Springen naar inhoud

[Scheikunde] Vraag i.v.m. chemisch rekenen.


  • Log in om te kunnen reageren

#1

chemie-vragen

    chemie-vragen


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 februari 2011 - 21:18

Eerst en vooral even me voorstellen: Ik ben hier nieuw zoals je ziet.
Naam: niet van belang
Leeftijd: 17jaar
Richting: Moderne wetenschappen 4aso

En nu over mijn vraag:
Wij zijn begonnen met chemisch rekenen en ik ben niet mee.
We hebben een taak gekregen en het lukt me helemaal niet. ;)

Dit zijn de vragen:

Een zilveren muntstuk weegt 3,07g. Men laat het reageren met salpeterzuur. Er ontstaat hierdoor een oplossing van zilvernitraat. Door toevoeging van voldoende natriumchloride slaat al het zilver neer als zilverschloride. De massa van het neerslag bedraagt 3,72g. Hoeveel % zilver (aantal g per 100g) bevat het munstuk?


Men laat 8,00g calciumcarbonaat reageren met een geconcentreerde waterstofchloride-oplossing die 432g HCL/l bevat.

a) Hoeveel ml HCL - oplossing heeft men nodig?
b) Hoeveel g calciumionen bevat de bekomen oplossing?

CaCO3 + HCl -> CaCl2 + CO2 + H2O

Deze begrijp ik helemaal niet.

Tijdens het maken van wijn treedt er gisting op van druivensuiker onder invoed van de gistcellen die op de druivenschillen leven. Hierbij ontstaat ethanol en CO2. Bereken de massaconcentratie van ethanol in de wijn als de massaconcentratie (in g/l) van de suiker in de druiven 175g/l druivensap bedraagt.

Ik hoop dat jullie me kunnen helpen!
Alvast bedankt!

Veranderd door Kravitz, 24 februari 2011 - 21:33


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 februari 2011 - 21:33

Dit onderwerp past beter in het huiswerkforum en is daarom verplaatst. Verder wordt alles als dringend gezien en is het bijgevolg niet nodig om dit te vermelden.
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#3

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 februari 2011 - 21:54

Een zilveren muntstuk weegt 3,07g. Men laat het reageren met salpeterzuur. Er ontstaat hierdoor een oplossing van zilvernitraat. Door toevoeging van voldoende natriumchloride slaat al het zilver neer als zilverschloride. De massa van het neerslag bedraagt 3,72g. Hoeveel % zilver (aantal g per 100g) bevat het munstuk?

Hoever geraak je hier zelf mee? Waar loop je precies vast?

Men laat 8,00g calciumcarbonaat reageren met een geconcentreerde waterstofchloride-oplossing die 432g HCL/l bevat.

a) Hoeveel ml HCL - oplossing heeft men nodig?
b) Hoeveel g calciumionen bevat de bekomen oplossing?

CaCO3 + HCl -> CaCl2 + CO2 + H2O

Deze begrijp ik helemaal niet.

Wel, bij oefeningen over chemisch rekenen werk je steeds met een hoeveelheid mol. Je kan dus beginnen met berekenen hoeveel mol calciumcarbonaat er aanwezig is en wat de concentratie van de waterstofchloride oplossing is. Weet je hoe je dit doet?

Vervolgens stel je de reactievergelijking op.

CaCO3 (v) + HCl (aq) ../mods/chem/rightarrow.gif ??? + ???


Lukt het tot hier?

Tijdens het maken van wijn treedt er gisting op van druivensuiker onder invoed van de gistcellen die op de druivenschillen leven. Hierbij ontstaat ethanol en CO2. Bereken de massaconcentratie van ethanol in de wijn als de massaconcentratie (in g/l) van de suiker in de druiven 175g/l druivensap bedraagt.

Idem als de eerste vraag, vaak leer je meer wanneer je zelf iets uitwerkt dan wanneer iemand het je voordoet.
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#4

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 24 februari 2011 - 22:46

Begin eens hiermee:
[microcursus] het begrip "MOL"
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#5

chemie-vragen

    chemie-vragen


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 februari 2011 - 23:06

Hoever geraak je hier zelf mee? Waar loop je precies vast?


Wel, bij oefeningen over chemisch rekenen werk je steeds met een hoeveelheid mol. Je kan dus beginnen met berekenen hoeveel mol calciumcarbonaat er aanwezig is en wat de concentratie van de waterstofchloride oplossing is. Weet je hoe je dit doet?

Vervolgens stel je de reactievergelijking op.

CaCO3 (v) + HCl (aq) ../mods/chem/rightarrow.gif ??? + ???


Lukt het tot hier?


Idem als de eerste vraag, vaak leer je meer wanneer je zelf iets uitwerkt dan wanneer iemand het je voordoet.

1: Ik weet nit juist wat ik met die 3,72g moet doen.
2: Die is gelukt,denk ik.
3: Deze kan ik helemaal niet... Is er een formule voor suiker? Nooit van gehoord,niet geleerd.

En... dank U wel voor de hulp!

Begin eens hiermee:
[microcursus] het begrip "MOL"

Ooh,zal ik zeker naar kijken!
Zeer nuttig,zo te zien.
Dank U wel!

Veranderd door chemie-vragen, 24 februari 2011 - 23:06


#6

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 februari 2011 - 07:50

Voor iemand die echt chemisch rekenen "helemaal niet begrijpt" zijn dit best wel ingewikkelde sommetjes
naar wat overzichtelijkers? Kun je hiermee overweg?

In een elektrolyse-apparaat wordt water omgezet in waterstofgas en zuurstofgas. Als er 24 g zuurstofgas is ontstaan, hoeveel g waterstofgas kan ik dan aftappen?

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#7

chemie-vragen

    chemie-vragen


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 februari 2011 - 11:41

Voor iemand die echt chemisch rekenen "helemaal niet begrijpt" zijn dit best wel ingewikkelde sommetjes
naar wat overzichtelijkers? Kun je hiermee overweg?

In een elektrolyse-apparaat wordt water omgezet in waterstofgas en zuurstofgas. Als er 24 g zuurstofgas is ontstaan, hoeveel g waterstofgas kan ik dan aftappen?

Is dat zo? Ben nu wel op school,(wat rap gedaan).
2H2O->2H2+O2

M(H2O)=18g/mol
2mol H2O->1mol O2
36g 32g
1g
27g 24g

2mol H2O-> 1mol O2
4g 32g
1g
3g 24g

#8

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 februari 2011 - 14:31

Ik moet Jan van de Velde gelijk geven, er zijn heel wat makkelijkere oefeningen die het principe van chemische rekenen ook perfect uitleggen.

Laten we eerst ingaan op het oefeningetje met het elektrolyse-apparaat.

In een eerste stap ga je altijd een reactievergelijking opstellen. Dit heb je al correct gedaan. Vervolgens is het belangrijk om in te zien dat iedere reactievergelijking verhoudingen weergeeft.

2H2O ../mods/chem/rightarrow.gif 2H2 + O2

Daar staat dus eigenlijk dat 2 moleculen H2O uiteenvallen in 2 moleculen H2 en 1 molecule O2. Omdat het in praktijk onmogelijk is om met 2 moleculen water te werken doen we dit met miljarden moleculen tegelijk. 1 mol staat immers voor 6,02.1023 deeltjes. Meer informatie hierover staat in de microcursus zoals al eerder aangegeven.
Met andere woorden splits 2 mol H2O in 2 mol H2 en 1 mol O2.

In een volgende stap zet je alle grammen,volumes,etc... om naar mol-hoeveelheden. Bij oefeningen op chemisch rekenen werk je nooit met 'gram' maar altijd met 'mol'.

Probeer de oefening nog eens opnieuw en tracht in eerste instantie te berekenen met hoeveel mol zuurstofgas 24 g overeenkomt.
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#9

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 februari 2011 - 19:16

Toch is de uitkomst van chemie-vragen op mijn waterstofgasvraagje in orde, alleen kan ik me voorstellen dat je met deze aanpak bij ingewikkeldere meer-stappenvraagstukken vastloopt.

chemie-vragen "praat te weinig", goochelt teveel met alleen getalletjes, en dan raak je met ingewikkeldere meerstappenvraagstukken de weg kwijt.

overzichtelijker pak je dat z aan: (en let op, we rekenen vrijwel direct met Kravitz' suggestie om die mol erbij te halen)

2H2O ../mods/chem/rightarrow.gif 2H2 + O2

massa 1 mol O2 = 2 mol O x 16 g/mol = 32 g.

24 g is dus 24 (g)/32 (g/mol) = 0,75 mol O2.

Volgens de reactievergelijking ontstaan er voor elke mol O2 ook 2 mol H2
er ontstaat dus 2 x 0,75 = 1,5 mol H2.

molmassa H2 = 2 g/mol

er ontstaat dus 1,5 (mol) x 2 (g/mol) = 3 g H2

Zelfde uitkomst als chemievragen had, maar je houdt zo veel beter de draad vast.

Een zilveren muntstuk weegt 3,07g. Men laat het reageren met salpeterzuur. Er ontstaat hierdoor een oplossing van zilvernitraat. Door toevoeging van voldoende natriumchloride slaat al het zilver neer als zilverschloride. De massa van het neerslag bedraagt 3,72g. Hoeveel % zilver (aantal g per 100g) bevat het munstuk?


  • reactievergelijking van zilver met chloride tot natriumchloride
  • 3,72 g zilverchloride, hoeveel mol zilverchloride is dat?
  • hoeveel mol zilver is daarvoor nodig?
  • hoeveel gram zilver is dat?
  • hoeveel procent is dat van 3,07 g?

en vooral: bij elke stap: "praten", en om je sommetjes onderweg in orde te houden, hou je eenheden in de gaten .

Zie ook: [microcursus] formules herschrijven / vergelijkingen oplossen Hoofdstuk 7 eenhedenvergelijkingen
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#10

chemie-vragen

    chemie-vragen


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 25 februari 2011 - 20:30

Ik ben julie zeer dankbaar!
Maar,het probleem is dat het ons zo is aangeleerd... en nu is het ingewikkeld voor mij om dat op een andere manier op te lossen.
Maar,ik doe het zeker wel,proberen zeg maar!

#11

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 februari 2011 - 21:01

twee dingen die jou anders zijn aangeleerd zijn

1) dat je je sommetjes maakt mbv verhoudingstabelletjes,

daar is op zich niks op tegen, integendeel, omdat veel van het chemisch rekenwerk neerkomt op rekenen met verhoudingen is die methode zeker ook geschikt.

alleen moet je dan rondom je tabellen wat duidelijker uitleggen, vooral voor jezelf, wt je in die tabel aan het doen bent. want anders raak je geheid de weg kwijt, als je vervolgens met de resultaten uit de ene tabel moet gaan doorrekenen in een volgende tabel.

2) dat je zo snel mogelijk emt grammen wil rekenen ipv met mol-en.
Dat gaat nog leuk met mijn waterstofgasvraagje, dat wordt in ingewikkeldere gevallen vaak een probleem.

Dan nog, probeer die methode eens toe te passen op je zilveren munt, met wat meer uitleg bij elke stap die je zet?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures