Springen naar inhoud

Neerslagreacties



  • Log in om te kunnen reageren

#1

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 maart 2014 - 13:33

Je beschikt over 5 genummerde flesjes die elk van een waterige oplossing van 1 van volgende sotffen vevatten nl. AgNO3, NaOH, KCl, AlCl3, en Pb(NO3)2. in enkele experimenten voeg je kleine hoeveelheden van de oplossingen 2 aan 2 samen waarbij er in sommige gevallen een neerslag ontstaaat. de resultaten van de proef worden in onderstaande tabel weergegeven.

Nummer flesje
-> Tabel zie bijlage onderaan!

Neerslagtabel
-> Tabel zie bijlage onderaan!


ANTWOORD:
1) KCl reageert maar met 2 stoffen en dat zijn Pb+ en Ag+ dus het moet flesje 5 zijn.
2) AgNO3 regaeert met 3 stoffen en zijn OH- en 2 keer Cl- --> het moet flesje 4 zijn want het heeft een bruine neerslagreactie en het moet reageren met KCl (flesje 5)
3) NaOH is de enige andere stof die een bruine neerslag heeft dus flesje 2
4) AlCl reageert met 3 stoffen (OH-, Pb2+, Ag+- moet met 2(OH-) en Ag+ reageren dus flesje 3 --> Flesje 1 en niet 4.
-----
Wat ik nu niet goed begrijp is: ik begrijp niet juist hoe je dat moet zoeken: vb. ik begrijp niet dat Kcl met 2 stoffen reageert en waarom juist Pb en Ag; en AgNO3 zijn met 3 stoffen en waarom juist OH en 2 keer Cl... ?

zou iemand mij dit stap per stap willen uitleggen hoe je aan dit antwoord kan uitleggen wat ik begrijp het totaal niet aub?

ImageUploadedByTapatalk1395837202.119679.jpg

Ik hoop dat de tabel nu wel leesbaar is?

Veranderd door Kravitz, 26 maart 2014 - 14:22
post een beetje opgelapt


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 28 maart 2014 - 15:06

Opmerking moderator :

Iemand die hier een handje kan toesteken?
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#3

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 28 maart 2014 - 15:43

ik nu niet goed begrijp is: ik begrijp niet juist hoe je dat moet zoeken: vb. ik begrijp niet dat Kcl met 2 stoffen reageert en waarom juist Pb en Ag; en AgNO3 zijn met 3 stoffen en waarom juist OH en 2 keer Cl... ?

Dat doe je door gewoon in de tabel met neerslagen te kijken. Daar zie je dat AgCl en AgOH onoplosbaar zijn.

Aangezien er twee vloeistoffen Cl- ionen leveren (KCl en AlCl3) en één vloeistof OH- ionen geeft (NaOH) zal Ag in 3 van de 5 flesjes neerslaan.

Hetzelfde doe je voor AlCl3. Al3+ slaat neer met OH-, daarnaast slaat Cl- neer met Ag+ en Pb2+. Als je dat samen bekijkt zal AlCl3 ook in 3 van de 5 flesjes neerslaan.
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#4

Het Knorrepotje

    Het Knorrepotje


  • >25 berichten
  • 87 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 maart 2014 - 16:24

Bij dit soort opgaven kijk je in binas tabel 45, als ik het me goed herinner.
Daar staan de positieve ionen en negatieve ionen tegen elkaar uitgezet, en daartussen staat of ze goed oplosbaar zijn (g), slecht oplosbaar (s) of reageren ®.

Aan de hand hiervan kan je bepalen wat waar zit. :)

KCl levert chloorionen. Die slaan met maar 2 stoffen neer. Het levert ook kalium, dat slaat nergens mee neer.
Zo kan je dus bepalen wat waar zit.

Het is echt gewoon een kwestie van oefenen, en ik weet zeker dat je over een week zult denken: "Dit is een eitje"
Think like a proton, and stay positive.

#5

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 28 maart 2014 - 23:37

Waarom of wat bedoelt met in '3 van de 5 flesjes staan? En kunt ook aub uitleggen hoe het is of wanneer je een bruine neerslag kan herkennen ?

#6

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 29 maart 2014 - 01:51

Ga maar na, waar kan het aluminiumion mee neerslaan, waar kan het chlorideion mee neerslaan?

Een bruin neerslag herken je aan het BRUINE neerslag. Aannemende dat je niet kleurenblind bent natuurlijk.

#7

Kravitz

    Kravitz


  • >1k berichten
  • 4042 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 29 maart 2014 - 11:30

Dat ziet er dan zo uit:

Geplaatste afbeelding
"Success is the ability to go from one failure to another with no loss of enthusiasm" - Winston Churchill

#8

mathfreak

    mathfreak


  • >1k berichten
  • 2458 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 13:17

Bij dit soort opgaven kijk je in binas tabel 45, als ik het me goed herinner.

Choco__ komt uit Vlaanderen, dus daar is Binas niet bekend. Je hebt inderdaad tabel 45A nodig.
"Mathematics is a gigantic intellectual construction, very difficult, if not impossible, to view in its entirety." Armand Borel

#9

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:00

Al kan neerslaan met OH en cl kan neerslan met Pb en Ag?

#10

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:05

"Dat doe je door gewoon in de tabel met neerslagen te kijken. Daar zie je dat AgCl en AgOH onoplosbaar zijn."

-->huh,? agcl vormt toch witte neerslag en Agoh bruine neerslag, waarom zijn ze dan onoplosbaar.
of is het dat je niet daar de tabel moet zien waar ik een foto van getrokken heb? want ik heb ook een oplosbaarheidstabel en daar zie ik inderdaad dat dat onoplosbaar is. maar... dus niet in deze tabel?

#11

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:07

Wat denk je dat een neerslag is? Dat geeft juist aan dat een stof onoplosbaar is. Zou je ook wat beter op je molecuulformules letten? Elementen beginnen met hoofdletters en ionen hebben ladingen.

Volgens mij is het probleem niet zo zeer de proef maar dat je termen zoals neerslag en oplosbaarheid niet snapt.

#12

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:17

maar dat begrijp ik wel. nog een voorbeeld dat ik niet begrijp dat: Pb (NO)2 slaat toch met 2 stoffen neer nl . Pb2+ met OH- en Cl- en NO3- niet? of ben ik fout, en wat doe ik dan juist fout?

#13

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:23

ja ik denk wel dat het logisch is dat een bruine neerslag bruin is maar HOE kan je dit weten WELKE stoffen juist bruin worden, ik denk nl. Ag en OH maar hoe moet je dit dan doen met AgN03 , NaOH met mijn stoffen?

zou iemand mij verder willen helpen aub? en aub volledig willen uitleggen hoed dit werkt?

ik zie duidelijk wel dat er 1 keer 2 neerslagen, en 2 keer 3 neerslagen en 2 keer bruine neerslag gevormd wordt, ik begrijp enkel niet hoe je weet welke bij welke

#14

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:29

Zit in AgNO3 oplossing OH-? Nee? Dan geen neerslag. Zit in NaOH oplossing Ag+? Nee? Dan geen neerslag. Voeg je wat van die 2 oplossingen samen, dan heb je 4 ionen in oplossing: Ag+, NO3-, Na+ en OH-. Zoals je in de oplosbaarheidstabel kunt zien, vormen Ag+ ionen met OH- ionen een neerslag van AgOH, dat bruin is. Dat is een onoplosbare stof, de resterende natrium- en nitraationen blijven gewoon in oplossing.

Voor de rest is dit gewoon simpel regels opstellen en combineren. Je weet dat je 5 oplossingen hebt, je weet dat in elke oplossing 1 oplosbaar zout aanwezig is uit het lijstje dat je gekregen hebt. Nu ga je voor elk zout regels opstellen wat er gebeurt als dat met een zout uit een van de andere oplossingen in aanraking komt.

Bij aanvang van de proef pak je een willekeurige oplossing en je voegt een beetje hiervan toe aan een beetje van elk van de 4 andere oplossingen en je ziet 2 witte neerslagen ontstaan, dan kun je op basis van je opgestelde regels vaststellen dat er in ieder geval chloride in zit.

Omdat er maar 2 en geen 3 witte neerslagen ontstonden, moet dit de KCl oplossing zijn, omdat je ook weet dat aluminiumionen met hydroxideionen neerslaan, hydroxide ionen die in 1 van de 2 resterende oplossingen zitten.

#15

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 29 maart 2014 - 15:48

1) Ok nu begrijp ik al beter waarom bruin kan zijn, maar als het dan bruin is hoe kan je dan weten of het het 2 of. 4 de flesje is want zij vormen toch allebei bruine neerslag?
2) en hoe zit et dan met de witte neerslagen, Hoe weet je nu welke stof die een witte neerslag vormt in het eerste of 3 flesje zit?

Sorry wacht ik en heb het onderwijs
Nog niet gelezen blijkbaar






Also tagged with one or more of these keywords: scheikunde

0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures