Springen naar inhoud

chemo luminiscentie


  • Log in om te kunnen reageren

#1

sjefke_CF

    sjefke_CF


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 augustus 2005 - 21:19

Hallo,

Ik ben bezig met een profielwerkstuk over chemoluminiscentie. Een deelvraag luidt wat nou precies de kleur licht bepaald. Ik weet dat kleur is gekoppeld aan het begrip golflengte maar hoe zorgt bijvoorbeeld luminol voor een blauwe gloed. Ik vermoed dat de ruimtelijke structuur van het molecuul hiervoor verantwoordelijk is maar hoe werkt dit precies?

Sjefke

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

DrQuico

    DrQuico


  • >1k berichten
  • 2952 berichten
  • VIP

Geplaatst op 03 augustus 2005 - 21:48

Welkom op het chemieforum!

De golflengte van het licht wat wordt uitgezonden hangt af van het energieverschil tussen de aangeslagen toestand en de grondtoestand. Wanneer er bij het terugvallen van de aangeslagen toestand naar de grondtoestand meer energie vrijkomt, dan gaat de kleur de blauwe kant op. Bij minder energie gaat de kleur de rode kant op.

Dit energieverschil is inderdaad afhankelijk van de opbouw van het molecuul. Chemiluminiscerende stoffen hebben in het algemeen een groot geconjungeerd pi-systeem (veel enkele en dubbele bindingen afgewisseld in het molecuul), ze zijn dan ook vaak grotendeels vlak. Hiernaast beïnvloeden functionele groepen aan het molecuul de chemiluminiscerende eigenschappen ook.
Het is zonder zware computerberekeningen niet goed mogelijk om precieze uitspraken over de luminiscerende eigenschappen van een onbekend molecuul te doen. Je kunt als je geoefend bent wel een redelijke inschatting maken.

#3

joepiedepoepie

    joepiedepoepie


  • >250 berichten
  • 311 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 04 augustus 2005 - 15:20

Luminol licht toch alleen op onder UV-licht? Dus weet je in ieder geval deze verschillen in energietoestanden als je de frequentie van het uv licht weet, dus met E= hv.

#4

sdekivit

    sdekivit


  • >250 berichten
  • 704 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 04 augustus 2005 - 15:57

de kleur van het licht wordt bepaald door de energie van het afgegeven foton. Hiervoor bestaat de volgende relatie:

E(f) = h * f = h * c / (golflengte)

Hierin is f de frequentie, h = constante van Planck en c = lichtsnelheid.

Veranderd door sdekivit, 04 augustus 2005 - 15:58


#5

DrQuico

    DrQuico


  • >1k berichten
  • 2952 berichten
  • VIP

Geplaatst op 04 augustus 2005 - 16:34

Luminol licht toch alleen op onder UV-licht? Dus weet je in ieder geval deze verschillen in energietoestanden als je de frequentie van het uv licht weet, dus met E= hv.


De absorptie golflengte is toch niet gelijk aan de emissiegolflengte. Het is mogelijk om een molecuul met licht van verschillende golflengten aan te slaan, zolang deze golflengte maar kleiner is dan die van de emissie. Het is dus niet zomaar mogelijk om op basis van de absorptiegolflengte de emissiegolflengte te bepalen.

Natuurlijk sla je het molecuul bij chemiluminiscentie niet aan met licht, maar met 'chemische energie'.

#6

Beryllium

    Beryllium


  • >5k berichten
  • 6314 berichten
  • Minicursusauteur

Geplaatst op 04 augustus 2005 - 18:42

Luminol licht toch alleen op onder UV-licht? Dus weet je in ieder geval deze verschillen in energietoestanden als je de frequentie van het uv licht weet, dus met E= hv.


De absorptie golflengte is toch niet gelijk aan de emissiegolflengte.

Ik denk dat wat joepiedepoepie bedoelt, is dat als je de optimale golflengte van absorptie weet, en de emissie, je kan beplane wat de energie is van de betreffende moleculaire toestanden.

Probleem is echter, dat je (1) niks verder komt als je dat energieverschil kent, hooguit is het leuk om te berekenen, en (2) worden de energieniveaus mede beïnvloed door de omgeving van het molecuul, dus is de exacte toestand bepalen alweer moeilijker geworden.

Het is mogelijk om een molecuul met licht van verschillende golflengten aan te slaan, zolang deze golflengte maar kleiner is dan die van de emissie.

Natuurlijk alleen als er een overgang in dat molecuul is dat overeenkomt met de energie van het invallende foton...

Voor de vraagsteller zal dit misschien een beetje ver voeren, maar als je wat meer wil weten, kijk eens op deze website. Hij is in het Engels maar geeft wel wat leuke voorbeelden en legt wat meer uit over de achtergronden van het proces van luminescentie.
You can't possibly be a scientist if you mind people thinking that you're a fool. (Douglas Adams)

#7

Fietsbel_CF

    Fietsbel_CF


  • 0 - 25 berichten
  • 8 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 21 augustus 2005 - 01:58

Ik ben de andere persoon van het pw over chemoluminiscentie.

Onze onderzoeksvraag is iets in de trend van; "Hoeveel fotonen zend één molecuul luminol uit bij een luminiscentiereactie".

Ik zat vandaag te denken. Als een elektron in aangeslagen toestand verkeerd, zeg n = 3, en terugvalt naar zijn grondtoestand. Emiteert dit elektron dan 1 of 2 fotonen? Dit vraag ik me af aangezien hij ook nog een tussenstap maakt in het 2e orbitaal (n = 2).
Als ik dit denkbeeld vertaal naar golflengtes (straling, in dit voorbeeld kleur), worden er 2 kleuren gemaakt (2 sprongen, 2 fotonen) of 1 kleur (sprong, 1 foton).

Hoe moet ik me dit voorstellen? Maak ik nu een fout omdat ik blijf hangen bij het simplistische "Bohr-model" van het waterstofatoom (ik mag toch aannemen dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen een waterstofatoom en een luminolmolecuul)?



Nu even wat vragen ed. over luminol.
Laten we voor de grap het reactiemechanisme van luminol er even bijhalen:

Geplaatste afbeelding

(Ik ga een poging wagen met mijn kleine beetje kennis het één en ander te verklaren :))

Men beginne met een luminoloplossing waar een base bij wordt gedaan (bijvoorbeeld een natriumhydroxide-oplossing). Geheel links.

(1) Er worden 2 protonen aan 2hydroxide-ionen gekoppeld en er vormt zich 2H2O. De negatieve ladingen blijven achter bij de stikstofatomen. Er onstaat een evenwichtsreactie waarbij het elektron resoneert tussen het zuurstof- en stikstofatoom.

Nou vraag ik mij het volgende af:
1. Waarom begint dit molecuul als een gek te resoneren?
2. Wat is het nut van deze reactie voor het gevolg van de luminiscentie?


(2) Nadat er waterstofperoxide bij de luminoloplossing is gedaan wordt het molecuul geoxideerd waarbij stikstof ontstaat. Het lijkt me dat deze waterstofperoxide aangrijpt aan het linkermolecuul van (1). Dit is tevens de fase waarbij het luminolmolecuul aan wordt geslagen.

3. Waarom prefereert H2O2 juist dit molecuul?
4. Wordt het elektron aangeslagen bij de 2 zuurstofatomen? Hoe gaat dit in zijn werk?


(3) Het luminolmolecuul verkeert weer in zijn grondtoestand nadat het een foton (of fotonen; dat is de vraag) heeft uitgezonden.

Nouja, dat was hem dan wel. Maar echt snappen doe ik het niet. Is hier iemand aanwezige die erg bekend is met dit onderdeel uit de scheikunde? Zoja, dan zou een goeie uitleg zeer welkom zijn! Waar ik misschien nog wel blijer van word; aanknopingspunten. Welke onderwerpen bijvoorbeeld moet ik nader onderzoeken om meer inzicht te krijgen in deze materie?

Veranderd door Fietsbel, 21 augustus 2005 - 02:04


#8

Fietsbel_CF

    Fietsbel_CF


  • 0 - 25 berichten
  • 8 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 augustus 2005 - 22:46

Whatever ..

#9

Beryllium

    Beryllium


  • >5k berichten
  • 6314 berichten
  • Minicursusauteur

Geplaatst op 29 augustus 2005 - 08:50

Whatever ..

Inderdaad...
Misschien zou ik nu niet meer de moeite moeten doen om te antwoorden, maar allé...


In 99.9% of meer vindt verval plaats onder uitzending van één foton, ook al is het elektron aangeslagen in een toestand >1. Eventueel verval naar de eerste aangeslagen toestand vindt nl. stralingsloos plaats.
Er komt dus per molecuul één foton vrij, dus ook één golflengte.

Wat betreft luminol, ik doe een paar pogingen:

1. Waarom begint dit molecuul als een gek te resoneren?

Omdat het molecuul mesomerie vertoont.

2. Wat is het nut van deze reactie voor het gevolg van de luminiscentie?

Ik neem aan dat het waterstofperoxide niet direct kan reageren met een -NH groep, en wel met een N-.

3. Waarom prefereert H2O2 juist dit molecuul?

Dat heeft vast en zeker met de lading te maken. Wat zou volgens jou de reden zijn?

4. Wordt het elektron aangeslagen bij de 2 zuurstofatomen? Hoe gaat dit in zijn werk?

Daar kan ik je niet mee helpen, dat weet ik niet.
You can't possibly be a scientist if you mind people thinking that you're a fool. (Douglas Adams)

#10

sjefke_CF

    sjefke_CF


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 31 augustus 2005 - 16:35

whatever Geplaatste afbeelding

#11

Fietsbel_CF

    Fietsbel_CF


  • 0 - 25 berichten
  • 8 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 31 augustus 2005 - 18:10

Mja, van dit topic worden we niet veel wijzer ... Althans, niet voor volgend jaar.



Hehe, gooi maar dicht ... : )

Veranderd door DrQuico, 31 augustus 2005 - 19:39


#12

Beryllium

    Beryllium


  • >5k berichten
  • 6314 berichten
  • Minicursusauteur

Geplaatst op 31 augustus 2005 - 20:39

Slotje? Waarom? Jij bent niet de topicstarter, bovendien laten we topics toch open staan, ook al zijn ze verder 'dood' (om wat voor reden dan ook).

Verder mag ik vast wel even zeggen dat ik je reactie een beetje flauw vind. Maar goed, dat zal wel weer aan mij liggen...
You can't possibly be a scientist if you mind people thinking that you're a fool. (Douglas Adams)





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures