Springen naar inhoud

NMR


  • Log in om te kunnen reageren

#1

suzyronsmans

    suzyronsmans


  • >25 berichten
  • 63 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 04 juni 2005 - 11:38

Ik denk dat ik de termen koppeling en multipletvorming niet goed begrijp.

Is het zo dat magnetisch equivalente protonen met elkaar koppelen, maar elkaar niet opsplitsen. En dat niet magnetische protonen eerst koppelen en dan nog verder kunnen opsplitsen? Het staat niet zo duidelijk in mijn cursus en ik geraak er echt niet veel wijs uit.

En dan nog iets, om koppeling te kunnen hebben, moeten de protonen dan chemisch equivalent zijn? Of is dit geen vereiste?

groetjes Peggy

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

rwwh

    rwwh


  • >5k berichten
  • 6847 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 04 juni 2005 - 11:57

Oei, dit is erg lang geleden voor mij, maar is het niet zo dat voor een J-koppeling twee atomen slechts een paar bindingen van elkaar moeten zitten, en dat voor multipletvorming ze equivalent moeten zijn?

#3

avn

    avn


  • 0 - 25 berichten
  • 8 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 04 juni 2005 - 14:52

In 1H-NMR kunnen protonen koppelen met naburige protonen die 2, 3, 4, (soms nog verder) bindingen van elkaar verwijderd zijn. Men gebruikt de term geminale koppeling voor de koppeling van 2 protonen op het zelfde koolstof atoom. Deze koppeling is echter enkel zichtbaar wanneer die 2 protonen in een verschillende magnetische omgeving zitten. Vicinale koppeling tussen naburige H atomen (2 naburige C's) zie je meestal. Maar die H's hoeven zeker niet in dezelfde magnetische omgeving te zitten. Soms kan die koppeling met een nog verder gelegen H atoom gebeuren maar die zijn meestal zeer klein.
De magnetische omgeving bepaalt de delta-waarde waar het signaal zich bevindt.
Al die verschillende koppelingen leiden tot vorming van de befaamde doubletten, tripletten,... , dxd,...,multipletten. Hoe meer verschillende koppelingen er zijn hoe ingewikkelder het patroon van die multipletten en vooral die opsplitsingen. (dxdxt, enz)

Veranderd door avn, 04 juni 2005 - 14:54


#4

suzyronsmans

    suzyronsmans


  • >25 berichten
  • 63 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 05 juni 2005 - 13:28

Als we bv CH3CH2OH hebben als molecule, dan geven de H's van de methylfunctie aanleiding tot een triplet en de H's van de methyleenfunctie aanleiding tot een kwartet?
(dus 2 vormen van een multiplet)

In mijn cursus staat er echter : " de H's van de methylfuctie en de H's van de methyleenfunctie behoren tot ťťn set en zijn bovendien magnetisch equivalent.
Onderlinge koppeling kan, maar ze geven geen aanleiding tot multipletvorming
(1 signaal voor de H's van de methylfunctie bij δ = 1,20 ppm, idem voor de H's van de methyleenfunctie bij δ = 3,40 ppm)"

Wat wil dit dan zeggen? Dat het triplet en kwartet geen aanleiding geven tot een verdere multipletvorming?
Of dat er gewoon geen triplet en kwartet ontstaan?

groetjes Peggy

#5

Dante_CF

    Dante_CF


  • >250 berichten
  • 592 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 05 juni 2005 - 13:33

ik zou toch denken dat er wel een triplet en kwartet ontstaan maar dat er geen koppeling optreedt omdat de omgevingen van de H's aan de methyl gelijk zijn en die aan de methyleen ook

#6

DrQuico

    DrQuico


  • >1k berichten
  • 2952 berichten
  • VIP

Geplaatst op 05 juni 2005 - 14:07

Als we bv CH3CH2OH hebben als molecule, dan geven de H's van de methylfunctie aanleiding tot een triplet en de H's van de methyleenfunctie aanleiding tot een kwartet?
(dus 2 vormen van een multiplet)

In mijn cursus staat er echter : " de H's van de methylfuctie en de H's van de methyleenfunctie behoren tot ťťn set en zijn bovendien magnetisch equivalent.
Onderlinge koppeling kan, maar ze geven geen aanleiding tot multipletvorming
(1 signaal voor de H's van de methylfunctie bij δ = 1,20 ppm, idem voor de H's van de methyleenfunctie bij δ = 3,40 ppm)"

Wat wil dit dan zeggen? Dat het triplet en kwartet geen aanleiding geven tot een verdere multipletvorming?
Of dat er gewoon geen triplet en kwartet ontstaan?

groetjes Peggy

In de cursus bedoelen ze waarschijnlijk dat de 3 waterstofatomen aan de methylgroep allen magnetisch equivalent zijn en dat de 2 twee waterstofatomen aan de methyleengroep magnetisch equivalent aan elkaar zijn. Hieruit volgt dat de 3 waterstofatomen elkaar niet opsplitsen, net als de 2 waterstofatomen aan de methyleengroep (2-bandskoppelingen). Hierdoor zul je alleen koppeling zien met de naburige waterstofatomen (3-bandskoppelingen). Deze zijn immers niet chemisch equivalent en daarmee niet magnetisch equivalent.

De methylgroep wordt dus een triplet door koppeling met de 2 waterstofatomen van de methyleengroep.
De methyleengroep wordt dus een kwartet door koppeling met de 3 waterstofatomen van de methylgroep.

#7

suzyronsmans

    suzyronsmans


  • >25 berichten
  • 63 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 05 juni 2005 - 19:35

Dank je wel voor alle hulp! Nu kan ik weer verder :)

Groetjes Peggy





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures