Springen naar inhoud

3 weerstanden in serie, spanning telkens verhogen, welke eerst beschadigd worden?


  • Log in om te kunnen reageren

#1

clamore

    clamore


  • >100 berichten
  • 180 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 13 februari 2011 - 09:48

(2) men schakelt volgende drie weerstanden in serie met elkaar:
R1 = 16 Ω , R2 = 8 Ω, R3 = 4 Ω
Maximaal vermogen respectievelijk: 1 W, 0,4 W, 0,25 W
De serieschakeling wordt aangesloten op regelbare voeding waarvan spanning onbeperkt verhoogd kan worden. Als we de spanning geleidelijk opvoert, dan is de eerste weerstand die beschadigd wordt:

(antwoord = b : deze met waarde van 8 Ω)

Met de formule: P = UČ/R
ik begon bij spanning van 1 V, daarna 2 V, mr volgens mij is het R3 die eerste beschadigd wordt.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

EvilBro

    EvilBro


  • >5k berichten
  • 6703 berichten
  • VIP

Geplaatst op 13 februari 2011 - 10:26

Berekenen bij elke weerstand wat de stroom door die weerstand moet zijn zodat hij zijn maximaal toegestane vermogen verstookt.

#3

Xenion

    Xenion


  • >1k berichten
  • 2606 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 13 februari 2011 - 11:25

[i]Met de formule: P = UČ/R


Die spanning die je in die formule moet invullen is de spanning over 1 van die weerstanden. Je moet die dus nog berekenen met de formule van de spanningsdeler.

Het is eenvoudiger om de stroom te bepalen (aangezien die dezelfde is door alle weerstanden) en dan daaruit het vermogen te halen. (Zoals EvilBro ook aangeeft.)

#4

clamore

    clamore


  • >100 berichten
  • 180 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 13 februari 2011 - 11:29

Berekenen bij elke weerstand wat de stroom door die weerstand moet zijn zodat hij zijn maximaal toegestane vermogen verstookt.

dus P = IČ*R

R1 = 16 Ω , R2 = 8 Ω, R3 = 4 Ω
Maximaal vermogen respectievelijk: 1 W, 0,4 W, 0,25 W

voor (1) : 1 = IČ/16
<=> 16 = IČ ====> I = 4 A ====> U = I*R = 4*16 = 64 V

voor (2) : 0,4 = IČ/8 ====> IČ = 3,2 A ====> U = I*R = (wortel van 3,2)*8

voor (3) : 0,25 = IČ/16 = 4 ====> I = 2 A ====> U = I*R = 2*4 = 8 V

juist???

#5

EvilBro

    EvilBro


  • >5k berichten
  • 6703 berichten
  • VIP

Geplaatst op 13 februari 2011 - 11:52

dus P = IČ*R

hier zeg je LaTeX MAAL R (en dat is goed).

voor (1) : 1 = IČ/16

Hier ga je opeens DELEN door R (en dat is dus niet goed).

Veranderd door EvilBro, 13 februari 2011 - 11:53






0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures