnen raken.


Het betreft hier dus 2 losstaande effecten. Het eerste wordt veroorzaakt door een zwakke, niet erg specifieke interactie die verder ook niet erg van invloed is, behalve in cijfers achter de komma wanneer het geconcentreerde oplossingen betreft. Het tweede is een sterker effect, veroorzaakt door een specifieke interactie en heeft een behoorlijke invloed. Je kunt de pH van een oplossing van zo'n complex meten, en de pKa bepalen op dezelfde manier als je dat van andere zuren doet. Voor een aantal metaalcomplexen staan de pKa's ook in Binas.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#4

Skyliner

    Skyliner


  • >100 berichten
  • 247 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 september 2009 - 15:25

ik ga akkoord. Over het eerste stuk dat je aanhaalde, dierf ik me niet uitspreken, omdat hier vooral nog veel onderzoek naar gedaan wordt, en heel wat dingen nog niet begrepen zijn.

En dat van die co÷rdinatieverbindingen, las ik overlaatst ook eens. Het is bizar hoe sommige moleculen en complexen gevormd worden. Als ik me niet vergis, zijn het meestal (altijd?) transitiemetaalionen die de binding aangaan met watermoleculen. zoiets noemt men monodentaatgroepen.

#5

Ensiferum

    Ensiferum


  • >250 berichten
  • 662 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 september 2009 - 15:49

Als ik me niet vergis, zijn het meestal (altijd?) transitiemetaalionen die de binding aangaan met watermoleculen. zoiets noemt men monodentaatgroepen.

Aluminium is wel geen transitiemetaal.

#6

Skyliner

    Skyliner


  • >100 berichten
  • 247 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 september 2009 - 16:06

niet altijd dus. ja beetje slordig in het lezen, sorry





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures