Springen naar inhoud

vragen chemie uit farmacie


  • Log in om te kunnen reageren

#1

michiel mylle

    michiel mylle


  • 0 - 25 berichten
  • 1 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 08 augustus 2008 - 16:21

heb hier paar vraagjes uit een examen farmacie en zou de antwoorden echt wel kunnen gebruiken!

1) Is de smelttemperatuur hetzelfde bij een magnesium-zout als bij een magnesium-zuur? Waarom wel of waarom niet?
2) Je hebt NaCl, MgCl2 Na2HPO4 13 H20 in poedervorm, hoe maak je een atmosfeer met zo weinig mogelijk water?
3) je hebt een geneesmiddel in 2 vormen, de citraat vorm en de 1/2 citraat 3/2 H2O vorm, hoe weet je welke in welke oplossing zit?
4) een oplossing heeft een vriesT van -0,8°C mag men deze oplossing toepassen in oogdruppels?
5) je kreeg een structuur van een geneesmiddel met een ester in maar gaat niet afgebroken worden door hydrolyse uit experimenten blijkt wel dat er degradatie optreedt hoe kan dit ? welke experimenten voer je uit om dit na te gaan ? hoe ga je nagaan dat er geen hydrolyse optreedt of zoiets

Ik zou jullie zo dankbaar zijn:)

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Al Dehyde

    Al Dehyde


  • 0 - 25 berichten
  • 11 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 24 december 2008 - 19:26

1 Magnesium vormt een zout door zijn hoge PKa waarde. Het zal met een tegen element/molecuul met een lage pka waarde (bijv. een zuur)een zout vormen.
Een stelregel voor het vormen van farmaceutische zouten is dat er een pka verschil van minimaal 2 dient te zijn (zie Stahl Pharmaceutical salts).
De smelttemperatuur van farmaceutische zouten is moeilijk te voorspellen. Dit is afhankelijk van de manier hoe de atomen in het kristalrooster gerangschikt zijn en de onderlinge interactie tussen de atomen/moleculen.

2 Wat hebben de drie zouten te maken met de droge atmosfeer? In het algemeen is fosforpentoxide een goed droogmiddel. (Let op: het is corrosief!)

3 Als je weet hoeveel actieve stof er is opgelost dan kun je proberen te analyseren hoeveel citraat er in de oplossing zit. Dit is niet zo eenvoudig, mischien met titratie of ion chromatografie? Als hierna bekend is hoeveel citraat er in de oplossing zit, dan is te berekenen of de actieve stof één of een halve equivalent citraat bevat.
Met de vaste stof wordt de analyse een stuk eenvoudiger; smeltpunt, IR, NMR, HPLC, diffractie etc.

4 Geen flauw idee... Blijkbaar worden er nog meer toevoegingen aan de oplossing gedaan. Als deze ervoor zorgen dat het vriespunt wordt verlaagd, dan zou ik zeggen: waarom niet...

5 Wat bedoel je met deze vraag? Gaat het over een geneesmiddel die een estergroep in zijn actieve stof heeft?

(Door je vragen iets duidelijker te stellen zul je vast sneller antwoord krijgen. Als je examen echt uit zulke vragen bestaat, dan wens ik je veel sterkte... ;) )

#3

rwwh

    rwwh


  • >5k berichten
  • 6847 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 december 2008 - 13:08

Al: Sneller antwoord is natuurlijk niet de bedoeling op huiswerkvragen. Als mensen echt opgaven hebben die ze als oefening moeten maken hebben ze niets aan de antwoorden. We helpen mensen dan normaal gesproken stapsgewijze op weg!





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures