Springen naar inhoud

Via grafiek constante van planck bepalen


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Nesta

    Nesta


  • >100 berichten
  • 112 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 oktober 2011 - 20:46

Hallo,

ik heb op school een practicum gedaan waarin we de remspanning bij verschillende frequenties moesten meten. Dit zijn de meetresultaten:

Frequentie (nm)
365
404,7
435,8
546,1
577

Remspanning (v)
-1,886
-1,558
-1,338
-0,774
-0,598


De formule:
hf = eV + W0
schrijf je om tot:
eV= hf - W0 (= V= h(f/e) - (w0/e)

Ik gebruik die eerste formule omdat dat makkelijker rekenen is maar als je die andere gebruikt krijg je hetzelfde antwoord dus dat maakt niet uit.

Dus wanneer je een grafiek met op de y-as de remspanning en op de x-as de frequentie hebt, dan is de helling van onze grafiek h.

Delta y = 1,288e = 1,288 x (1,602*10-19) = 2,063376*10-19
Delta x = 212 nm (of moet dat in meter? Als je dat doet krijg je een nog raarder antwoord...)

h= delta y/delta x = 9,732905*10-22

Dit komt niet eens in de buurt van de constante van Planck die 6.62606957◊10-34 is...

Zou het misschien kunnen dat het voltage in het echt veel kleiner moet zijn, en dat we dat dus verkeerd van het apparaat hebben gelezen? Ik weet niet hoe groot of klein een remspanning in het echt is dus ik kan daar niet over oordelen.

Kan iemand mij helpen?

Veranderd door Nesta, 29 oktober 2011 - 20:48


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Nesta

    Nesta


  • >100 berichten
  • 112 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 oktober 2011 - 21:03

Oh sorry ik ben er al achter...

ik moet natuurlijk wel eerst de golflengte omrekenen naar frequentie. Dan krijg ik als antwoord 1,5*10-34.
Dat lijkt er al een stuk meer op!

#3

kotje

    kotje


  • >1k berichten
  • 3330 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 29 oktober 2011 - 21:29

Applet:hier
Volgens mijn verstand kan er niets bestaan en toch bestaat dit alles?

#4

Nesta

    Nesta


  • >100 berichten
  • 112 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 oktober 2011 - 21:37

Ik heb trouwens wel nog een vraag over deze proef. Ik zal even een beetje proberen uit te leggen hoe de proef gaat.

We laten monochromatisch licht op een fotocel vallen, aan de fotocel zit een spanningbron. Als er licht op de fotocel valt worden er elektronen losgeslagen uit het metaal en die worden aangetrokken door de +-kant van de spanningsbron. Hierdoor gaat er een stroom lopen.

Nou moeten wij de spanning op laten lopen van 0 tot 30 volt in stapjes. Hierbij meten we de stroomsterkte die door het foto-elektrische effect gaat lopen. Dit doen we bij 3 verschillende diafragma's: 2, 4 en 8 mm.

De gevonden waarden van alle diafragma's zetten we in een grafiek met de stroomsterkte op de y-as en spanning op de x-as.
Nu blijkt, hoe groter de diafragma, hoe stijler de lijn loopt.

Nu moeten we hier een conclusie uit trekken..

Ik dacht zelf misschien dat door de grotere spleet, er meer licht en dus meer fotonen op het metaal vallen. Hierdoor is het verschil tussen de min-kant van de fotocel, en de plus-kant van de spanningbron groter en gaat er een grotere stroom lopen dan wanneer de spleet kleiner is.

Is dit juist?

#5

Bart

    Bart


  • >5k berichten
  • 7224 berichten
  • VIP

Geplaatst op 29 oktober 2011 - 22:44

Ik dacht zelf misschien dat door de grotere spleet, er meer licht en dus meer fotonen op het metaal vallen. Hierdoor is het verschil tussen de min-kant van de fotocel, en de plus-kant van de spanningbron groter en gaat er een grotere stroom lopen dan wanneer de spleet kleiner is.

Is dit juist?


Je zit in de goede richting, maar het is een beetje slordig geformuleerd.

Bij een grotere diafragma vallen er meer fotonen per tijdseenheid op de zonnecel. Een foton is een energiepakketje, fotonen per tijdseenheid is dus een vermogen. Dit vermogen wordt door de fotocel geabsorbeerd en wordt omgezet in elektrische energie.

De spanning ligt vast (die bepaal jij), het vermogen wordt bepaald door de grootte van het diafragma. P=VI, dus de stroom moet wel hoger zijn.
If I have seen further it is by standing on the shoulders of giants.-- Isaac Newton

#6

Nesta

    Nesta


  • >100 berichten
  • 112 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 30 oktober 2011 - 22:16

Dat is inderdaad beter geformuleerd, ik snap het dankjewel!





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures