Springen naar inhoud

Machtsgevoel bij diagnosticeren


  • Log in om te kunnen reageren

#1

317070

    317070


  • >5k berichten
  • 5567 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 06 juli 2014 - 17:53

Bij het plaatsen van iemand onder een label komt er vaak een gevoel van macht of controle over die persoon. Door te kunnen zeggen van 'X is een ADHD'er' of 'Y is een asperger', kun je de persoon in een hokje plaatsen, en daar komt vaak een gevoel van macht bij kijken die je tegenover die persoon hebt.

 

Is daar al onderzoek naar gedaan, over het mechanisme daarachter? Is er een naam voor?

What it all comes down to, is that I haven't got it all figured out just yet
And I've got one hand in my pocket and the other one is giving the peace sign
-Alanis Morisette-

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

*_gast_Bartjes_*

  • Gast

Geplaatst op 06 juli 2014 - 19:00

Wanneer het "label" in enig opzicht correct is, geeft het ook werkelijk macht. Immers weet je meer over een persoon zodra je een toepasselijk "label" gevonden hebt. Dat geldt zelfs voor zoiets eenvoudigs als de naam van een persoon. Kennis is macht.

 

Zelfs in de wis- en natuurkunde zijn naamgeving en classificatie heel belangrijk om een onderwerp onder de knie te kunnen krijgen.

 

Volgens mij is het dus niet iets specifieks van psychologen en psychiaters.

 

Wat het labelen sec betreft zie:

 

http://en.wikipedia....Labeling_theory


#3

317070

    317070


  • >5k berichten
  • 5567 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 06 juli 2014 - 22:12

Immers weet je meer over een persoon zodra je een toepasselijk "label" gevonden hebt.

Dat is niet helemaal waar. Iemand die hyperactief is, begrijp je niet beter voor of nadat je hem het label ADHD meegeeft. Het plaatsen in een hokje verandert niets aan die persoon, enkel aan je perceptie.

Ik vraag me af of het niet deels komt door het creêren van een afstand tussen jezelf en die persoon, waarbij je de persoon de-individualiseert met een label, waardoor je hem meer als een object kunt gaan behandelen.

 

Nu, het zal niet enkel psychologen zijn, maar ik vraag me af of er meer geweten is over dit effect bij het 'labelen'. Niet bij de 'gelabelde', maar bij degene die labelt.

What it all comes down to, is that I haven't got it all figured out just yet
And I've got one hand in my pocket and the other one is giving the peace sign
-Alanis Morisette-

#4

*_gast_Bartjes_*

  • Gast

Geplaatst op 06 juli 2014 - 22:49

Dat is niet helemaal waar. Iemand die hyperactief is, begrijp je niet beter voor of nadat je hem het label ADHD meegeeft. Het plaatsen in een hokje verandert niets aan die persoon, enkel aan je perceptie.

Ik vraag me af of het niet deels komt door het creêren van een afstand tussen jezelf en die persoon, waarbij je de persoon de-individualiseert met een label, waardoor je hem meer als een object kunt gaan behandelen.

 

 

Dat aspect zit er zeker ook aan. Het een sluit het ander niet uit. Zonder hokjes geen begrippen, en zonder begrippen geen kennis. Of het zou onbewuste kennis en vaardigheid moeten zijn, maar dan kom je meer in de sfeer van de kunsten en ambachten. Dus van vakmensen die vooral vanuit ervaring en intuïtie werken.

 

De toename van de kennis over een persoon bij het gebruik van labels treedt uiteraard niet op op het moment dat je het label concreet aan iemand uitdeelt, maar op het moment dat je beseft dat het label enigermate van toepassing is. Een label is nooit voor 100 % van toepassing en karakteriseert een persoon ook nooit helemaal. Daarvoor zijn de individuele verschillen te groot. 

 

De term 'label' is eigenlijk ook zelf al een label waarmee je aangeeft dat je psychologische en psychiatrische classificaties niet ziet zitten. Zonder zal het echter niet gaan, althans niet wanneer je psychologie en psychiatrie op een wetenschappelijke (dus geobjectiveerde!) manier wilt beoefenen.

 

Uit menselijk oogpunt is het onprettig om geobjectiveerd te worden, en dat is ook een belangrijke reden voor de populariteit van de alternatieve geneeswijzen. Maar de reguliere medische professie komt er niet onderuit, omdat objectivering in de wetenschappelijke methode zit ingebakken.

 

Als je een wetenschappelijk acceptabel alternatief weet zou dat heel interessant zijn. :)


#5

Soeplepel

    Soeplepel


  • >25 berichten
  • 73 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 06 juli 2014 - 22:49

De vraag is of inderdaad degene die de stempel plaatst daadwerkelijk de juiste diagnose 'naar eigen mening' stelt. Definiëren is daarbij vaak lastig want wat mijn leraar altijd al stelde:  Iemand die veel consumeert is maatschappelijk gezond, maar als je dat niet meer doet.. Als je de maatschappij niet meer voedt.. Wat ben je dan? Dan ben je al snel geestesziek.. En zo lijkt het ook te zijn. Want als je niet meer in  het plaatje past.. Dan ben je al snel een buitenstaande met een bepaalde 'psychologische aandoening'.

You need people like me, so you can point your fkin' finger, and say.. That's the bad guy!

#6

kwasie

    kwasie


  • >250 berichten
  • 348 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 06 juli 2014 - 23:16

Is het ook niet belangrijk voor de wet?

Om voor bepaalde gevallen een potje te reserveren, is een grens nodig. En de letter van de wet is vrij zwart-wit.

Dus wordt met een diagnose bepaald in welk gebied iemand valt. oid.


#7

*_gast_Bartjes_*

  • Gast

Geplaatst op 07 juli 2014 - 08:22

Ideaal gesproken zou je iedereen als een éénmalig uniek persoon moeten beschouwen, dat wil zeggen dat iedere persoon X zijn eigen label krijgt Lx zou moeten hebben met de betekenis "dit is persoon X in zijn/haar huidige ontwikkelingsstadium en in de situatie waarin hij/zij zich nu bevindt".

 

Dat is echter onwerkbaar, en bij alle kritiek die je op psychologische en psychiatrische classificaties kunt hebben heb ik nog geen werkbaar wetenschappelijk alternatief gezien.

 

 

Een theoretisch mogelijk alternatief zou in de toekomst wellicht kunnen zijn om het persoonsbegrip als basiseenheid los te laten, en direct vanuit psychische en/of neurologische processen te theoretiseren. Je veronderstelt dan in de wereld een hiërarchie van organisatieniveaus beginnend bij de elementaire bouwstenen van de materie, en opklimmend via fysica, biologie, psychologie, naar de sociologie (voor de sociale wetenschappen), en via een ander trappetje naar de kosmologie (voor de natuurwetenschappen). Dat leidt dan echter tot een nog verdergaande objectivering van individuele personen, dus ik verwacht niet dat men daar blijer van zal worden.

 

 

Mijn vermoeden is dat de weerstand tegen psychologische en psychiatrische classificaties vooral voortkomt uit de hardnekkig gekoesterde illusie een autonoom en vrij persoon te zijn. Daar past niet bij dat men in een aantal opzichten voorspelbaar gedrag vertoont en niet al te veel afwijkt van anderen met een vergelijkbare psychische constitutie.


#8

317070

    317070


  • >5k berichten
  • 5567 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 07 juli 2014 - 09:15

Allemaal goed en wel, en bedankt om mijn eigen intenties voor mij in te schatten, dat was me vast niet gelukt, maar daar gaat het hier nu allemaal niet over.

 

Moest iemand me op weg kunnen zetten, ik zoek meer informatie over het psychologische proces wanneer je iemand in een hokje kunt plaatsen. Ik vermoed dat er al onderzoek naar gebeurd is, maar vind zelf niets terug.

What it all comes down to, is that I haven't got it all figured out just yet
And I've got one hand in my pocket and the other one is giving the peace sign
-Alanis Morisette-

#9

luc

    luc


  • >100 berichten
  • 242 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 07 juli 2014 - 10:11

Ik heb helaas geen bronnen kunnen vinden die antwoord geven op je vraag.

 

Er zijn uiteraard veel beroepen waarbij je een diagnose moet maken en daarbij macht hebt over een ander. Misschien een stom voorbeeld maar stel je de volgende situatie eens voor: Ik rijd te hard in mijn auto en ik wordt staande gehouden door een politieman die een trajectmeting gedaan heeft. Deze agent heeft nu macht over mij. Hij kan ervoor kiezen om me een waarschuwing te geven (of misschien maar 1 bekeuring i.p.v. 2 als er nog meer dingen bekeurbaar zijn).

De diagnose die de agent maakt is dan

1: Rijd de bestuurder per ongeluk te hard maar is een normale burger die respect heeft voor andere en zich normaal aan de regels houd. De bestuurder leert al van het staande houden dus ik bekeur hem niet.  

2: De bestuurder lapt de regels aan de laars en de kans op herhaling is groot. De bestuurder zal  niet leren als ik hem een waarschuwing geef dus ik bekeur hem.

 

In dit verhaal (en ook in het algemeen) gaan macht en verantwoordelijkheid hand in hand samen. Maar als ik het goed begrijp gaat jou vraag puur om de machtsgevoel en niet om de verantwoordelijkheid. Ofwel het gaat om wanneer iemand een diagnose stelt (een label plaatst) zonder een verantwoordelijkheidsgevoel om het goede te doen, i.e. machtsmisbruik?    

 

Om dit terug te trekken naar de medische wereld, Ernst Jansen Steur (die neuroloog die met foute diagnoses de levens van vele heeft verwoest) heeft toen der tijd ingestemd met een psychologisch onderzoek. Resultaten hiervan kan ik echter niet terug vinden. Dit is echter wel interessant denk ik voor dit topic aangezien het kan zijn dat er iets mis is gegaan in het hoofd van de heer Steur waar de macht van het stellen van diagnoses misschien wel de aanleiding van is. Mijn excuses voor de hoge speculatie graad, ik had graag een bron willen posten waarbij dit bevestigd of juist uitgesloten wordt.  

HBO Elektrotechniek student 3de jaar

#10

Dido

    Dido


  • >1k berichten
  • 1814 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 07 juli 2014 - 22:47

... Moest iemand me op weg kunnen zetten, ik zoek meer informatie over het psychologische proces wanneer je iemand in een hokje kunt plaatsen. Ik vermoed dat er al onderzoek naar gebeurd is, maar vind zelf niets terug.

 
In tegenstelling tot in jouw eerste berichtjes, geef je hier aan dat je op zoek bent naar het bredere psychologisch proces waarbij men mensen in hokjes plaatst en dus niet alleen in diagnostische hokjes plaatst. In het laatste geval kan ik als enige beschrijving ook maar het woord 'diagnosticeren' bedenken, volgens de DSM-5 ondertussen.
In het eerste geval (dus breder bekeken), denk ik dat het antwoord ligt in de term 'sociale categorisatie' (Engels: 'social categorisation' of 'social categorization'). Dit houdt in dat men individuen gaat indelen in groepen op basis van 1 of meer kenmerken van deze individuen. Verder zoek jij, volgens mij, naar hoe de ingroup kijkt tav. de outgroup. Daar is inderdaad al ontzettend veel onderzoek naar gedaan in de sociale psychologie.
De termen laat ik hier nog even voor wat ze zijn. In wat volgt probeer ik beknopt en begrijpelijk weer te geven wat enkele van de bevindingen daarover die ingaan op jouw vraag (alhoewel 'beknopt' nogal relatief is ;) ). Beknopt betekent sowieso ook te beperkt, dus onvolledig en te algemeen.
Op het einde geef ik een aantal links door, die ik zelf niet heb doorgelezen, wegens te uitgebreid, maar waarvan ik echt denk dat ze betrouwbaar zijn om er meer over te weten te komen. Als je verder zelf in Google zoekt onder die termen, dan zal je daar zeker ook nog veel interessante zaken over kunnen vinden.
 
De basis van sociale categorisatie (waarom doen we dit) is dat we enkel maar kunnen omgaan met het ontzettend groot aantal prikkels die op ons afkomt, door deze direct te gaan categoriseren. Mochten we dat niet doen, dan worden we werkelijk overspoeld door de vele prikkels die onze zintuigen binnenkomen. Want, stel je voor, tegelijk zien we iets groens (alhoewel 'groen' en al de volgende termen die ik verder in deze zin gebruik, ook al een categorisatie zijn), iets bruins, iets smals, iets spits, iets breeds, horen we een geruis, een getoeter, een stem, een gefluit, een dof geluid, voelen we iets prikken thv. onze arm en iets kriebelen aan onze nek en been, ruiken we iets verbrands, smaken we iets zoutigs in onze mond en zo zou ik nog duizenden bijkomende zintuiglijke waarnemingen eraan kunnen toevoegen. Stel je nu voor dat al deze gewaarwordingen ons totaal vreemd zijn, alsof het de allereerste keer is dat we ze waarnemen, dan is dit enorm overspoelend en beangstigend: wat gebeurt er met me? Wat komt er nog allemaal op me af? ...
 
Gelukkig hebben we, als levend wezen, daar een systeem voor gevonden, door de binnenkomende prikkels onmiddellijk te gaan categoriseren en te gaan filteren volgens die categorieën: zo kunnen we bv. bij de bovenstaande beschrijving al heel snel uitmaken dat we een boom zien met groene bladeren en bruine takken, die ruisen in de wind en waarvan een tak onze arm kriebelt, enz...
In de psychologie wordt dit benoemd als de aanwezigheid van allerlei (cognitieve) schema's in ons hoofd. Zo hebben we een schema voor het concept van 'een boom' en daar hoort alles bij die, volgens ons, gelinkt is aan een boom. Bv. een bruine of witte stam, groene of gekleurde bladeren, bruine takken en evengoed auditieve kenmerken, zoals ruisen van de bladeren, eventueel het geluid van een kettingzaag (als men een boom omver zaagt), enz... We hebben anderzijds evengoed een schema van hoe een feestje eruit ziet. Daar horen bv. andere mensen bij, een barbecue, een feesttent, dansen,... Schema's van jou en mij daarover zullen vermoedelijk wel een aantal gelijke elementen bevatten, maar zeker ook verschillende.
Dankzij die schema's kan elke binnenkomende prikkel heel snel onder een bepaald schema worden ondergebracht en dus gecategoriseerd worden. Bovendien is het voordeel ervan ook dat we veel beter in staat zijn zo, om te voorspellen. Simpel gesteld, kan ik bv. al heel sterk vermoeden dat, als ik enkel nog maar groene bladeren op een 2-tal meter boven de grond zie, dat daar ook een stam en takken zichtbaar zullen worden of dat deze minstens aanwezig zullen zijn. Zo creëren we inderdaad een gevoel van controle: we weten grotendeels wat er zal komen en hoeven dus geen/ minder schrik meer te hebben van een plots verschijnend onheil dat op ons zou kunnen afkomen.
 
Dit geldt natuurlijk evengoed voor diagnostische categorieën: zo kunnen we, in meer of mindere mate voorspellen wat we zullen vinden bij die persoon: als we vermoeden dat iemand een Borderline persoonlijkheidsstoornis (BPS) heeft, dan maken we zeker inderdaad ook eerst de omgekeerde beweging: vanuit een aantal kenmerken komen we tot een vermoeden van die stoornis, maar als we er de kenmerken gaan bijnemen, dan zullen we een aantal andere kenmerken van BPS, die we nog niet onder die stoornis hadden gezet, nu plots wel zien als kenmerken van BPS. We kunnen dus een aantal gedragskenmerken verklaren, maar we kunnen evengoed een aantal voorspellingen maken van hoe die persoon zal reageren, in de toekomst, op bepaalde fenomenen. Zeker geen 100% correcte voorspellingen natuurlijk, maar toch in enige mate. In de hulpverlening helpt dit je om gepaste hulp te kunnen bieden.
 
Zo zie je dat categoriseren eigenlijk van levensbelang is. Het zit daarom ook gewoon ingebakken in ons systeem. Het categoriseren heeft, zoals al aangegeven, een aantal belangrijke positieve gevolgen. Zo is het ook erg energie- en tijdsbesparend. Stel je voor, anders, dan we telkens weer opnieuw een stoel moeten ontdekken, alsof het de eerste keer is dat we die zien. Of, alsof we een alien zijn van een vreemde planeet die nu, voor de allereerste keer een stoel zien.
 
We doen trouwens evengoed aan zelf-categorisatie. We delen onszelf op in groepen volgens bepaalde kenmerken die we bezitten: de groep van de studenten, de groep van de blondjes, de groep van de hondenbezitters enz... Dit helpt ons om een identiteit te creëren (wie ben ik) en deze is weer broodnodig om te 'overleven'. Want hoe beangstigend is het niet om niet te weten wie je bent, waar je voor staat, wat je kan verwachten van jezelf,...
 
Een ander voordeel van tot een sociale categorie te behoren (een groep te behoren dus), is dat we zo ook een sociale identiteit verkrijgen: ik ben iemand in die groep, ik word er gezien, ik voel me er thuis,... We krijgen een gevoel van samenhorigheid, van sterk-zijn ed. Denk maar aan de velen die zich de laatste weken (en nu nog steeds) weer een echte Belg of een echte Nederlander hebben gevoeld door het WK voetbal en welk gevoel van samenhorigheid dit opriep. We halen dus evengoed een positieve zelfwaardering uit ons groepslidmaatschap: zo zijn we iemand, we voelen er ons goed door, we krijgen een positief beeld van onszelf. Een positieve zelfwaardering/ positief zelfbeeld is dan weer de beste bescherming tegen allerlei psychiatrische ziektes (zoals tegen depressie, tegen angststoornissen,...) of tegen een problematisch sociaal functioneren. Je zou dus weer kunnen stellen dat een positief zelfbeeld/ zelfwaardering echt wel noodzakelijk is om gezond te kunnen leven (al is het natuurlijk geen voldoende voorwaarde).
 
Er zijn echter ook negatieve gevolgen en die benoem je al gedeeltelijk, 317070: het kan een gevoel van macht teweegbrengen tav. de andere (lees: niet-onze-groepsleden), een stigma creëren tav. diegenen die niet tot onze groep behoren en niet dàt kenmerk dragen die wij zo belangrijk vinden in onze groep. Daardoor kan dit leiden tot discriminatie en zelfs het uitmoorden van 'de anderen'. Er wordt dus 'een wij' gecreëerd tegenover 'een zij': wij tegen zij.
Het feit dat we dan een positief zelfbeeld/ zelfwaardering nodig hebben en we dit ondermeer doen door onze eigen groep (of nog: de kenmerken die we bezitten die ons tot die groep doen behoren) 'op te hemelen', houdt automatisch in dat we anderen die dit kenmerk niet bezitten, toch als iets minder gaan beschouwen. We kunnen onszelf hoger plaatsen dan die andere groepsleden, we kunnen de groepsleden van de andere groep naar beneden halen of we kunnen beide mechanismen toepassen. Maar allen hebben ze hetzelfde resultaat: wij zijn beter dan zij! Zo zie je dat het mechanisme die zo belangrijk is om een positief zelfbeeld/ zelfwaardering te kunnen creëren, evengoed ertoe leidt dat we onszelf als beter zullen zien dan de ander. Gelukkig is dit meestal eerder beperkt en bovendien behoren we vaak tot meerdere sociale groepen, waardoor 'zij' soms ook tot onze groep behoren. Maar toch zijn er een aantal groepen (dus eigen kenmerken) waar we meer belang aan hechten en die groepen zullen dan doorwegen.
 
In de psychologie benoemt men de eigen groep vooral als de in-group (of ingroup) en de anderen als de out-group (of outgroup). In jouw vraag, merk ik vooral de interesse op voor hoe de ingroup de outgroup beleeft. Hierboven heb ik er enkele belangrijke kenmerken van weergegeven.
Het individu van de outgroup wordt sowieso al (bijna) niet meer als individu gezien, maar wel als een stereotype (die de kenmerken van die outgroup krijgt, maar zijn eigen individuele kenmerken verliest). Dit fenomeen is gekend onder de naam van homogene groepen: de groepsleden van de andere groep zien we als 'het zijn allemaal dezelfde'. Daarentegen zien we wel nog de diversiteit in onze eigen groep (deze zien we dus nog steeds als heterogeen). Dit is één van de vele bias'en (denkfouten) die optreden bij de perceptie van sociale groepen, in dit geval van de ingroup naar de outgroup.
 
Als we dan kijken hoe één van de meest destructieve manieren ontstaat van hoe men de outgroup kan bekijken die uiteindelijk ontaardt in volkerenmoorden (zoals de Joden onder de Nazi's) of massamoorden of iets dergelijks, dan is het mechanisme dat je beschrijft, 317070, inderdaad aanwezig.
Door het hierboven beschreven verschijnsel van 'wij zijn beter dan zij' of jullie zijn minderwaardig. Er treedt dan wel vaker discriminatie op tav. de outgroup. De dominante groep zal de minderwaardige outgroup (bv. een minderheidsgroep) gaan discrimineren. De outgroup wordt een bedreiging voor de eigen groep en wordt dus als beangstigend ervaren. En angst bestrijd je het best door hen aan te vallen (weglopen zou ook kunnen, maar daarmee is de beangstigende groep niet verdwenen).
Bovendien kan er ook makkelijk iets ontstaan in de aard van 'jullie zijn minder mens dan wij'. De stap naar ontmenselijking (dehumaniseren) ligt dan ook dichtbij: jullie zijn geen mensen meer. Hitler beschreef de Joden bv. als 'honden'. Dit roept dan vaak ook iets op van walging, afschuw van de ingroup voor wat die anderen (outgroup) maar zijn. En weeral is er angst, voor wat die andere walgelijke wezens ons zullen aandoen. Alsof ze ons zullen besmetten met hun walgelijke eigenschappen en zoiets roept angst op. Iets dat walgelijk is, dat ook beangstigend is, verwijder je best, zodat je er niet meer mee in contact hoeft te komen. Je kan ze dan uit de maatschappij halen en ze samen zetten in concentratiekampen. Nog een stap verder is dat je ze allemaal vermoordt, dan zijn die 'walgelijke', 'beangstigende' wezens pas écht verdwenen...
 
Een gevoel van macht is dan weer gelinkt aan discriminatie. Discriminatie is dan de macht die men gebruikt om vooroordelen (gedachten, ideeën) tav. de andere groep om te zetten tot discriminatie (daden) van de andere groep. De dominante groep zal in dit geval de minderwaardige groep discrimineren, want deze heeft de macht om dit te doen. Zonder macht kan men vooroordelen niet omzetten in discriminatie. Er is dan teveel kans op wraak of andere tussenkomsten. Vandaar dat enkel de dominante groep kan overgaan tot discriminatie. Deze macht kan bereikt worden doordat ze de (eventueel discriminerende) wetten aan haar zijde heeft en/of omdat ze groter is in aantal (cfr. bij minderheden), door de zwakkere gezondheid van de anderen, doordat ze het financieel lastig hebben, enz...
 
Of een diagnosticus een gevoel van macht heeft tav. de gediagnosticeerde is, naar mijn gevoel, is nogal sterk uitgedrukt, al kan het wel. Als de diagnosticus ook een hulpverlener/ therapeut is, dan vrees ik dat die door zijn/ haar gevoelens van macht niet ver zal komen in de hulpverlening/ therapie. Al zal die hulpverlener zich waarschijnlijk psychisch wel sterker/ stabieler voelen dan de cliënt/ patiënt (dat hoop ik toch). Als die zich machtiger voelt (heeft voor mij een negatieve connotatie, is dat ook voor jou zo?) dan vrees ik dat de therapeutische relatie maar erg moeilijk op gang zal komen, deze zeker niet gezond zal zijn en dat het hulpverleningsproces gedoemd is om te mislukken. Op dat moment staat de deur volgens mij, ook wagenwijd open om misbruiksituaties te creëren van de hulpverlener naar de cliënt/ patiënt. En dit gebeurt zeker, maar gelukkig niet vaak (al is het natuurlijk belangrijk dat deze gevaarlijke therapeuten/ hulpverleners eruit gezet worden)
Voor het werk van een diagnosticus is een therapeutische relatie minder nodig. Maar toch zal er een zekere vertrouwensrelatie moeten ontstaan tussen cliënt/ patiënt en de diagnosticus, wil die laatste hebben dat de cliënt/ patiënt meewerkt.
Persoonlijk heb ik alvast nooit een gevoel van macht ervaren tav. een cliënt/ patiënt. Ook bij mijn directe collega's niet. Ik heb immers de patiënt/ cliënt nodig om hem/ haar te kunnen helpen. Want hij/ zij is de enige die kan aangeven of een interventie van mij juist aanvoelt en hij/ zij is de enige die zijn belevingswereld voelt. Zonder hem/ haar, kan ik geen goede interventies doen.
Ik besef natuurlijk wel dat de cliënt/ patiënt een gevoel kan krijgen alsof de hulpverlener meer macht heeft over hem/ haar. Voor hem/ haar is dit dan inderdaad zo, maar dit betekent niet dat dit dan ook mijn beleving en mijn intentie is. In dat geval is het alvast iets om zo snel mogelijk uit te klaren en om te proberen dit te veranderen. Al kan het ook net aan de pathologie van de cliënt/ patiënt gelinkt zijn dat hij/ zij anderen snel als machtiger ervaart dan zichzelf. En op zich valt het niet te ontkennen ook, dat de situatie tussen hulpverlener en cliënt/ patiënt in zeker zin ook ongelijk is, dus dit kan ook aanleiding geven tot dit gevoel bij de cliënt. Maar ook dit betekent niet automatisch dat de hulpverlener die macht ook bij zichzelf voelt of, nog erger, ze ook gebruikt.
Maar, er zijn wel degelijk hulpverleners die zo'n situatie uitbuiten en misbruiken...
 
Enkele links:
Een samenvatting over een hoofdstuk van een boek dat dit thema behandelt: http://psypress.co.u...opic=ch06-tp-02
https://bspace.berke...cCateg_Supp.htm
faculty.wcas.northwestern.edu/bodenhausen/BKP2012.pdf
 
Dido,
in de hoop dat ik je met deze ganse lappen tekst toch wat achtergrondinformatie heb kunnen geven, zodat je zelf verder kan. :)

Veranderd door Dido, 07 juli 2014 - 23:46

Ik ben niet jong genoeg om alles te weten...
-Oscar Wilde-

#11

FrederickM

    FrederickM


  • 0 - 25 berichten
  • 6 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 07 juli 2014 - 23:40

Allemaal goed en wel, en bedankt om mijn eigen intenties voor mij in te schatten, dat was me vast niet gelukt, maar daar gaat het hier nu allemaal niet over.

 

Moest iemand me op weg kunnen zetten, ik zoek meer informatie over het psychologische proces wanneer je iemand in een hokje kunt plaatsen. Ik vermoed dat er al onderzoek naar gebeurd is, maar vind zelf niets terug.

Er wordt wel onderzoek gedaan naar 'grensoverschrijdend gedrag' (GOG) door hulpverleners.

De Amerikaanse psycholoog Gary R. Schoener bijvoorbeeld, heeft hier veel onderzoek naar gedaan.


#12

317070

    317070


  • >5k berichten
  • 5567 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 08 juli 2014 - 00:55

Wow, bedankt voor je reactie! Ik denk dat ik met die info inderdaad verder kan zoeken.

 

Ook even verduidelijken waarover het hier concreet gaat. In mijn omgeving merkte ik een bepaald terugkerend patroon op. We waren steeds met een groep mensen, en daar wordt onvermijdelijk geroddeld. Maar wat ik opmerkte is dat van zodra van iemand een bepaalde 'mentale' label te weten gekomen was, toevallig of via-via, (vooral de populaire: autisme, ADHD, ...), dat er zich in de groep heel erg snel een soort van de-individualisering van die persoon plaatsvond. Meer zelfs, mensen die eigenlijk zelf niet veel recht van spreken hebben, bleken plots mee te spreken en zich zelfs wat superieur aan die persoon te voelen.

 

De groepen en de personen van mijn verschillende observaties staan volledig los van elkaar, maar het viel me op hoe snel de gepersipieerde machtsverhoudingen omdraaiden van zodra iemand een label opgeplakt kreeg. Een "erg lichte dehumanisering door meer stereotypering" lijkt me een goede omschrijving.

 

In die zin vraag ik me af of dat ook niet gebeurt in een therapeutische relatie, en of daar onderzoek naar gebeurd is. Het lijkt me de plaats bij uitstek voor het mechanisme. Ikzelf heb echter nog geen enkele ervaring met therapie, ik kan dan ook niet in die zin oordelen of er naar kijken.

 

Ik bedoel macht ook niet echt als iets 'slecht' of gevaarlijk, maar eerder als iets subtiels dat je altijd impliciet hebt bij een relatie. Als je 3 mensen rond een tafel zet, gaan zich meteen machtsverhoudingen aftekenen. Dat is gewoon zo, en dat is niet slecht. Het zijn die verhoudingen waar ik het over heb.

What it all comes down to, is that I haven't got it all figured out just yet
And I've got one hand in my pocket and the other one is giving the peace sign
-Alanis Morisette-

#13

Dido

    Dido


  • >1k berichten
  • 1814 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 19 juli 2014 - 22:53

Wow, bedankt voor je reactie! Ik denk dat ik met die info inderdaad verder kan zoeken.

Graag gedaan! ;)

 

In die zin vraag ik me af of dat ook niet gebeurt in een therapeutische relatie, en of daar onderzoek naar gebeurd is. Het lijkt me de plaats bij uitstek voor het mechanisme. Ikzelf heb echter nog geen enkele ervaring met therapie, ik kan dan ook niet in die zin oordelen of er naar kijken.

Ik heb even gezocht of daar studies over te vinden zijn. Ik vond er alvast geen terug, maar mijn zoektocht was nu ook niet zo uitgebreid natuurlijk om daaruit te besluiten dat er gene zijn.

 

Wat ik wel kan doen is enkele aanvullingen geven op dat idee, naast diegene die ik hierboven al formuleerde.

1) Om therapie te kunnen bieden, is het zeker niet altijd nodig om labeltjes te gaan plakken, volgens de DSM. Dit kan soms wel helpen, maar in meerdere soorten therapieën wordt er gebruik gemaakt van een ander soort diagnostiek, zoals bv. een procesdiagnostiek. Deze houdt in dat er bv. gekeken wordt hoe dicht de cliënt zich verhoudt tav. zijn emoties. Hij kan er bv. volop inzitten (overspoeld worden door bv. verdriet), hij kan er ver vanaf zitten (weinig tot geen verdriet voelen omdat hij/ zij zich bv. afsluit tav. emoties) of hij kan er een gezonde afstand tot hebben (de cliënt voelt het verdriet, maar is er niet door overspoeld en kan er nog vanop een zekere afstand 'nuchter' naar kijken). En zo zijn er nog veel voorbeelden te geven. Elk van die procesdiagnostische gegevens kan dan tot een andere aanpak leiden (al zijn er meestal wel meerdere mogelijkheden om met een zelfde probleem om te gaan). Met deze uitleg kan je misschien al duidelijker zien dat dit soort van diagnostiek eigenlijk maar weinig veroordelend is. Iemand zit bv. te dicht bij zijn gevoelens. OK, dat is dan zo. Iedereen zit wel eens te dicht bij zijn eigen emoties, maar bij die persoon is dit misschien iets wat heel vaak voorkomt. In dat geval stel je voor aan de cliënt om hieraan te werken.

Sommige therapiesoorten maken meer gebruik van de DSM-labels (zoals cognitieve gedragstherapie = CGT), maar ook in CGT wordt er weer gezocht (eigenlijk een vorm van diagnosticeren) naar welke basisassumpties de cliënt heeft (zoals bv. 'ik ben totaal waardeloos') om daar dan weer op een specifieke manier aan te werken: deze assumpties worden dan uitgedaagd (je nodigt de cliënt uit om het waarheidsgehalte ervan te onderzoeken) en zo (hopelijk) zijn basisassumpties te veranderen.

Ook hier weer hoop ik duidelijk te maken dat er, om therapie te kunnen geven, op een manier wordt gewerkt die het neerhalend labelen minder toelaat.

Het kan natuurlijk nog altijd. Maar dan komen we aan bij het 2de punt:

 

2) (deze haalde ik in mijn bericht hierboven al meermaals aan): therapie zal echt niet werken als je de cliënt als minderwaardig beschouwt en dat houdt evengoed in, denk ik, dat je dan jezelf als machtiger gaat zien dan de cliënt. Ik ga hier niet meer uitgebreid op in, want dat deed ik al in mijn vorige bericht. Misschien wel nog even de hoofdpunten herhalen: de therapeutische relatie is de belangrijkste bewezen factor die bepaalt of een therapie al dan niet zal slagen. Als de relatie niet goed zit, dan heeft het geen zin om zo verder te doen. Als de therapeut zichzelf toch bewust ziet als een machtspersoon en dit ook wil dit afdwingen naar de cliënt toe, dan kan er zich een gevaarlijk proces gaan afspelen tussen therapeut en cliënt, waarvan de cliënt het slachtoffer wordt (iets dat jammer genoeg, weten we allemaal, soms gebeurt). Als dit onbewust gebeurt, dan wordt dit hopelijk duidelijk in een gesprek met de cliënt, eventueel tijdens zelfreflectie van de therapeut of tijdens intervisie of supervisie van de therapeut. Verder kan de cliënt de therapeut beleven als een almachtige persoon, als deel van zijn eigen problematiek (bv. bij een persoon met een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis). In dat geval heeft de therapie oa. als doel de cliënt steviger te laten staan op zijn eigen benen, zodat dat almachtsdenken vanzelf verdwijnt. Het kan tijdelijk natuurlijk ook wel voorkomen dat de cliënt een nood heeft om de therapeut te zien als de machtiger persoon, bv. bij een cliënt die (tijdelijk) erg depressief is en de therapeut beleeft als een zowat laatste strohalm. In dat geval is het vaak goed dat de cliënt nog dat vertrouwen heeft in de therapeut en zich tijdelijk volledig opgevangen voelt door de therapeut. En tenslotte is het anderzijds ook terecht te stellen dat de relatie nooit volledig gelijkwaardig kan zijn, aangezien de cliënt in therapie komt. Maar dit laatste betekent nog niet dat de therapeut dat ook moet gaan misbruiken.

 

3) In enkele uitzonderingssituaties kan de therapeut waarschijnlijk wel beter zijn/ haar macht gebruiken (macht in de definitie zoals jij dit ziet). En dat is de situatie waarin een cliënt totaal reddeloos, hopeloos, hulpeloos en zwaar depressief voor je zit en bv. ernstig suïcidaal is. Op die momenten is een actief sturende therapeut echt wel aangewezen ipv. een afwachtende passieve therapeut die wacht op wat de cliënt zelf zal aanbrengen. Dit betekent daarom nog niet dat je een 'gedwongen opname' moet gaan opstarten, maar het betekent minstens dat je probeert de cliënt te motiveren voor bv. een opname. Of dat je anders bv. de cliënt probeert te laten terug te komen 's anderdaags, of dat je de huisarts mag bellen, of dat er medicatie kan worden opgestart indien dit nog niet het geval is, enz... Of, samenvattend, dat je zoveel mogelijk veiligheid kan garanderen voor de cliënt.

Verder is er wettelijk gezien ook nog de uitzonderingssituatie voorzien waarbij de cliënt een ernstig gevaar betekent voor het leven van anderen, of als je weet dat jouw cliënt kinderen misbruikt. Op die momenten is het aan de therapeut om in te schatten of het om een reëel gevaar gaat en het beroepsgeheim moet worden geschonden en daarmee ook bijna steeds elke mogelijkheid tot hulpverlening en dus verandering van de persoon overboord gooit. Uit dat laatste zou dan moeten blijken dat dit vaak geen gemakkelijke keuze is, zeker omdat je dan nog eens gestraft kan worden, via de rechtspraak, in het geval achteraf blijkt dat je de verkeerde keuze hebt gemaakt (beroepsgeheim verbreken = strafbaar, dit niet doen als er nadien doden vallen, kan evengoed strafbaar zijn).

 

4) Tenslotte ook nog even herhalen dat een diagnosticus zeker niet steeds de therapeut van de cliënt wordt. Maar ook deze dient een voldoende relatie op te bouwen met de cliënt om tot een betrouwbare diagnostiek te komen.

 

Misschien heb je hier nog iets aan, 317070... ;)

 

Dido

Veranderd door Dido, 19 juli 2014 - 23:04

Ik ben niet jong genoeg om alles te weten...
-Oscar Wilde-





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures