Springen naar inhoud

polair apolair


  • Log in om te kunnen reageren

#1

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 09:49

welke van de verbindingen is polair?
NH3
CCl4
H2SO4
HNO3

Welke van de volgende verbindingen is apolair?
CO2
CH4
Cl2
HCl

Dit heeft iets te maken met de elektronegativiteit. Maar hoe kan je dit (het snelst) bereken?
N 3
H 2,2
C 2,5
Cl 3
S 2,5
O 3,5

Heeft dit ook iets te maken met vb. bij CO2 dat O 2 keer voorkomt en C maar 1 keer?

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

JanMeut

    JanMeut


  • >1k berichten
  • 2116 berichten
  • VIP

Geplaatst op 25 mei 2009 - 09:59

Huiswerk?

Lees dan eerst eens je lesboek, daar staat ongetwijfeld in hoe je dit kan bepalen.
β-Damascenon en maneschijn

#3

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 10:14

Nee, dit zijn een paar voorbeeldvragen voor het exaam, maar in de cursus staat het nogal moeilijk uitgelegd. Daar kan ik niet zo goed aan uit.

#4

sradracer

    sradracer


  • >100 berichten
  • 157 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 10:18

http://nl.wikipedia.org/wiki/Polair

Lees dit maar eens door, dan moet je er wel uit kunnen komen denk ik.

#5

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 10:38

Dus HCl is polair
Voor die andere stoffen moet je dus een structuur tekenen?

#6

FrankB

    FrankB


  • >250 berichten
  • 281 berichten

Geplaatst op 25 mei 2009 - 10:56

Het heeft met de elektronegativiteit te maken, en meer het verschil daarvan. Het is altijd handig om de structuur te tekenen, want dan kan je goed zien of hij polair is of niet.

Als je moleculen hebt met verschillende atomen, verschilt bijna elk type atoom in elektronegativiteit. Hoe groter het verschil, hoe polairder over het algemeen. Echter als de structuur symmetrisch is zoals bijvoorbeeld teflon (tetrafluor etheen) is de 'balans' in evenwicht. Dan is de stof weer apolair(der). Bij trifluor etheen weer niet. Als je deze twee structuren bekijkt, zie je het verschil wel.

De link die sradracer gaf, bevat ook duidelijk informatie over het verschil van polair/apolair. Vooral het plaatje rechts beschrijft het vrij duidelijk.

Veranderd door FrankB, 25 mei 2009 - 10:57


#7

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 12:03

Dus CCl4 is apolair omdat het symetrisch is.

Cl
l
Cl-C-Cl
l
Cl

De bovenste en onderste Cl moet bij C staan

Veranderd door greatwarrior, 25 mei 2009 - 12:04


#8

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 mei 2009 - 12:24

Klopt ja, het gevalletje heeft geen enkel dipoolmoment (komt door de symmetrie zoals je al aangaf). Daarbij kan het geen waterstofbruggen vormen.

NH3 heeft dezelfde ruimtelijke structuur als tetrachloormethaan. Er zit nl nog een 4e item aan, dat een vrij elektronenpaar is. In feite kun je dus |NH3 zeggen, waar | dus dat vrije elektronenpaar is. Wat kun je nu zeggen over symmetrie, dipoolmomenten en waterstofbruggen?

Veranderd door Fuzzwood, 25 mei 2009 - 12:26


#9

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 12:44

NH3 is niet symetrisch

Dipoolmoment
N H
3- 2,2= 0,8

dus polair

Hoe weet je dat er nog een extra elektronenpaar is?

#10

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 25 mei 2009 - 13:00

Aha, gelukkig dat je dat niet zomaar aanneemt! [|:-)]

Je kent vast de octetregel, dat elk atoom dus streeft naar een edelgasconfiguratie.

Voor stikstof geldt dat deze 8 elektronen wil hebben in de buitenste schil, voor waterstof 2. Zo krijg je dus de configuraties van neon en helium.

Stikstof staat op de 7e plaats in het periodiek systeem. Dat betekent dat deze 7 elektronen heeft. 2 van deze bevinden zich in de binnenste schil, de resterende 5 in de buitenste. Om dus 8 elektronen in die buitenste schil te hebben zijn er 3 extra elektronen nodig. Tot zover duidelijk?

Deze 3 elektronen komen van 3 waterstofjes af, die er zelf elk maar 1 hebben. Deze zullen dus dat elektron gaan delen met het stikstof. Hetzelfde verhaal geldt ook omgedraaid. Stikstof zal 3 van zijn elektronen met de 3 waterstofjes gaan delen. Als je nu goed hebt opgelet, heb je in de gaten dat er nu in totaal 6 elektronen in gebruik zijn, 3 van de stikstof die met de waterstofjes gedeeld worden, 3 van de waterstofjes die nu met het stikstof gedeeld worden. Deze 6 elektronen horen dus zowel bij het stikstof, als per groepjes van 2 bij elk van de 3 waterstoffen. De waterstofjes hebben nu al hun edelgasconfiguratie.

Blijven er 2 over van de 5 waarmee we in eerste instantie begonnen met het stikstof. Deze vormen het vrije elektronenpaar . Een vrij elektronenpaar betekent dat er niets aan gebonden is. De bindingen tussen het stikstof en waterstof noemen we een covalente binding.

Veranderd door Fuzzwood, 25 mei 2009 - 13:05


#11

greatwarrior

    greatwarrior


  • 0 - 25 berichten
  • 21 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 mei 2009 - 13:13

bedankt





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures