Springen naar inhoud

Ease vergelijking


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Pippin6

    Pippin6


  • 0 - 25 berichten
  • 5 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 november 2009 - 19:19

Beste forum leden,

Allereerst wil ik even mededelen dat ik nieuw ben.
Mijn beste vakken zijn Engels en Scheikunde.
Nederlands en Wiskunde kan ik van geen kanten.

Nu moet ik deze vergelijking oplossen, maar ik wil hem ook snappen.
Kunnen jullie hem misschien uitleggen, en beantwoorden?

Met voorbaat dank :eusa_whistle: .

De vergelijking:
28,8 = 5,76 a + 2,4 b

Groeten, Jordy.

Veranderd door Pippin6, 24 november 2009 - 19:21


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

TD

    TD


  • >5k berichten
  • 24049 berichten
  • VIP

Geplaatst op 24 november 2009 - 19:25

Oplossen naar wat...? Er staan twee onbekenden in, a en b. Is dit de volledige opgave/omschrijving?
"Malgré moi, l'infini me tourmente." (Alfred de Musset)

#3

dirkwb

    dirkwb


  • >1k berichten
  • 4172 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 november 2009 - 19:28

Een ease vergelijking? :eusa_whistle:
Quitters never win and winners never quit.

#4

Xenion

    Xenion


  • >1k berichten
  • 2606 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 november 2009 - 19:29

Er staan 2 veranderlijken in die vergelijking.

Je kan ze oplossen naar a = ... of naar b = ...

Wat is er precies gevraagd?

#5

Charelke_

    Charelke_


  • >25 berichten
  • 35 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 november 2009 - 19:56

Je kan hier enkel oplossen naar a of b. Je zal de regeltjes wel kennen hoe je naar het rechter -en linkerlid moet plaatsen.

#6

bsfa

    bsfa


  • >100 berichten
  • 114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 24 november 2009 - 20:10

Of zijn a en b gehele getallen?
Dan is een oplossing dat a 5 is.
Er is in ieder geval nog een oplossing.

Bert

#7

dirkwb

    dirkwb


  • >1k berichten
  • 4172 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 november 2009 - 20:14

Of zijn a en b gehele getallen?
Dan is een oplossing dat a 5 is.
Er is in ieder geval nog een oplossing.

Bert

Nee, als je een willekeurige a kiest dan is er een b die erbij hoort.
Quitters never win and winners never quit.

#8

TD

    TD


  • >5k berichten
  • 24049 berichten
  • VIP

Geplaatst op 24 november 2009 - 20:20

Laten we maar eerst even een reactie van Pippin6 afwachten, want de opgave is onduidelijk zo.
"Malgré moi, l'infini me tourmente." (Alfred de Musset)

#9

Pippin6

    Pippin6


  • 0 - 25 berichten
  • 5 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 november 2009 - 23:36

Het was alsvolgt:

Jan trapt een bal verticaal omhoog.
De bal komt 28,8 meter hoog.
Deze hoogte wordt na 2,4 seconde bereikt.
De formule van de hoogte is van de vorm h = at^2 + bt.
Hierin is de hoogte h in meters, en de tijd t in seconden.
Bereken a en b.

Volgens mij is het dan:
28,8 = a 5,76 + b 2,4 => 28,8 = 5,76 a + 2,4 b

Hoe pak ik dit aan?
En hoe los ik dit op??

Groeten, Jordy.

#10

TD

    TD


  • >5k berichten
  • 24049 berichten
  • VIP

Geplaatst op 24 november 2009 - 23:40

Ken je niet nog op een ander moment (t-waarde) de precieze hoogte (h-waarde)?
"Malgré moi, l'infini me tourmente." (Alfred de Musset)

#11

Safe

    Safe


  • >5k berichten
  • 9899 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 24 november 2009 - 23:45

Het was alsvolgt:

Jan trapt een bal verticaal omhoog.
De bal komt 28,8 meter hoog.
Deze hoogte wordt na 2,4 seconde bereikt.
De formule van de hoogte is van de vorm h = at^2 + bt.
Hierin is de hoogte h in meters, en de tijd t in seconden.
Bereken a en b.

Volgens mij is het dan:
28,8 = a 5,76 + b 2,4 => 28,8 = 5,76 a + 2,4 b

Hoe pak ik dit aan?
En hoe los ik dit op??

Groeten, Jordy.

Op 28,8 m is de (verticale) snelheid 0.
Wat geeft de formule van de snelheid, bepaal deze formule.

#12

Pippin6

    Pippin6


  • 0 - 25 berichten
  • 5 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 november 2009 - 00:46

Ik schreef nu de opdracht precies uit mijn boek over, meer kan ik er ook niet van maken.

#13

*_gast_Bartjes_*

  • Gast

Geplaatst op 25 november 2009 - 01:39

Ik schreef nu de opdracht precies uit mijn boek over, meer kan ik er ook niet van maken.


Omdat h(t) = at2 + bt een parabool als grafiek heeft, ligt de top precies in het midden van de twee nulpunten. Wanneer ligt de bal dus weer op de grond?

#14

Safe

    Safe


  • >5k berichten
  • 9899 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 25 november 2009 - 09:56

Begrip snelheid nog niet geleerd ...?
Volg de aanwijzing van Bartjes.

Vraag: waarom heet dit een ease-vergelijking (domme vraag?).

Veranderd door Safe, 25 november 2009 - 09:56


#15

Pippin6

    Pippin6


  • 0 - 25 berichten
  • 5 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 november 2009 - 11:51

ik weet de 0 punten niet.





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures