Springen naar inhoud

mengraadsel meststoffen


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Daffidj

    Daffidj


  • >25 berichten
  • 36 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 26 juni 2010 - 11:51

2) Een groothandel in meststoffen heeft 3 soorten tuinmest:

  • Een eerste soort A met 5 % stikstof, waarvan er nog 4000 kg voorradig is;
  • Een tweede soort B met 10 % stikstof, waarvan er nog 1500 kg voorradig is;
  • Een derde soort C met 20 % stikstof, waarvan er nog 8000 kg voorradig is.
Er komt nu een bestelling van 1000 kg mest dat een stikstofgehalte van 15% moet hebben. Men mengt daarom de 3 soorten meststof met elkaar. Omwille van de voorraad wil men van soort C tweemaal zoveel gebruiken als van soort A. Hoeveel kg van soort B gebruikt men dan in die mengeling?

  • 0
  • 100
  • 150
  • 200
Verborgen inhoud
Antwoord A.


Stel een vraag over deze oefening.

(Herkomst: simulatie-examen EMSA 2009)

Ik heb er uren aan liggen prutsen en rekenen, en er komt maar geen zinning antwoord van mijn kant... Kan iemand me helpen aub?
Ik heb de bladeren met berekeningen niet meer, ik weet alleen nog dat B altijd negatief was in mijn uitkomst.
Maar ik had dus alles in een vergelijking gestoken en proberen op te lossen, zonder veel succes..

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 juni 2010 - 12:01

met 1 vergelijking red je dit niet.

maar met een stelsel van vergelijkingen wel.

je kunt er een opstellen voor de totale hoeveelheid van 1000 kg, eentje voor de hoeveelheid stikstof die daarin moet zitten, en nog eentje die de verhouding C/A weergeeft.

probeer eens die drie vergelijkingen op te stellen?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#3

Daffidj

    Daffidj


  • >25 berichten
  • 36 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 26 juni 2010 - 12:10

Dus ik heb:

A+B+C=1000

C=2A

0.05A + 0.1B + 0.2C = 150

.....

0.4A + 0.05A + 100 - 0.3A = 150

....

A=200
C=400
B=400

En dan is B=400, wat dus fout is...

#4

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 juni 2010 - 12:31

.... ik weet alleen nog dat B altijd negatief was in mijn uitkomst.

sorry, ik las hier overheen.

door c=2a te substitueren in je eerste vind je 3a+b= 1000 . ==> a= .... (uitdrukking met b) ....

dan substitueer je c=2a en vervolgens ....(uitdrukking met b).... in je derde vergelijking. En dan vind je nóg een oplossing.

Andere politiek wanneer je er eenmaal voor zit: als je er niet vlot genoeg uitgeraakt, c= 2a is snel genoeg gesubstitueerd, en kijk dan of je met een van de meerkeuze-antwoorden een kloppende oplossing maakt.

(en blijf beseffen dat niet altijd alle wiskundige oplossingen een betekenis hebben in de werkelijke wereld. ;) )
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#5

kellemanske

    kellemanske


  • 0 - 25 berichten
  • 1 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 04 juli 2010 - 17:55

Dus ik heb:

A+B+C=1000

C=2A

0.05A + 0.1B + 0.2C = 150

.....

0.4A + 0.05A + 100 - 0.3A = 150

....

A=200
C=400
B=400

En dan is B=400, wat dus fout is...


Je hebt je vergelijking verkeerd uitgewerkt.
0.4A + 0.05A + 100 - 0.3A = 150
0.4A -0.3 A + 0.05 A = 150-100
0.15A=50
=> A = 1000/3
=> B = 1000 - 3A = 1000- 3x 1000/3 = 1000-1000 = 0

Veranderd door kellemanske, 04 juli 2010 - 17:57






0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures