Springen naar inhoud

[scheikunde] oplosbaarheidsproduct PbCl2


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Chocoholic

    Chocoholic


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 december 2009 - 16:48

In onze cursus is een vraag waar ik mee vast zit. Het was zelfstudie en onze cursus gaf een voorbeeldoefening waarbij je het oplosbaarheidsproduct kon berekenen adhv de oplosbaarheid. Ik dacht dat ik het snapte en ging aan de slag met de volgende oefening:

Hoe groot is het oplosbaarheidsproduct van PbCl2 bij 20įC als de oplosbaarheid 9,9g per liter bedraagt?

mijn oplossing adhv de voorbeeldoefening:
PbCl2 (aq) --> Pb2[sub]+ + 2 Cl-
PbCl[sub]2
: 9,9 g/l
Pb[sub]2[sub]+: 9,9 g/l
2 Cl-: hier zit ik vast want in mijn voorbeeld staat niet hoe ik mijn oplosbaarheid moet aanpassen indien er andere coŽfficiŽnten zijn.

ik zet mijn voorbeeldoefening er ook even bij:

voor AgCl geldt bij 25įC:

AgCl(aq) --> Ag+ + Cl-
AgCl: 1,25 * 10-5M
Ag+: 1,25 * 10-5M
Cl- :1,25 * 10-5M

Ks = [Ag+] * [Cl-] = 1,25 * 10-5M * 1,25 * 10-5M
=1,6 * 10-10

ik weet dat zij met mol/l werken en er in mijn oefening met g/l wordt gewerkt, maar dat zou volgens mij niets mogen uitmaken.

Wilt iemand mij helpen?

Veranderd door Chocoholic, 03 december 2009 - 16:48


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Marjanne

    Marjanne


  • >1k berichten
  • 4771 berichten
  • VIP

Geplaatst op 03 december 2009 - 17:02

PbCl2: 9,9 g/l
Pb2+: 9,9 g/l
2 Cl-: hier zit ik vast want in mijn voorbeeld staat niet hoe ik mijn oplosbaarheid moet aanpassen indien er andere coŽfficiŽnten zijn.

Dit kan niet.... Als je 9,9 g/l PbCl2 hebt, waarvan 9,9 g/l Pb2+, dan zit er dus 0 g/l Cl- in... 8-)


ik weet dat zij met mol/l werken en er in mijn oefening met g/l wordt gewerkt, maar dat zou volgens mij niets mogen uitmaken.


Zie bovenstaand voorbeeld: het maakt wel degelijk uit. Je MOET in mol/l werken.

Je moet dus de concentratie in mol/l berekenen, van Pb2+ en van Cl-. Dat doe je met de molmassa en de concentratie in g/l. Is je dat bekend?

Verder over de coŽfficiŽnten:
Voor een stof AxBy geldt dat het oplosbaarheidsproduct gelijk is aan [A]x x [B]y.
([A] betekent: concentratie van A in mol/l).
Voor PbCl2 is het oplosbaarheidsproduct gelijk aan [Pb2+] x [Cl-]2.

Veranderd door Marjanne, 03 december 2009 - 17:02


#3

Chocoholic

    Chocoholic


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 december 2009 - 17:23

dan krijg ik voor Pb 2+: 0,048 mol/l
en voor Cl-: 2,87 mol/l
en voor PbCl2: 0,0356 mol/l

Het was mij niet helemaal bekend maar ik ken het begrip molmassa dus heb ik het zo beredeneerd: ik heb gegeven 9,9 g/l en ik kan uit mijn tabel afleiden: M(Pb)= 207,2 g/mol en M(Cl)= 35,453 g/mol en M(PbCl2)= 278,106 g/mol
dus (g/l)/(g/mol) = (g/l)*(mol/g) = mol/l

dus dan krijg ik:
PbCl2 (aq) --> Pb2+ + 2Cl-

[PbCl2] = 0,0356 mol/l
[ Pb2+ ] = 0,048 mol/l
[Cl-][sub]2[sub] = 8,24 mol/l

Ks= [ Pb2+ ] * [Cl-][sub]2[sub] = 0,40

als het nu klopt ben ik blij :)

#4

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 03 december 2009 - 17:42

Nope, je rekent nog steeds met 9,9 g/l los lood. Je hebt geen 9,9 g/l los lood, maar 9,9 g/l loodchloride waarin het gehalte lood kleiner is dan 9,9 g/l.

Voorbeeldje: als ik 1 mol (58,44 g) keukenzout heb (NaCl) dan heb ik 1 mol (22,99 g) natrium- en 1 mol (35,45 g) chloride-ionen. Tel ik de massa's van de losse deeltjes bij elkaar op, dan kom ik netjes weer uit op 58,44 g

Heb ik 1 mol (110,98 g) calciumchloride (CaCl2) dan heb ik na oplossen in water 1 mol (40,08 g) calcium- en 2 mol (70,90 g) chloride-ionen. Tel ik deze massa's weer bij elkaar op, dan kom ik ook hier weer netjes uit op 110,98 g.

Wat jij met jouw berekening zegt is dat ik zodra ik 1 kg natriumchloride oplos in water, meteen de massa natriumchloride verdubbelt. Volgens jou heb ik dan namelijk 1 kg natrium en 1 kg chloride.

Veranderd door Fuzzwood, 03 december 2009 - 17:49


#5

Chocoholic

    Chocoholic


  • 0 - 25 berichten
  • 3 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 december 2009 - 18:05

dus als ik 1 mol of 278,106 g PbCl2 heb, dan heb ik 1 mol of 207,2 g lood-ionen en 2 mol of 70,906g chloor-ionen.

maar hoeveel mol/l heb ik dan?

kan ik dan nog steeds redeneren dat Pb 9,9/207,2 = 0,048 mol/l heeft? en dan dat Cl 9,9/70,906 = 0,14 mol/l heeft? dat zou ik vreemd vinden, aangezien mijn 9,9g/l dan nog wel overal hetzelfde blijft, maar zie niet in hoe je het anders berekent.

morgen examen, en als ik dit begrijp dan moet het wel lukken. :)

#6

the clam

    the clam


  • 0 - 25 berichten
  • 25 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 december 2009 - 21:46

Nee, zo kan je niet verder redeneren, je moet het aantal mol aan Pb2+ en Cl- via een andere weg berekenen.

9,9g PbCl2 geeft hoeveel mol PbCl2 ?

PbCl2 (aq) --> Pb2+ + 2Cl-

Uit dat aantal mol aan PbCl2 kan je het aantal mol Pb2+ en het aantal mol Cl- berekenen, dit heel de tijd in die 1L aanwezig is, en dan heb je direct de molaire concentratie (mol/L).

Veranderd door the clam, 03 december 2009 - 21:47


#7

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 03 december 2009 - 22:03

dus als ik 1 mol of 278,106 g PbCl2 heb, dan heb ik 1 mol of 207,2 g lood-ionen en 2 mol of 70,906g chloor-ionen.

maar hoeveel mol/l heb ik dan?

kan ik dan nog steeds redeneren dat Pb 9,9/207,2 = 0,048 mol/l heeft? en dan dat Cl 9,9/70,906 = 0,14 mol/l heeft? dat zou ik vreemd vinden, aangezien mijn 9,9g/l dan nog wel overal hetzelfde blijft, maar zie niet in hoe je het anders berekent.

morgen examen, en als ik dit begrijp dan moet het wel lukken. :)

Het punt is juist dat je geen 9,9 g/l aan Pb hebt! en ook geen 9,9 g/l aan Cl! Alleen als je de massa's van die ionen zou optellen kom je pas op 9,9 g/l uit. Je maakt hier weer precies dezelfde fout en je zegt nu weer dat wanneer ik een liter van die vloeistof zou nemen, ik 19,8 g aan PbCl2 zou hebben. Van jou mag ik nl aannemen dat zodra ik een vloeistof oplos, er magisch atomen verschijnen zodat ik opeens van elke atoomsoort apart bijvoorbeeld 9,9 g/l zou hebben.

Je zit hier zwaar in de knoop met mol, waarbij je die foefjes wel mag uithalen. 1 mol NaCl zal in 1 mol Na+ en 1 mol Cl- splitsen, of in massa's: 58,44 g NaCl zal in 22,99 g Na+ en 35,45 g Cl- splitsen.

Dump ik die 1 mol (of 58,44 g) NaCl nu in 1 liter water, dan heb ik 1 mol/l Na+ en 1 mol/l Cl-, ofwel (en hier zit de clou waar jij op vastloopt!) 58,44 g/l NaCl dat gesplitst is in 22,99 g/l Na+ en 35,45 g/l Cl-.

Zou ik alle chloor en loodionen van 1 liter van jouw vraagstuk (9,9 g/l) isoleren en wegen, zou ik op 9,9 gram stof uitkomen. Je dient voor jouw vraag eerst te berekenen (maar dat heb je ergens al) hoeveel mol/l 9,9 g/l PbCl2 nu eigenlijk is. En vanuit dat aantal mol en de wetenschap dat in 1 mol PbCl2 1 mol Pb en 2 mol Cl zit, berekenen hoeveel mol Pb en Cl je nu hebt.

Veranderd door Fuzzwood, 03 december 2009 - 22:14






0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures