Springen naar inhoud

Oplosbaarheidsproduct van ijzer(ii)oxalaat


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Ali

    Ali


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 06 september 2010 - 21:55

hallo,

ik heb een vraagje. Nou eigelijk kom ik gewoon om hulp vragen omdat ik gewoon niet weet hoe ik het moet aanpakken.

want sinds een week geleden hebben wij van onze scheikunde docent allemaal verschillende scheikunde practica gekregen

ik had het volgende onderwerp

Bepaal de oplosbaarheids product van ijzer(II)oxalaat
Bepaal het oplosbaarheidsproduct van ijzer(II)oxalat
Herhaal de proeg bij teminsten 2 andere tempraturen tussen 0 en 40 graden celcuis.
Verklaar je uitkomsten en betrek daarbij het warmte-effect (dus welke kant van het evenwicht is exotherm?)
Ga eerst na wat het oplosbaarheidsproduct precies is.


als ik dit al lees denk ik ok.Waar moet ik beginnen. We hebben het oplosbaarheidsproduct niet eens gehad. Wel wat ecenwicht is en hoe het veranderd maar oplosbaarheids prodcut niet.
Ik weeet niet hoe ik de proef moet doen. Gewoon oplossen in water ? indicator? geen idee. en mijn uitkomsten verklaren. Ja het zal meer reageren al sde tempratuur stijgt (??)

ik ben niet zo super goed in scheikunde maar ik vind het wel erg leuk om te doen maar soms zoals nu loop ik even hard vast metg een idee kan iemand mij helpen??
](*,)

Veranderd door Jan van de Velde, 06 september 2010 - 22:02


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44848 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 06 september 2010 - 22:06

We hebben het oplosbaarheidsproduct niet eens gehad. Wel wat ecenwicht is en hoe het veranderd maar oplosbaarheids prodcut niet.

Kun je om te beginnen hier al wijs uit?
http://nl.wikipedia....aarheidsproduct
Dat praat daarna wat makkelijker.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#3

JWvdVeer

    JWvdVeer


  • >1k berichten
  • 1114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 06 september 2010 - 22:14

Het oplosbaarheidsproduct kun je nalezen op http://nl.wikipedia....aarheidsproduct. Het komt er in kort simpel op neer dat je de alle ionen die ontstaan bij het oplossen van een bepaalde stof met elkaar moet vermendigvuldigen.

Voor Fe2O3 onstaan bijv. 2 Fe3+-ionen en 3 O2--ionen. Dit levert het oplosbaarheidsproduct: LaTeX

Hoe zou dit voor jouw stof zijn?


Zoals je wellicht zult snappen zijn de stoffen hier de concentraties die van elke stof ontstaan. Als je dus maximaal n mol Fe2O3 in een liter water kunt oplossen, dan geldt: LaTeX . In de praktijk zijn deze getallen vaak een stukje kleiner (beetje in de orde van 10E-20 - 5).


Het is waarschijnlijk de bedoeling dat je gaat proberen om het zout op te lossen bij de verschillende temperaturen. En kijkt bij welke temperatuur je meer zout kunt oplossen. Dit moet je dan vervolgens verklaren aan de hand van of het zout bij oplossen warmte aan de omgeving onttrekt of juist afgeeft.

#4

Ali

    Ali


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 07 september 2010 - 14:36

ja ok. Ik heb vandaag op school gelezen wat een oplosbaarheidsproduct is, het is eigelijk het zelfde als een evenwichtsconstante maar dan bedoelt voor zouten.

1) maar die van ijzeroxalaat vind ik wat ingewikkelder. want de formule van ijzeroxalaat is FeC2O4 en/of FeC2O4.2H2O en dan vind ik wel verwarrend om daar de product van te nemen. Welke van de twee moet ik dan nemen?

krijg je dan ks= [Fe2+] . [Fe2+] . [C2O4(2-)] . [C2O4(2-)]= [Fe2+]2 . [C2O4(2-)]2 ??
Dus bij een mol per liter. 2^2 . 2^2= 8,0 M^4... (toch)

Dit lijkt mij het logische.. of moet die met FeC2O4.2H2O ...

2) ik denk dat we met een gewoon een liter werken dat rekent handiger. Maar moet er een indicator bij. Want volgens mij is ijzeroxalaat een erg zwak base en dan moet ik titreren met een sterk zuur. Dat gaat de hele andere kant op dan wordt het een zuur-base reactie dat niks te maken heeft met oplosbaarheidsproduct..

3)

Vrijdag moet ik mijn werkplan inleveren. Dus inleiding benodigdheden en werkwijze. En ik weet nu niet zo goed hoe ik de werkwijze moet formuleren. In eerste instantie oplossen in water. Of moet ik het eerste verhitten zoat alle 2H2O moleculen die aan de Fe vast zitten verdampen en dan pas op laat lossen in water? moet ik ook een indicator bij betrekken. En hoe gaat die kwantitatieve berekening/analyse dan. Want bij titreren kan je zo Iets X stellen en uitrekkenen maar bij oplossen? :D/ ](*,)

maar erg bedankt tot nu toe.

#5

JWvdVeer

    JWvdVeer


  • >1k berichten
  • 1114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 07 september 2010 - 18:53

krijg je dan ks= [Fe2+] . [Fe2+] . [C2O4(2-)] . [C2O4(2-)]= [Fe2+]2 . [C2O4(2-)]2 ??

Nee...
Schrijf eerst eens de oplossingsreactie van ferro-oxalaat op? Hoe groot is de concentratie van het mogelijke kristalwater wat je oplost nadat je het opgelost hebt in water?

ik denk dat we met een gewoon een liter werken dat rekent handiger.

Tja, mij ook... Moet volgens mij ook bij oplosproduct. Deze heeft namelijk geen standaardeenheid, maar is afhankelijk van het type stof.

Maar moet er een indicator bij. Want volgens mij is ijzeroxalaat een erg zwak base en dan moet ik titreren met een sterk zuur. Dat gaat de hele andere kant op dan wordt het een zuur-base reactie dat niks te maken heeft met oplosbaarheidsproduct..

Volgens mij geef je zelf al een antwoord op de vraag... Je zou overigens wel kunnen overwegen om te meten met een pH meter tijdens het oplossen. Wanneer de pH niet meer verder stijgt heb je een indicatie dat er niet meer zout oplost. Maar ik weet niet hoe goed dat gaat werken (ligt er een beetje aan hoe zwak de base is en of er nog andere vormen van deze base zijn).
Een andere manier is gewoon: Verhit een hoop water op een bepaalde gewenste temperatuur. Gooi er daana een overmaat van de ferro-oxalaat bij. Vervolgens pipeteer je een deel van de oplossing (waarbij je er uiteraard op let geen zout mee te nemen). En deze titreer je vervolgens of meet je de pH van. Deze proef staat of valt weer bij hoe sterk basisch het is.
En nog andere manier is om na het pipeteren de gepipeteerde hoeveelheid water droog te koken en vervolgens te kijken hoeveel zout je over hebt. Nadeel is waarschijnlijk dat het zout niet zo goed oplosbaar is en je dus eigenlijk hele grote hoeveelheden moet droogkoken om een beetje significant resultaat te krijgen.
Een nog andere manier is om te kijken of je de n van de twee ionen van de ferro-oxalaat kunt laten neerslaan met een ander zout, wat echter zelf goed oplosbaar is en bij oplossen een mooie kleur geeft of anders kan reageren met een indicator.

Kortom: vele mogelijkheden. Alleen is het een beetje afhankelijk van je vindingrijkheid welke je neemt.

Veranderd door JWvdVeer, 07 september 2010 - 19:00


#6

Ali

    Ali


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 07 september 2010 - 19:21

Dit is de oplossingreactie:

FeC2O4(s) --> [Fe]2+(aq) + [C2O4]2-(aq)

Ik denk dat de mogelijke concentraite kristal water volgens mij heel klein is omdat hij splits in ion en daardoor heeft hij geen rooster vorm meer en kunnen er geen kwistal watermoleculen tussen het rooster komen.

''Tja, mij ook... Moet volgens mij ook bij oplosproduct. Deze heeft namelijk geen standaardeenheid, maar is afhankelijk van het type stof.'' Ik snap niet zo goed wat u bedoelt. Het is toch handig om met 1 liter water te werken met oxalaat?

erg bedankt dat u de manieren zegt maar welke lijkt het u het beste en meest betrouwbare om uit te voeren? Want als je kwantitatief doet krijg je er een hoog cijfer voor. Maar ik kan me voorstellen dat je pipteert met zuren en base. Om de onbekende X uit te reken door aan het eind kruislinks te vermenigvuldigen maar hoe is pipteren met zouten dan? waar doel je dan op ?

ik ga morgen op school vragen hoe basisch ijzeroxalaat is.

#7

JWvdVeer

    JWvdVeer


  • >1k berichten
  • 1114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 08 september 2010 - 11:07

''Tja, mij ook... Moet volgens mij ook bij oplosproduct. Deze heeft namelijk geen standaardeenheid, maar is afhankelijk van het type stof.'' Ik snap niet zo goed wat u bedoelt. Het is toch handig om met 1 liter water te werken met oxalaat?

Als je Fe2O3 heb je de eenheid LaTeX . Echter als we het hebben over NaCl dan gaat het over de eenheid LaTeX . Kortom: de eenheid is niet hetzelfde. Maar je moet dus de invoer wel continue in molair houden.

Ik denk dat de mogelijke concentraite kristal water volgens mij heel klein is omdat hij splits in ion en daardoor heeft hij geen rooster vorm meer en kunnen er geen kwistal watermoleculen tussen het rooster komen.

Volgens mij is de concentratie water na het oplossen van het kristalwater juist heel groot (je moet namelijk ook het water meerekenen waarin opgelost wordt). Dat is dus zo goed als 1L/L ofwel, gewoon 1. Dus hoef je dat niet mee te nemen in je verhaal (vermenigvuldigen met 1 maakt geen verschil).
Daarnaast maakt het kristalwater ook geen onderdeel uit van het zout. Het wordt namelijk niet geioniseerd en gehydrateerd, terwijl de ionen waaruit het zout bestaan dat wel doen.

Maar ik kan me voorstellen dat je pipteert met zuren en base. Om de onbekende X uit te reken door aan het eind kruislinks te vermenigvuldigen maar hoe is pipteren met zouten dan? waar doel je dan op ?

Als je gewoon een overmaat van zout oplost in water met een bepaalde temperatuur, dan kun je dat water gewoon pipetteren. Je weet dan zeker dat in het gepipetteerde water de maximale hoeveelheid zout zit voor de desbetreffende temperatuur. Daarna kun je dit op de n of andere wijze titreren, droogkoken, of whatever je ook denkt dat een goede manier zou zijn.

Heeft opgelost ferro-oxalaat ook een kleur? Anders kun je mogelijk met de wet van Lambert-Beer nog wat doen...?!

Veranderd door JWvdVeer, 08 september 2010 - 11:10


#8

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8934 berichten
  • VIP

Geplaatst op 08 september 2010 - 11:27

Als je Fe2O3 heb je de eenheid LaTeX

. Echter als we het hebben over NaCl dan gaat het over de eenheid LaTeX . Kortom: de eenheid is niet hetzelfde. Maar je moet dus de invoer wel continue in molair houden.

Volgens mij is de concentratie water na het oplossen van het kristalwater juist heel groot (je moet namelijk ook het water meerekenen waarin opgelost wordt). Dat is dus zo goed als 1L/L ofwel, gewoon 1. Dus hoef je dat niet mee te nemen in je verhaal (vermenigvuldigen met 1 maakt geen verschil).


Ook de concentratie H2O wordt in mol/L aangegeven, en niet in L/L. Dat argument dat vermenigvuldigen met 1 geen verschil maakt, gaat dus niet op.
Wat wel opgaat is het volgende, en daarvoor moeten we eerst terug naar de oplosvergelijking. Die is:

FeC2O4.2H2O (s) <--> Fe2+ (aq) + C2O42- (aq) + 2 H2O (l)

Water is aanwezig als vloeistof. In iedere concentratiebreuk komen alleen de concentraties van de opgeloste stoffen terug. Terzijde: Daarom is er sprake van een oplosbaarheidsproduct. Vr de evenwichtspijl, dus wat normaal gesproken in de noemer komt te staan, staat alleen een vaste stof. In de noemer komen dus geen concentraties te staan, oftewel de noemer is 1.
Maar het H2O aan de rechterkant van de pijl komt dus ook niet terug in de concentratiebreuk. De waarde ervan doet er dus ook niet toe.

Daarnaast maakt het kristalwater ook geen onderdeel uit van het zout. Het wordt namelijk niet geioniseerd en gehydrateerd, terwijl de ionen waaruit het zout bestaan dat wel doen.


Kristalwater maakt wl onderdeel uit van het zout. Het zit ingebouwd in het rooster en maakt niet voor niets deel uit van de molecuulformule. Bij het oplossen komt het kristalwater vrij.

Als je gewoon een overmaat van zout oplost in water met een bepaalde temperatuur, dan kun je dat water gewoon pipetteren. Je weet dan zeker dat in het gepipetteerde water de maximale hoeveelheid zout zit voor de desbetreffende temperatuur. Daarna kun je dit op de n of andere wijze titreren, droogkoken, of whatever je ook denkt dat een goede manier zou zijn.


Droogkoken is geen handige optie. Je zult een deel van het kristalwater verliezen. Misschien alles, maar dat weet je niet zeker. Je kunt dus wel wat afwegen, maar dan weet je niet precies wat je afweegt.

En mogelijke andere methode is gebruik te maken van het feit dat het oxalaat-ion een reductor is.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#9

Ali

    Ali


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 september 2010 - 13:12

Ik zit in vwo 6 en ik ben in dit geval de laagste van jullie allemaal als het om scheikunde kennis gaat. Maar er wordt ik weet niet wie echt gelijk heeft?

1) FeC2O4.2H2O (s) <--> Fe2+ (aq) + C2O42- (aq) + 2 H2O (l)
Maar is het een heen en terug gaande reactie? onstaat er dan weer FeC2O4.2H2O (s) in water? waar ligt de evenwicht dan?
ofis het?

FeC2O4(s) --> [Fe]2+(aq) + [C2O4]2-(aq)

2)Want in mijn werkwijze moet ik wel de juiste reactie vergelijking hebben. en ook het oplosbaarheidsproduct.

En over de wet van Lambert-Beer. Welk appartatuur heb je daarvoor nog? En ik denk zelf dat het een optie is voor een middelbare school.

3) Maar marko mijn vraag is nog steeds wat is het meeste en betrouwbare manier om te werk te gaan. op middelbaar schoolniveau. Dus hightech apparatuur hebben we niet. En over dat oxalaat een reductor is welke Oxidator/indicator zou daarbij het beste kunnen passen en is dan een experiment met een reducotr en oxidator voor dit onderwerp het meest betrouwbare??

Vrijdag moeten we een werkplan hebben dat stap voor stap beschrijft hoe ik de proef doe. Niet dat ik nu om antwoorden vraag maar ja ik loop wel een beetje vast

#10

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8934 berichten
  • VIP

Geplaatst op 08 september 2010 - 13:58

Ik zit in vwo 6 en ik ben in dit geval de laagste van jullie allemaal als het om scheikunde kennis gaat. Maar er wordt ik weet niet wie echt gelijk heeft?

1) FeC2O4.2H2O (s) <--> Fe2+ (aq) + C2O42- (aq) + 2 H2O (l)
Maar is het een heen en terug gaande reactie? onstaat er dan weer FeC2O4.2H2O (s) in water? waar ligt de evenwicht dan?
ofis het?

FeC2O4(s) --> [Fe]2+(aq) + [C2O4]2-(aq)


Er is sprake van een oplosbaarheidsproduct dus is er sprake van een evenwichtsconstante dus is er een evenwicht. Er zal net zo lang ijzeroxalaat oplossen totdat de evenwichtsconcentraties zijn bereikt. Waar dat evenwicht ligt weet ik niet, dat is nu juist iets wat jullie moeten bepalen...
De onderste reactie is sowieso fout, ook al zou er geen evenwicht zijn, want je begint met FeC2O4.2H2O.

En over de wet van Lambert-Beer. Welk appartatuur heb je daarvoor nog? En ik denk zelf dat het een optie is voor een middelbare school.


Dat is nu typisch iets wat je gemakkelijk zelf vindt door zelf te zoeken, bijvoorbeeld met de term Lambert-beer. OFwel op dit forum (je bent niet de eerste gebruiker), ofwel met Google.

3) Maar marko mijn vraag is nog steeds wat is het meeste en betrouwbare manier om te werk te gaan. op middelbaar schoolniveau. Dus hightech apparatuur hebben we niet. En over dat oxalaat een reductor is welke Oxidator/indicator zou daarbij het beste kunnen passen en is dan een experiment met een reducotr en oxidator voor dit onderwerp het meest betrouwbare??


Ook dat is iets wat je zelf kunt opzoeken. De beste oxidator zal degene zijn die het vaakst wordt gebruikt, en dus de meeste "hits" geeft op bijvoorbeeld Google. Zoektermen (bijvoorbeeld): redox, titratie, oxalaat, oxaalzuur.

p.s. maak asjeblieft gebruik van [ chem]tags of sub- en superscript om molecuulformules weer te geven.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#11

Ali

    Ali


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 september 2010 - 18:03

ok.

Dus al dit de juiste vergelijking is:

FeC2O4.2H2O (s) <--> Fe2+ (aq) + C2O42- (aq) + 2 H2O (l)
Dan hoort daar de volgende evenwichtsconstante bij: Q=[Fe2+ (aq)].[C2O42- (aq)]
En dan ligt het evenwicht dus aan de rechter kant. Omdat er Fe2+ en C2O4^2- blijft ontstaan tot dat er op een gegeven moment er niks meer oplost in water en dan is het evenwichtsconstante bereikt.

maar dan kom ik niet uit de oplosbaarheidsporduct.

ik dacht namelijk: ks= [Fe2+] . [Fe2+] . [C2O4(2-)] . [C2O4(2-)]= [Fe2+]2 . [C2O4(2-)]2 maar dit klopt niet wat is er fout aan?

En over de oxidator ik dacht aan broomnitraat zodat broom en ijzer samen goed kunnen reagerenn en broom is ook de veiligste oxidator de rest boven ijzer aan oxidatoren is giftig of niet te verkrijgen. Of is er nog een betere optie?

maar ik snap nog steeds niet waarom ik een oxidator moet gebruiken als mijn proef luid: bepaal de oplosbaarheidsproduct van ijzer(II)oxalaat....

#12

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8934 berichten
  • VIP

Geplaatst op 08 september 2010 - 18:16

ok.

Dus al dit de juiste vergelijking is:

FeC2O4.2H2O (s) <--> Fe2+ (aq) + C2O42- (aq) + 2 H2O (l)
Dan hoort daar de volgende evenwichtsconstante bij: Q=[Fe2+ (aq)].[C2O42- (aq)]


Klopt. Maar je mag de (aq) weglaten.

En dan ligt het evenwicht dus aan de rechter kant. Omdat er Fe2+ en C2O4^2- blijft ontstaan tot dat er op een gegeven moment er niks meer oplost in water en dan is het evenwichtsconstante bereikt.


Dat is niet gezegd. Of het evenwicht links of rechts van de pijl ligt hangt af van waarde van de evenwichtsconstante en de hoeveelheid stof waar je over praat. Stel dat je 100 kg ijzeroxalaat hebt en een liter water, dan zal het grootste deel vanzelfsprekend niet oplossen. Het evenwicht ligt dan links. Maar stel dat je het over 1 microgram hebt, en 1 m3 water, dan zal het grootste deel vermoedelijk wel oplossen, en dan ligt het evenwicht rechts.

maar dan kom ik niet uit de oplosbaarheidsporduct.

ik dacht namelijk: ks= [Fe2+] . [Fe2+] . [C2O4(2-)] . [C2O4(2-)]= [Fe2+]2 . [C2O4(2-)]2 maar dit klopt niet wat is er fout aan?


Het oplosbaarheidsproduct volgt uit de evenwichtsvergelijking zoals de concentratiebreuk daar bij andere evenwichten uit volgt. Er is sprake van 1 Fe2+ en 1 C2O4^2-, dus die krijgen allebei exponent 1 in de uitdrukking voor het oplosbaarheidsproduct.

En over de oxidator ik dacht aan broomnitraat zodat broom en ijzer samen goed kunnen reagerenn en broom is ook de veiligste oxidator de rest boven ijzer aan oxidatoren is giftig of niet te verkrijgen. Of is er nog een betere optie?


Zoeken met Google, of op dit forum, dat is een betere optie.

maar ik snap nog steeds niet waarom ik een oxidator moet gebruiken als mijn proef luid: bepaal de oplosbaarheidsproduct van ijzer(II)oxalaat....


Om (de waarde van) het oplosbaarheidsproduct te bepalen moet je weten hoeveel er maximaal oplost. Je moet dus bepalen hoeveel ijzeroxalaat er in een verzadigde oplossing zit. Dat kan op 2 manieren:

1) Je doet een grote hoeveelheid ijzeroxalaat bij een bepaalde hoeveelheid water, en vervolgens isoleer je alles wat niet is opgelost, bijvoorbeeld door affiltreren en wegen. (moeilijk om op een nette manier te doen);
2) Je doet een grote hoeveelheid ijzeroxalaat bij een bepaalde hoeveelheid water, en vervolgens meet je hoeveel er is opgelost in het water. Je filtreert dan dus de rest af, en kijkt hoeveel er in het water zit. Dat kan door naar de Fe2+ ionen te kijken, of door naar de C2O42- ionen te kijken (of allebei). Uit de hoeveelheid die je dan bepaalt kun je afleiden wat de concentratie C2O42- en de concentratie Fe2+ ionen in die verzadigde oplossing is, en aan de hand daarvan bepaal je het oplosbaarheidsproduct.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#13

JWvdVeer

    JWvdVeer


  • >1k berichten
  • 1114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 08 september 2010 - 18:31

Een zout is een chemische verbinding bestaande uit positieve ionen (kationen) en negatieve ionen (anionen), die door de elektrostatische aantrekkingskrachten met elkaar zijn verbonden.

Een zout is een chemische verbinding bestaande uit positieve ionen (kationen) en negatieve ionen (anionen), die door de elektrostatische aantrekkingskrachten met elkaar zijn verbonden.

<meervoud zouten; scheikunde> verbinding die bestaat uit een metaal en een zuurrest

Kristalwater maakt wl onderdeel uit van het zout. Het zit ingebouwd in het rooster en maakt niet voor niets deel uit van de molecuulformule. Bij het oplossen komt het kristalwater vrij.

Tja, jouw woord tegen het hunne... En leg mij ook even het verschil uit waarom men het n zout noemt en het ander zouthydraat?

Dan hoort daar de volgende evenwichtsconstante bij: Q=[Fe2+ (aq)].[C2O42- (aq)]

Yep... ](*,)

1) Je doet een grote hoeveelheid ijzeroxalaat bij een bepaalde hoeveelheid water, en vervolgens isoleer je alles wat niet is opgelost, bijvoorbeeld door affiltreren en wegen. (moeilijk om op een nette manier te doen);

Of bekende hoeveelheid uitpipetteren nadat al het niet-opgeloste zout uitgezakt is.

Veranderd door JWvdVeer, 08 september 2010 - 18:36


#14

Marko

    Marko


  • >5k berichten
  • 8934 berichten
  • VIP

Geplaatst op 08 september 2010 - 19:16

Tja, jouw woord tegen het hunne...


Nee hoor. Zowel Van Dale als wikipedia stellen terecht dat een zout uit kationen en anionen bestaat, maar stellen nergens (ook weer terecht) dat er geen kristalwater in zou mogen voorkomen.

Sterker nog, www.wikipedia.nl toont op de pagina over zouten waar je quote vandaan komt een enorm kristal blauw kopersulfaat, CuSO4. 5H2O dus.

En leg mij ook even het verschil uit waarom men het n zout noemt en het ander zouthydraat?


Semantiek, woordspelletjes, ik weet het niet. En ik vind het ook niet belangrijk. Als je een zout hebt met kristalwater, dan krijg het kristalwater gratis en voor niks bij de kationen en de anionen in je rooster (of de kationen nu metalen zijn en of die anionen nu zuurresten zijn of niet). Het komt daarom ook terug in de oplosvergelijking. Dat die kristalwatermoleculen uiteindelijk niet in de vergelijking voor het oplosbaarheidsproduct komen te staan is een ander verhaal en staat daar los van.

Of bekende hoeveelheid uitpipetteren nadat al het niet-opgeloste zout uitgezakt is.


Eerst affiltreren. Dan weet je zeker dat je geen toevallig rondzwevende deeltjes meeneemt.

Maar nu terug on-topic. Want de TS is met dit soort gepraat niet geholpen.

Cetero censeo Senseo non esse bibendum


#15

JWvdVeer

    JWvdVeer


  • >1k berichten
  • 1114 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 08 september 2010 - 19:35

Sterker nog, www.wikipedia.nl toont op de pagina over zouten waar je quote vandaan komt een enorm kristal blauw kopersulfaat, CuSO4. 5H2O dus.

Zal best, maar er wordt niet van gezegd dat het 100% zout is o.i.d. Dus ik vind het niet zo heel erg overtuigend als ik eerlijk ben. Maar allez. Laten wij ons dan niet aan de semantiek wagen en zo lang er niet iemand is die hier met meer bewijsmateriaal kan spreken, dat wij ons er niet aan wagen.

Eerst affiltreren. Dan weet je zeker dat je geen toevallig rondzwevende deeltjes meeneemt.

Ten eerste vraag ik me af of het daardoor significant zal gaan afwijken. En het tweede wat ik me afvraag is hoe groot deze deeltjes zullen zijn en dus hoe groot de kans is dat ze alsnog niet meegenomen worden. Daarnaast kun je met filtreren ook nog een probleem hebben dat de ionen zich kunnen hechten aan het membraan en/of dat je vervuiling krijgt.

Ik vraag me overigens na dit topic nog steeds af welke mogelijkheden de TS heeft. Persoonlijk vind ik de werkwijze met de wet van Lambert-Beer de makkelijkste methode in dit geval. En naar mijn idee is die ook redelijk zuiver uit te voeren met goed materiaal (is geen dure methode, veel scholen hebben een apparaat waarmee je dit kunt doen). Bij titreren, droogkoken, handmatig oplossen, etc. zit er toch een veel grotere component van ervaring in je eindresultaat. Daarnaast heb je bij droogkoken dat je inderdaad niet zeker gaat weten of het echt drooggekookt is en moet je grote hoeveelheden hebben. Titreren heeft een moeilijkere berekening en je krijgt geen continue schaalverdeling, maar altijd een kleine overschatting die je ook verkleint door grotere hoeveelheden.





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures