Springen naar inhoud

Evenwichtsvoorwaarde ester



  • Log in om te kunnen reageren

#1

koekjes

    koekjes


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 06 april 2012 - 09:38

Hi allemaal,

wij hebben met de klas een proef gedaan over de verestering van een alcohol,1-butanol, en een ethaanzuur. Nu is er een vraag waarbij wij de evenwichtsconstante moeten bepalen.

Deze hebben we als volgt bedacht:

[H2O] x [C6H12O2]
[C4H10O] x [C2H4O2]

1-butanol en ethaanzuur zijn equimolair, en het aantal mol moeten we uitdrukken in x mol. Er wordt y mol ester gevormd.

Onze vraag: Hoeveel mol van de uitgangstoffen, uitgedrukt in x en y, er is na instelling van een evenwicht, er nog aanwezig is in het reactiemengsel?

Hierna moeten we de evenwichtsconstante opschrijven in functie van x en y.

Kan iemand ons hiermee helpen want we komen er niet uit.

Alvast bedankt!

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 06 april 2012 - 10:55

een getalvoorbeeld: je hebt 2 mol alcohol en 2 mol zuur, er wordt 1 mol ester gevormd. Hoeveel mol alcohol en zuur zijn er over, en hoeveel mol water wordt gevormd?

Probeer die nu te veralgemenen met x en y.
This is weird as hell. I approve.

#3

koekjes

    koekjes


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 april 2012 - 13:32

Hallo typhoner, bedankt voor het antwoorden. Alleen komen we niet veel verder... De molverhouding is 1 : 1 :1 :1
Zou u ons iets meer kunnen helpen, wat we precies moeten doen?
Bedankt

#4

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 08 april 2012 - 15:51

1 alcohol + 1 zuur <=> 1 ester + 1 water

fictief voorbeeld:

we beginnen met 3 mol alcohol en 3 mol zuur. We vinden na reactie 1 mol ester. Kijkende naar de reactivergelijking zien we dat het maken van 1 mol ester, 1 mol zuur en 1 mol alcohol vereist.

Er is dus nog 3 mol - 1 mol = 2 mol zuur
en 3 mol - 1 mol = 2 mol alcohol over.

Eveneens zien we dat er per mol ester, er ook één mol water wordt gevormd, m.a.w. hebben we nu ook 1 mol water. K wordt dan:

K = (1 mol water)*(1 mol ester)/(2 mol alcohol)(2 mol zuur) = 1/4 = 0.25

Merk op dat je feitelijk met concentraties moet werken, maar in dit geval maakt dat niet uit, gezien het volume wordt weggedeeld.

Veranderd door Typhoner, 08 april 2012 - 15:53

This is weird as hell. I approve.

#5

koekjes

    koekjes


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 10 april 2012 - 13:39

Ah, nu begrijpen we dat inderdaad wel, dat is best logisch. Alleen zitten we nogsteeds met onze vraag, we moeten het namelijk vereenvoudigen met x en y.

Als er x mol uitgansstoffen zijn, is de noemer van de concentratiebreuk x2. Er is na verloop van tijd y mol ester gevormd, dus aangezien de molverhouding 1 :1 :1 :1 is, ook y mol H2O. Of is dit al een foute redenering?

De breuk zou dan als volgt zijn:
y2
___
(x-y)2

Klopt deze redenering? Ik bedoel met (x-y)2 => ("het aantal mol van de uitgangstof" - "het onstane aantal mol" ) In kwadraat aangezien zowel het zuur als het alcohol mol bevat?

Zou u ons verder kunnen helpen?
Vriendelijk bedankt voor al uw tijd en hulp!

#6

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 10 april 2012 - 14:20

nee hoor, dat is inderdaad helemaal juist.
This is weird as hell. I approve.

#7

koekjes

    koekjes


  • 0 - 25 berichten
  • 4 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 12 april 2012 - 23:17

Vriendelijk bedankt!






Also tagged with one or more of these keywords: scheikunde

0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures