Springen naar inhoud

stoffen A en B, verhouding



  • Log in om te kunnen reageren

#1

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 april 2014 - 20:07

 Twee stoffen A en B worden afzonderlijk opgewarmd met eenzelfde type toestel zodat eenzelfde constant vermogen aan beide stoffen wordt geleverd. Het verloop van de temperatuur van iedere stof is als functie van de tijd aangegeven in onderstaande figuren. De verhouding van de soortelijke smeltwarmte van de stof A tot deze van de stof B is gelijk aan ¾. Bewijs dat de verhouding van de soortelijke warmtecapaciteit van vloeistof A tot deze van vloeistof B gelijk is aan  (3/4)3

 

 

A --> t  4*30 = 120 s

B --> t = 3*30 = 90 s --> tijd = 120/90 = 4/3 

A/B = (3/4*3/4) / (4/3) = 3/4*3/4*3/4 = (3/4)3

 

 

Is dit juist bewezen aub? 


Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 25 april 2014 - 20:12

ImageUploadedByTapatalk1398453141.997628.jpg

#3

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 11:26

als je stap voor stap élk lettertje en elk getalletje dat je hier gebruikt én de bewerking die erop loslaat kunt uitleggen misschien wel. Dat hoort namelijk ook bij een bewijs. Maar zoals het er hier staat lijkt het meer op wat gegoochel met breuken om naar een gegeven uitkomst toe te rekenen.

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#4

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 11:32

Ja, dat was het probleem dat ik niet goed weet hier hoe dit uit te leggen, kan u misschien stap per stap helpen aub?

#5

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 11:35

begin dan eens om de verhouding van de massa's van de stoffen A en B te bepalen?

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#6

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 11:40

voor a mA en voor b 3/4 mA. Denk ik, weet het niet zo goed anders?

#7

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:16

Laten we eens naar het smelten kijken.

 

gegeven: LsA : LsB = 3 : 4

 

vermogen is in beide gevallen gelijk,

 

maar we zien in de grafiek dat het smelten van A 2 minuten duurt, dat van B maar 1,5 minuten

Q= vermogen x tijd, bij gelijk vermogen blijft dus de tijd over als verhoudingsgetal voor de toegevoerde warmte.

 

QA = mA·LsA

QB = mB·LsB

 

in verhoudingsgetallen kunnen we dan de volgende twee vergelijkingen opstellen:

 

voor stof A:  2=mA·3

 

voor stof B: 1,5 = mB·4

 

bepaal hieruit de verhouding mA : mB

 

gebruik die verhoudingsgetallen, samen met gegevens uit je grafiek, om verder te gaan voor het opwarmen van de vloeistoffen (laatste traject grafiek) zodat je ergelijkingen kunt maken waaruit je de verhouding cA : cB kunt halen

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#8

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:21

- mA= 2/3
- mB= 1,5/4

#9

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:24

eventueel kun je dit vereenvoudigen naar mA: mB = 16:9

 

so far so good, en nu verder:

 

 

 

gebruik die verhoudingsgetallen, samen met gegevens uit je grafiek, om verder te gaan voor het opwarmen van de vloeistoffen (laatste traject grafiek) zodat je ergelijkingen kunt maken waaruit je de verhouding cA : cB kunt halen

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#10

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:25

Wat moet ik verder doen? 

 

is het verder dan:

 

 

QA= 2/3*4186*(80-60)

QB=1,5/4*4186*(80-60)

?

Veranderd door Jan van de Velde, 26 april 2014 - 12:54


#11

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:36

chocoprobleem nummer 1:

lezen, kijken, interpreteren: er wordt een verhouding van soortelijke warmtecapaciteiten van 2 VERSCHILLENDE stoffen GEVRAAGD.

Desalniettemin knal je zonder enig nadenken in beide vergelijkingen

  1. DEZELFDE soortelijke warmtecapaciteit
  2. als een GEGEVEN in plaats van als een gevraagde
  3. en tot overmaat van ramp neem je als een blind paard een van water bekend getalletje

Dat gaan we dus maar eens zó doen:

 

QA=mct=2/3*cA*(80-60)
QB=mct=1,5/4*cB*(80-60)

 

voor QA en QB kun je verhoudingsgetallen uit de grafiek halen, op een vergelijkbare wijze als ik dat deed voor het smelten.

 

dan heb je twee vergelijkingen met als enige onbekenden cA en cB, waaruit de verhouding cA tot cB te halen is

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#12

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:51

Mijn 2 vergelijkingen:

1,5= 2/3*Ca*20
2=1,5/4*cb*20
Is dit verkeerd...:( ?
Ik kom wel uit op ca/Cb=> 27/64 dus dat klopt ;)

#13

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44854 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 12:54

QED

 

En dat zal ongetwijfeld eleganter kunnen( met alleen maar driekwarten) , maar dan wordt het bewijs nogal talig en vanwege allerlei omkeringen ook nogal confuus. Dus dat gaan we maar niet doen.

Denk erom dat je een bewijs hoort uit te schrijven met verklaringen van de stappen die je zet, zo ongeveer als ik deed in de stappen om tot de verhoudingen van de massa's te komen.

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#14

Choco__

    Choco__


  • >250 berichten
  • 932 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 26 april 2014 - 13:01

Dankuwel 


#15

Fuzzwood

    Fuzzwood


  • >5k berichten
  • 11101 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 26 april 2014 - 13:21

Nee hoor: 27 = 33, 64 = 43. Die macht kun je buiten haakjes trekken en dan hou je (3/4)3 over. Maar 1 bewerking dus.







Also tagged with one or more of these keywords: natuurkunde

0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures