Springen naar inhoud

VUB Voorbereiding Toelatingsexamen vraag 22 - Radioactief verval



  • Log in om te kunnen reageren

#1

Thomas93

    Thomas93


  • >25 berichten
  • 57 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 juli 2012 - 14:23

De vraag luidt: 'Van een radioactief preparaat wordt op verschillende tijdstippen het aantal deeltjes gemeten dat per seconde wordt uitgezonden. Hoe groot is het aantal dat op de plaats van x hoort te staan?

t=0 ------ 960
t=6 ------ x
t=12 ----- 60

a.240
b.450
c.480
d.510

Nu weet ik niet goed hoe ik dit moet interpreteren en welke formule ik hiervoor moet gebruiken. Vooral 'het aantal deeltjes dat per seconde wordt uitgezonden'.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Xenion

    Xenion


  • >1k berichten
  • 2606 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 29 juli 2012 - 14:29

Zeggen exponentieel verval en halfwaardetijd je iets?

#3

Grasshopper

    Grasshopper


  • >250 berichten
  • 416 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 30 juli 2012 - 15:07

Volgens mij heb je hier de formule N = N0 . 2t/T nodig.
Met N0 = 960 en N12 = 60

Daaruit vind je 60 = 960.212/T en daaruit bereken je dan T. Maar hoe je die dan vindt, zie ik zelf niet meteen. Ws. iets met logaritmen...
"Their eyes had failed them, or they had failed their eyes, and so they were having their fingers pressed forcibly down on the fiery Braille alphabet of a dissolving economy."

#4

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 30 juli 2012 - 16:06

Vooral 'het aantal deeltjes dat per seconde wordt uitgezonden'.


Helpt het als dit proportioneel is met de hoeveelheid radioactief materiaal?
This is weird as hell. I approve.

#5

aadkr

    aadkr


  • >5k berichten
  • 5442 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:20

Je stelt:
LaTeX
Moet dit niet zijn:
LaTeX

#6

Grasshopper

    Grasshopper


  • >250 berichten
  • 416 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:21

Kan iemand dit eens bekijken?

Als ik dit verder tracht uit te werken, kom ik tot het volgende: 0,0625 = 212/T, waaruit ik via logaritmen kom tot 12/T = -4.01 waardoor ik een neg. T uitkom, wat me maar vreemd lijkt...

Iemand een beter idee?

EDIT: ziet bovenstaande: idd... #-o

Wat als oplossing 240 oplevert...
Bedankt!

Veranderd door Grasshopper, 30 juli 2012 - 18:23

"Their eyes had failed them, or they had failed their eyes, and so they were having their fingers pressed forcibly down on the fiery Braille alphabet of a dissolving economy."

#7

aadkr

    aadkr


  • >5k berichten
  • 5442 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:24

Ga na dat geldt
LaTeX =1/16=2 tot de macht -4

Veranderd door aadkr, 30 juli 2012 - 18:25


#8

Grasshopper

    Grasshopper


  • >250 berichten
  • 416 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:25

Maar de opl. is 240, niet?

Andere vraag: is dit op te lossen zonder ZRM?
"Their eyes had failed them, or they had failed their eyes, and so they were having their fingers pressed forcibly down on the fiery Braille alphabet of a dissolving economy."

#9

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:26

Iemand een beter idee?


dat zeker wel - je antwoord ziet er immers uit als rekenmachine-gedoe
This is weird as hell. I approve.

#10

Grasshopper

    Grasshopper


  • >250 berichten
  • 416 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:27

dat zeker wel - je antwoord ziet er immers uit als rekenmachine-gedoe


Euh... dat is het ook...
Hoe doe je dit dan zonder rekenmachine?
"Their eyes had failed them, or they had failed their eyes, and so they were having their fingers pressed forcibly down on the fiery Braille alphabet of a dissolving economy."

#11

aadkr

    aadkr


  • >5k berichten
  • 5442 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:29

LaTeX
T=3
Zonder rekenmachine lijkt het me moeilijk

#12

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:29

Mja kijken of je een logisch verband ziet in de getallen: laat 240 nu net 1/4e zijn van 960 en 60 1/4e van 240. Met de gelijke intervallen van 6 en wat je van halfwaardetijden weet, had je hier met logisch redeneren op kunnen komen.

#13

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:30

Andere vraag: is dit op te lossen zonder ZRM?


zeer zeker: je weet dat het hier exponentieel gaat. Als je ziet dat in 12 tijdseenheden slechts een zestiende overblijft (LaTeX ), wat hebben we dan voor t=6?

Zonder rekenmachine lijkt het me moeilijk


ik hoop dat dit niet serieus bedoeld is? ;)

Veranderd door Typhoner, 30 juli 2012 - 18:35

This is weird as hell. I approve.

#14

aadkr

    aadkr


  • >5k berichten
  • 5442 berichten
  • Pluimdrager

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:33

Bij nader inzien is het vraagstuk inderdaad op te lossen zonder rekenmachine.

#15

Typhoner

    Typhoner


  • >1k berichten
  • 2446 berichten
  • VIP

Geplaatst op 30 juli 2012 - 18:37

Bij nader inzien is het vraagstuk inderdaad op te lossen zonder rekenmachine.


zoals altijd bij toelatingsexamens worden de gegevens en gevraagden steeds zo gekozen dat het relatief eenvoudig uit te rekenen is (zoals nu dat de activiteit "halverwege" gevraagd wordt)
This is weird as hell. I approve.






Also tagged with one or more of these keywords: natuurkunde

0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures