Springen naar inhoud

Atoomtheorie


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 18 juli 2011 - 17:25

Hey allemaal.

Ik begrijp de theorie van de schillen niet helemaal.
Ik begrijp wel dat een atoom is omringd met schillen en dat al deze schillen een polariteit hebben.
Ik begrijp dat het periodieke systeem zo zit dat elke nieuwe rij 1 extra schil heeft.
Maar is er een manier om de schil van alle 118 elementen uit je hoofd te leren?
Als iets vervalt in het periodieke systeem, iets in dezelfde rij, dus evenveel schillen, wat gebeurt er dan met welke schillen?
En welke schil bepaalt de polariteit die het uiteindelijk heeft, ik denk zelf de buitenste.
mvg Liam.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 18 juli 2011 - 17:38

Ik begrijp wel dat een atoom is omringd met schillen en dat al deze schillen een polariteit hebben.

Ik weet niet wat je met de "polariteit van een schil" bedoelt....

Ik begrijp dat het periodieke systeem zo zit dat elke nieuwe rij 1 extra schil heeft.
Maar is er een manier om de schil van alle 118 elementen uit je hoofd te leren?


bedoel je zoiets?

bron
schillen.gif
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#3

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 18 juli 2011 - 19:43

Met de eerste bedoel ik het aantal protonen en elektronen.
En ik snap de tekening niet echt.
Waar dient de energy voor, en wat betekenn s p en d?

#4

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 18 juli 2011 - 20:13

Met de eerste bedoel ik het aantal protonen en elektronen.

Dan is het wijs omjezelf geen vreemde kretologie aan te leren, moet je dat later allemaal weer gaan afleren en dat is vaak lastig.

En ik snap de tekening niet echt.
Waar dient de energy voor, en wat betekenen s p en d?


Elke "schil" is opgedeeld in subschillen (bijvoorbeeld de derde "schil" in subschillen 3s, 3p en 3d, elk met hun eigen energieniveau's. Ik zeg "schil" omdat je dat niet als een letterlijke schil mag zien, het is maar een manier om het je voor te stellen. Dat plaatje geeft weer in welke volgorde de "schillen" worden opgevuld met oplopende elektronenaantallen. Als je de pijlen in dat plaatje volgt zie je dat subschil s van de 4e schil gevuld wordt vóórdat de subschil d van de 3e "schil" verder wordt gevuld.

Dit is overigens geen stof voor iemand die nog helemaal met scheikunde moet beginnen. Als je toch op je schoolstof vooruit wil gaan lopen is het misschien wijs om daar maar eens een schoolmethode voor aan te schaffen in plaats van van links en rechts wat losstaande onderdelen in te duiken. Zo'n schoolmethode is tweedehands ook wel redelijk betaalbaar te koop neem ik aan. Spannende zaken genoeg om te ontdekken als je bij het begin begint ;) .
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#5

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 18 juli 2011 - 23:00

Dan is het wijs omjezelf geen vreemde kretologie aan te leren, moet je dat later allemaal weer gaan afleren en dat is vaak lastig.



Elke "schil" is opgedeeld in subschillen (bijvoorbeeld de derde "schil" in subschillen 3s, 3p en 3d, elk met hun eigen energieniveau's. Ik zeg "schil" omdat je dat niet als een letterlijke schil mag zien, het is maar een manier om het je voor te stellen. Dat plaatje geeft weer in welke volgorde de "schillen" worden opgevuld met oplopende elektronenaantallen. Als je de pijlen in dat plaatje volgt zie je dat subschil s van de 4e schil gevuld wordt vóórdat de subschil d van de 3e "schil" verder wordt gevuld.

Dit is overigens geen stof voor iemand die nog helemaal met scheikunde moet beginnen. Als je toch op je schoolstof vooruit wil gaan lopen is het misschien wijs om daar maar eens een schoolmethode voor aan te schaffen in plaats van van links en rechts wat losstaande onderdelen in te duiken. Zo'n schoolmethode is tweedehands ook wel redelijk betaalbaar te koop neem ik aan. Spannende zaken genoeg om te ontdekken als je bij het begin begint ;) .

Ik hoor nu ook al van 2 mensen die ik ken dat scheikunde in de derde echt helemaal nergens op slaat.
Een paar onderdelen heb je al geleerd.
Andere delen zijn echt makkelijk.
1)Hoe kun je stoffen van elkaar scheiden?
2)Hoe kun je stoffen van fase laten veranderen?
3)Uit wat voor deeltjes zijn stoffen opgebouwd?
4)Wat zijn chemische reacties?
5)Hoe kun je van de ene stof een andere stof maken?
1)Door middel van extraheren, bezinken en afschenken, adsorberen, destilleren, indampen en nog meer volgensmij.
2)De temperatuur doet dat in meeste gevallen, niet bij zeep sublimeren want dan ruik je eraan en er blijven deeltjes zeep in je neus zitten.
3)Atomen, bij zouten zijn dit ionen.
4)Wat er gebeurd als je 2 of meerdere stoffen bij elkaar gooit.
5)Als het radioactief is, wachten tot het vervalt of meer/minder protonen bij de kern te doen.
Ik ben nu ook al van plan een boek voor 4 havo te kopen.
Al heb ik gehoord dat scholen achterlopen en dat we dit jaar eigenlijk 2 havo doen.
Maar dat zoek ik nog wel uit.
Een vriend van mij gaat ook een boek vooruitgaand kopen dus kan ik het ook lezen.
Zeg me wel als ik iets fout heb in mijn antwoorden.
En nog 1 laatste vraagje: Als ik meer protonen bij de kern doe zetten de andere ''schillen'' zichzelf recht met de hoeveelheid elektronen?
EDIT:In die tekening he, het eerste stofje met maar 1 subschil dat komt toch voor in de 2e rij van het periodieke systeem?
Die daarna ook, daarna 2 keer uit de derde rij en als laatst 2 keer uit de 4e rij toch?

Veranderd door Jemini, 18 juli 2011 - 23:11


#6

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 19 juli 2011 - 10:33

Zeg me wel als ik iets fout heb in mijn antwoorden.

Dag Jemini,
Dit gaat op deze manier grote verwarringen geven. Bijna alles wat je hier schrijft heeft minstens een klein, soms een groot misverstand, waarschijnlijk omdat je veel van wat je al las op je eigen manier en dan helaas ook wel eens half of helemaal fout interpreteert.

Zullen we eens helemaal opnieuw beginnen?

Elk atoom is opgebouwd uit maar 3 verschillende "bouwstenen".

Protonen en neutronen in de kern, elektronen in een "elektronenwolk" eromheen.

Neutronen hebben géén elektrische lading, protonen hebben een positieve elektrische lading, elektronen een even grote negatieve elektrische lading. Een gewoon atoom heeft evenveel protonen als elektronen, en is dus als geheel elektrisch neutraal.

In het heelal vinden we ongeveer 100 verschillende atomen, die gerangschikt staan in het periodiek systeem der elementen, ook wel de tabel van Mendelejev genoemd. Of een atoom bijvoorbeeld een koolstofatoom of een stikstofatoom is wordt bepaald door het aantal protonen in de kern. Dat kun je zien aan het atoomnummer. Door regel voor regel van links naar rechts door die tabel te gaan kom je steeds atomen tegen die één proton meer in de kern hebben dan de vorige:

mendelejev.png

IJzeratomen hebben bijvoorbeeld atoomnummer 26 omdat er 26 protonen in de kern zitten, zink heeft 30 protonen in de kern en dus atoomnummer 30. Zink met 29 protonen bestaat niet, Want door dat ene proton minder krijgt het atoom heel andere eigenschappen en kennen we het als koper (Cu).

Een atoomkern kan niet alleen uit protonen bestaan (tenzij er maar één proton hoeft te zijn). Die protonen hebben namelijk elk een positieve lading, en hopelijk weet je dat gelijke elektrische ladingen elkaar afstoten. Als je bijvoorbeeld 6 protonen bij elkaar zou proberen te proppen tot een "kern" zou die kern onmiddelijk na loslaten uit elkaar vliegen. De natuur lost dit op door neutronen in die kern te stoppen. Kerndeeltjes als protonen en neutronen kunnen elkaar namelijk ook aantrekken met wat we de "sterke kernkracht" noemen. Door neutronen toe te voegen wordt de afstotende elektrische kracht tussen de protonen kleiner omdat de protonen wat verder uit elkaar komen te liggen, en kunnen die kerndeeltjes toch voldoende dicht tegen elkaar liggen om elkaar middels die sterke kernkracht bij elkaar te houden. In een (stabiele) kern is er zo een evenwicht tussen afstotende en aantrekkende kracht. Héél simpel gezegd zou je kunnen stellen dat neutronen het "plaksel" zijn om de deeltjes in een kern bij elkaar te houden. Hoe meer protonen in een kern zitten, hoe meer neutronen nodig zijn om de zaak stabiel bij elkaar te houden.

Ten slotte, een "normaal" atoom is als geheel elektrisch ongeladen (neutraal). Elk "normaal" atoom heeft dus evenveel elektronen als dat het protonen heeft.

Op deze site zie je modelletjes van de 11 kleinste atomen.

http://web.visionlea...nimations.shtml

Let op, de plaatjes hebben een aantal grote fouten, expres gemaakt om de principes schematisch zichtbaar te kunnen maken.
  • de kern is véél te groot getekend t.o.v. het hele atoom, en elektronen zijn in het echt verhoudingsgewijs véél kleiner t.o.v. die protonen en neutronen. Zoiets is niet goed op schaal te tekenen. Zoudern we ons een proton voorstellen als een soort softbal met een diameter van ongeveer 10 cm, dan is de diameter van een elektron kleiner dan 0,1 mm (dus meer dan duizend keer zo klein)
  • die deeltjes hebben geen echte kleur
  • elektronen gaan NIET in nette planeetbaantjes in een plat vlak rondom die kern, maar zitten in een diffuse "wolk" véél verder van die kern vandaan. Op de schaal van het proton als die softbal zou die elektronenwolk zich op ruim 10 KILO ;) meter van de kern bevinden. Voor een beeld: Stel je de Noordoostpolder voor als een doorsnede van een atoom. Je loopt over de IJsselmeerdijk en af en toe vliegt er met enorme snelheid een speldepuntjesgroot elektronnetje voorbij. Dan loop je door een volslagen lege polder richting Emmeloord, en midden in dat dorp vind je een klompje softballen dat de kern van dat atoom is.

    nop.png


Ben je zover al helemaal mee?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#7

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 19 juli 2011 - 12:17

Voor zover snap ik het helemaal, denk ik.
Dus elk element, behalve anatomische (ik verzin even een naam voor stoffen die in de ruimte zijn gevonden zonder een atoom). hebben een kern met daarin protonen en neutronen, op schaal is de afstand tussen het hoopje protonen en neutron en de schillen best wel groot.
Er zitten in een ongeladen stof evenveel protonen als neutronen als elektronen.
En ik denk dat ik weet wat er gebeurt als een stof positief geladen word dat als een stof positief geladen wordt dat het dan een elektron verliest, dat moet eigenlijk wel want als je een proton erbij doet krijg je het volgende element.
Bij mij op school werd dat volgensmij ook zo uitgelegd maar wist het niet meer.
En dan geef ik een voorbeeld, ijzer (nummer 26) heeft 26 protonen en 26 neutronen in de kern (2 van de 3 bouwstenen).
Daaromheen zit de derde bouwsteen, de elektronen''schil(len)'' in dit geval zitten daar 4 ''schillen'' omheen met in totaal 26 elektronen.
Heb ik het zover goed?

Veranderd door Kravitz, 19 juli 2011 - 13:28
lange overbodige quote verwijderd


#8

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 19 juli 2011 - 19:17

Voor zover snap ik het helemaal, denk ik.
Dus elk element, behalve anatomische (ik verzin even een naam voor stoffen die in de ruimte zijn gevonden zonder een atoom)...//..

niet doen, "anatomie" betekent iets heel anders

hebben een kern met daarin protonen en neutronen,

OK

op schaal is de afstand tussen het hoopje protonen en neutron en de schillen best wel groot.

Er zijn geen schillen, er is een wolk van elektronen rond die kern

Er zitten in een ongeladen stof evenveel protonen als neutronen als elektronen.

over die aantallen neutronen hadden we nog niks gezegd. Komt nog.

En ik denk dat ik weet wat er gebeurt als een stof positief geladen word dat als een stof positief geladen wordt dat het dan een elektron verliest, dat moet eigenlijk wel want als je een proton erbij doet krijg je het volgende element.

De makkelijkste manier om een atoom te laden is inderdaad om er elektronen bij te proppen of eraf te peuteren.

En dan geef ik een voorbeeld, ijzer (nummer 26) heeft 26 protonen en 26 neutronen in de kern (2 van de 3 bouwstenen).

niet (noodzakelijk) 26 neutronen

Daaromheen zit de derde bouwsteen, de elektronen''schil(len)'' in dit geval zitten daar 4 ''schillen'' omheen met in totaal 26 elektronen.

en laten we ook nog even wachten met die "schillen".
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#9

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 19 juli 2011 - 21:57

niet doen, "anatomie" betekent iets heel anders
OK

Er zijn geen schillen, er is een wolk van elektronen rond die kern


over die aantallen neutronen hadden we nog niks gezegd. Komt nog.


De makkelijkste manier om een atoom te laden is inderdaad om er elektronen bij te proppen of eraf te peuteren.

niet (noodzakelijk) 26 neutronen

en laten we ook nog even wachten met die "schillen".

Ok maar wat nu, trouwens ik weet het fatsoenlijke begrip weer astrofysica.
En op die link van die site met atomen en hun ''schillen'' zaten evenveel elektronen als neutronen als protonen getekend.
En wat ga je me nu leren?

#10

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 20 juli 2011 - 00:25

En op die link van die site met atomen en hun ''schillen'' zaten evenveel elektronen als neutronen als protonen getekend.

Nét niet goed opgelet. Ga maar eens terug naar die site en kijk goed bij element nummer 3, lithium. 3 protonen dus, en ja, ook 3 elektronen, maar 3 neutronen?

En kijk eens goed naar de volgende, beryllium?

Enfin, laten we dus eerst het verschijnsel isotopen maar eens bekijken. Al eens kaartenhuizen gebouwd ;) ??

kaartenhuis1.png

Dit kaartenhuis valt zo makkelijk niet om, is redelijk stabiel. De kaarten proberen wel te vallen, duwen tegen elkaar, maar overal waar de kaarten elkaar raken zijn er wrijvingskrachten die voorkomen dat de kaarten te makkelijk gaan glijden. Geef er een duwtje tegen, en als de duw niet te groot is zakt het gewoon terug in zijn oorspronkelijk toestand. Dat wordt al een beetje minder als we er een kaart bijzetten:

kaartenhuis2.png

Door het extra gewicht aan de rechtse kant kan een klein duwtje aan de rechtse kant nu misschien wel genoeg zijn om die dubbele kaart langs de middelste naar beneden te laten schuiven en zo héél het kaartenhuis te laten instorten.

Door er een extra kaart plat bovenop te leggen zou je die instabiliteit al weer een klein beetje kunnen laten verminderen. Pas op, ook weer niet téveel gewicht er bovenop, want dán heb je weer kans dat de onderste staande kaarten onderuit gaan glijden:

kaartenhuis3.png

Hm, als je een ervaren kaartenhuisbouwer bent weet je dat het zelfs mogelijk is om er af en toe een kaart van tussen te trekken. Meestal wordt het er niet stabieler op, maar het kán wel zonder dat het ogenblikkelijk instort:
kaartenhuis4.png

Nou gedragen atoomkernen zich een beetje als deze kaartenhuizen. Met een zekere hoeveelheid kaarten kun je vaak wel een kaartenhuis bouwen. Soms levert dat een stabiel bouwsel op, soms wat minder stabiel. Zo kun je ook bij een zeker aantal protonen verschillende hoeveelheden neutronen hebben, met soms een stabiele, soms een instabiele atoomkern als resultaat.

Een lithiumkern heeft drie protonen. Een combinatie met 3 protonen en 3 neutronen geeft een stabiele kern, en meer dan 7% van de lithiumkernen in het heelal zien er zo uit. Het blijkt dat als je een neutron toevoegt dat "het kaartenhuis" nog steeds stabiel is. En ja, meer dan 92% van de lithiumkernen in het heelal hebben 3 protonen en 4 neutronen. Om een reden die ik ook niet ken is dat dus wel de favoriet van de natuur. Voeg nóg een neutron toe en dan gaat er iets faliekant mis. Dat kaartenhuis staat een beetje bibberig overeind, en zou je honderd van die kaartenhuizen hebben dan zou je zien dat binnen de seconde er een stuk of 50 instorten, dat er nóg een seconde later de helft van de rest ook instort en je er nog ongeveer 25 overhebt, weer een seconde later nog 12, dan 6 en na een tijdje niks meer. (de tijd die het duurt voor steeds de helft om in te storten noemen we de halveringstijd). Lithium met 3 protonen en 5 neutronen (totaal dus 8 deeltjes in de kern) is dus hartstikke instabiel.

Zo bestaan er dus van alle atomen die we kennen vormen met meer of minder neutronen, van heel stabiel tot heel instabiel. Die verschillende vormen, met meer of minder neutronen, noemen we isotopen van elkaar. Laten we maar zeggen dat alles er een beetje van afhangt van "hoe lekker de knikkertjes in elkaar passen". Beryllium, met 4 protonen en 5 neutronen is ook héél stabiel. Als daarvan al eens een kern uit elkaar valt hebben we dat in ieder geval nog nooit gemerkt. Maar schiet er een neutron van tussen en het restant is héél instabiel en valt vrijwel onmiddelijk uit elkaar in twee heliumkernen (met elk 2 protonen en 2 neutronen). Lukt het je echter om er 2 neutronen gelijk uit te schieten dan is het restant met 4 protonen en maar 3 neutronen juist weer een beetje stabieler, met een halveringstijd van 54 dagen. Dat past dus blijkbaar weer nét wat lekkerder.

Kleinere atomen zijn het stabielst met ongeveer evenveel protonen als neutronen. maar naarmate atomen groter worden kun je als algemene regel aanhouden dat hoe meer protonen je bij elkaar probeert te proppen, hoe meer neutronen je éxtra nodig hebt om het zaakje bijeen te houden. Bij nummer 26, ijzer, zijn er al 30 neutronen nodig voor de stabielste vorm (hoewel het met 28 ook nog goed lukt, al komen we die minder vaak tegen).

Nog groter en op den duur beginnen ook die neutronen aan weerszijden van het atoom zóver van elkaar te raken dat ze elkaar minder meehelpen om de boel bij elkaar te houden. Bismuth met nummer 83 is de grootste waarvan we een écht stabiele isotoop kennen. Daarboven is als grootste uranium met 92 protonen en 146 neutronen (238 deeltjes totaal in de kern, dat schrijf je als 238U) is nog redelijk stabiel met een halveringstijd van 4,5 miljard jaar. Maar bij alle denkbare atomen daarboven (de nummers 93 en volgende) kom je hier en daar nog wel eens een isotoop tegen met een halveringstijd van hoogstens een paar miljoen jaar, maar merendeels meestal hartstikke instabiele atomen die je dus in de natuur ook haast niet tegenkomt.

Kunnen we berekenen of een bepaalde combinatie van protonen en neutronen een stabiele of juist instabiele kern oplevert? Nou, ik niet ;) . Maar daarvoor hoef ik me niet te schamen. De wetenschap is nog lang niet zo ver.

Hoe dan ook, dat is in een notendop wel zo'n beetje de grote lijn van het verhaal van de isotopen. Voor de pure scheikunde van minder belang, maar wel heel belangrijk om een klein beetje te snappen hoe atomen opgebouwd zijn. Vooral om te beseffen dat de natuur écht niet zo rechtlijnig in elkaar zit als het soms wel eens lijkt.

goed, een paar oefeningetjes :P .

Neem de tabel van Mendelejev erbij (het periodiek systeem dus)
  • hoeveel protonen heeft een koper(Cu)atoom?
  • welke element heeft 11 protonen?
  • een atoom met totaal 37 deeltjes in de kern waarvan 20 neutronen, welk element is dat?

Hoog in de atmosfeer zijn er ook stikstofatomen, N, met 7 protonen en 7 neutronen. Als een los neutron afkomstig van kosmische straling botst met zo'n N-atoom blijft die erin hangen, maar knikkert er een proton uit.
  • Welk atoom is er nu ontstaan?
  • Hoeveel deeltjes heeft dat in totaal in de kern?
  • Hoe schrijven we dat dus in het kort? (denk aan de 238U die ik eerder noemde)
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#11

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 20 juli 2011 - 09:40

1)29 protonen.
2)Natrium(Na)
3) 37-20=17

1)Karboniet ©
2)6+8=14
3)14N Maar alleen als dit een isotoop is toch?
Of is een kern met een meer neutronen dan protonen altijd al een isotoop?
Mag ik je trouwens bedanken voor al je hulp?
Want dit is niet iets wat je zomaar doet.
Dus bij deze bedankt!

Veranderd door Kravitz, 20 juli 2011 - 12:39
lange quote verwijderd


#12

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44845 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 20 juli 2011 - 10:31

Het is zinloos om steeds een héle voorgaande post te quoten als je antwoordt. Een berg overbodig lees- en scrollwerk voor iedereen.


1)29 protonen. OK
2)Natrium(Na) OK
3) 37-20=17 En welke atoomsoort is dat dus, want dat was eigenlijk de vraag?

1)Karboniet ( C ) OK, maar waar haal je die rare naam carboniet vandaan? Nogmaals, ga asjeblieft geen eigen namen verzinnen voor van alles, daarmee ga je jezelf (en anderen) nog eens hopeloos in de war krijgen. Kijk maar eens hier: Bericht bekijken
14N Maar alleen als dit een isotoop is toch?
Of is een kern met een meer neutronen dan protonen altijd al een isotoop?[/quote]
Er is geen verschil tussen een atoom en een isotoop. We gebruiken het woord isotoop ook nooit zomaar los, zoals je het eigenlijk ook nooit hebt over "een tweelingzus", maar eventueel wel over "een tweelingzus van ......"
Voorbeelden van hoe je het woord isotoop in een zin gebruikt:
  • Er zijn meerdere isotopen van koolstof (dus kernen met 6 protonen maar verschillende hoeveelheden neutronen)
  • De 12C-isotoop is stabiel, de 14C-isotoop heeft een halfwaardetijd van 5730 jaar.
  • In uraniumerts vind je in hoofdzaak de isotopen 235U en 238U
[quote]Mag ik je trouwens bedanken voor al je hulp?[/quote]
Graag gedaan hoor. We zijn al langer van plan om een microcursusje "atoombouw voor beginners" te schrijven, maar dat komt maar niet echt van de grond. Misschien dat op deze manier in deze topic een skelet voor zo'n cursusje ontstaat.

OK, je weet nou dat een atoom uit drie bouwstenen bestaat.

Als we het aantal protonen variëren krijgen we verschillende atoomsoorten, die heel andere chemische kenmerken hebben. Het aantal protonen gebruiken we dan ook wel als het atoomnummer. Zuurstof heeft 8 protonen en dus atoomnummer 8.

Als we het aantal neutronen variëren krijgen we verschillende isotopen van zo'n atoomsoort, die zich chemisch (vrijwel) gelijk aan elkaar gedragen. Protonen en neutronen hebben een bijna gelijke massa. Als we de massa van een proton of neutron "u" noemen (afkorting van "unit") dan heeft een atoom met 204 deeltjes in de kern dus een massa van (ongeveer) 204 u . Dat getal noemen we dan ook het massagetal.

Met een combinatie van massagetal en atoomnummer weten we dus precies over welke isotoop van welke atoomsoort we het hebben.
Dat noteren we dan bijvoorbeeld zó:

LaTeX LaTeX

Hierin zijn zijn Pb en 82 eigenlijk een beetje dubbelop, want lood heeft altijd 82 protonen. Door het massagetal 204 weet je dat er in de kern van deze isotoop van lood totaal 204 deeltjes zitten, en dus 204-82 = 122 neutronen.

Kunnen we nu nog een ding variëren, en dat is het aantal elektronen.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#13

Jemini

    Jemini


  • >100 berichten
  • 141 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 20 juli 2011 - 17:52

3) 37-20=17 En welke atoomsoort is dat dus, want dat was eigenlijk de vraag?

Sorry even niet opgelet, dat is chloor.

1)Karboniet ( C ) OK, maar waar haal je die rare naam carboniet vandaan?

Sorry, koolstof.

3) 14N Euhm, wat zei je ook alweer bij vraag 1?

Dit snap ik niet helemaal, is mijn antwoord fout of goed?




Het is zinloos om steeds een héle voorgaande post te quoten als je antwoordt. Een berg overbodig lees- en scrollwerk voor iedereen.


1)29 protonen. OK
2)Natrium(Na) OK
3) 37-20=17 En welke atoomsoort is dat dus, want dat was eigenlijk de vraag?

1)Karboniet ( C ) OK, maar waar haal je die rare naam carboniet vandaan? Nogmaals, ga asjeblieft geen eigen namen verzinnen voor van alles, daarmee ga je jezelf (en anderen) nog eens hopeloos in de war krijgen. Kijk maar eens hier: http://en.wikipedia.org/wiki/Carbonite
2)6+8=14 OK
3) 14N Euhm, wat zei je ook alweer bij vraag 1?

sorry 14C ik moet ophouden met dit soort dingen snel maken.
Ik begrijp je volgende theorie.
Ben je toevallig leraar?
Je kan het in iedergeval beter dan al mijn docenten bij elkaar.





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures