Springen naar inhoud

golfmechanisch model


  • Log in om te kunnen reageren

#1

sfiew

    sfiew


  • >25 berichten
  • 34 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 27 november 2007 - 20:10

Hallo,

ik heb enkele vraagjes ivm het golfmechanisch atoommodel:

- dus een elektron is een deeltje maar ook tevens een golf, maar wanneer heeft het elektron een golfkarakter en wanneer een deelstjeskarakter?

- het elektron (als golf) is helemaal uitgesmeerd rond de kern als een negatieve elektronenwolk. Maar via de schrodingervergelijking berekent men dan de waarschijnlijkheid waar het elektron het meest voorkomt maar dan beschouw je het elektron toch niet meer als golf maar als een deeltje?

- ik begrijp ook niet hoe je de bolschilwaarschijnlijkheid;puntwaarschijnlijkheid kunt vinden van een bv. 2s-elektron. (grafieken met meeste waarschijnlijkheid (dus maxima) en nodale vlakken).

Dank bij voorbaat voor het beantwoorden van mijn vragen!!

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

rwwh

    rwwh


  • >5k berichten
  • 6847 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 27 november 2007 - 21:07

- Een elektron heeft golfkarakter als je het golfkarakter probeert te meten, en een deeltjeskarakter als je het deeltjeskarakter wilt meten. Dat is heel gek, maar zo komt het uit. Als je een interferentie-experiment doet, gedragen elektronen zich als golven. En als je ze wilt tellen, dan zijn het ineens deeltjes.

- De Schrödinger vergelijking levert een golffunctie op voor het elektron. Pas als je gaat meten waar het is, dan "floept" het elektron ineens van golf naar een deeltje met een positie.

- De waarschijnlijkheidsverdeling is eenvoudigweg het kwadraat van de golffunctie die een oplossing is van de Schrödingervergelijking. Overal waar de golffunctie nul is, is ook de kans het elektron aan te treffen nul. Dat zijn dus de nodale vlakken.

Overigens is in de kwantummechanica niet alles te "begrijpen" met een klassiek beeld. Bijvoorbeeld voor een 1s elektron ligt het maximum van de golffunctie op de kern..... En is het rotatiemoment nul. Moet je je dan eens indenken wat een onzin de klassieke beschrijving van een waterstofatoom is: het elektron heeft helemaal geen vaste hoogte, en draait bovendien helemaal niet rond de kern.....

#3

woelen

    woelen


  • >1k berichten
  • 3145 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 november 2007 - 14:27

Die golffunctie is toch complex? Dan is het kwadraat ook complex. Volgens mij is de waarschijnlijkheidsdichtheid evenredig met AĀ i.p.v. A[sub]2[sub] (met A gelijk aan de golffunctie), maar ik moet zeggen dat het voor mij al weer lang geleden is, dus helemaal zeker weet ik het niet.

Het feit dat het maximum van een golffunctie op een bepaald punt ligt zegt natuurlijk niet dat het deeltje daar het meeste is. Stel ik neem een heel klein bolletje om de kern, dan is de totale kans dat het 1s electron daar is nog steeds heel klein. Je praat hier over infinitesimalen.

Feit blijft dat het 'zonnestelselmodel' voor een atoom echt helemaal niet klopt, dat wordt vaak gebruikt om dingen te visualiseren, maar het is absoluut niet correct. Voor hogere orbitalen (p, d, f) is het helemaal waanzinnig ingewikkeld.

#4

sfiew

    sfiew


  • >25 berichten
  • 34 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 november 2007 - 17:40

Bedankt!, ik begrijp het al wat beter...

nog één vraagje:

hoe kun je weten waar het maximum ligt bv bij een 1s elektron op de kern ,waarom juist daar? Is het door de elektrostatische aantrekkingskracht tussen elektron en kern? En bij elektronen met hogere energie kunnen zijn dan geen maximum hebben op de kern door de afstotingskracht van andere elektronen? (hier beschouw je de elektronen als deeltjes hé?)

Veranderd door sfiew, 28 november 2007 - 17:42


#5

phj

    phj


  • >250 berichten
  • 497 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 november 2007 - 18:43

Die golffunctie is toch complex? Dan is het kwadraat ook complex. Volgens mij is de waarschijnlijkheidsdichtheid evenredig met AĀ i.p.v. A[sub]2[sub] (met A gelijk aan de golffunctie).

Dat lijkt mij een beetje raar.
Ik heb geleerd dat de waarschijnlijkheidsverdeling gelijk is aan het kwadraat van de golffunctie van Schrodinger, dus dat de waarschijnlijkheid om een elektron in een stukje orbitaal te vinden, gelijk is aan de integraal van psi2dr.
i2 is toch gelijk aan -1?

#6

rwwh

    rwwh


  • >5k berichten
  • 6847 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 28 november 2007 - 20:21

Die golffunctie is toch complex? Dan  is het kwadraat ook complex. Volgens mij is de waarschijnlijkheidsdichtheid evenredig met AĀ i.p.v. A[sub]2[sub] (met A gelijk aan de golffunctie).

Dat lijkt mij een beetje raar.
Ik heb geleerd dat de waarschijnlijkheidsverdeling gelijk is aan het kwadraat van de golffunctie van Schrodinger, dus dat de waarschijnlijkheid om een elektron in een stukje orbitaal te vinden, gelijk is aan de integraal van psi2dr.
i2 is toch gelijk aan -1?

Wilco heeft hier toch 100% gelijk: het is de golffunctie maal zijn complex geconjugeerde.





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures