Springen naar inhoud

[Natuurkunde] 5 vragen Mechanica / druk / thermo


  • Log in om te kunnen reageren

#1

swiffer82

    swiffer82


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 17 januari 2006 - 11:53

Ok, dit is dus een voorbeeld van een aantal vragen die je kan krijgen bij een test fysica.
Ik kan er een paar logisch oplossen, maar weet niet welke formules hiervoor te gebruiken. Een jaar of 7 geleden kende ik ale formules, maar nu dus niet meer.
Mocht iemand tijd en zin hebben, ga gerust uw gang.

Het gebruik van de rekenmachine is niet toegestaan.

1. De afstand tussen de punten A en B bedraagt 300 km. Een trein rijdt van A naar B met een constante snelheid van 100 km/h en een andere trein rijdt van B naar A met een constante snelheid van 80 km/h. Waar en wanneer kruisen beide treinen elkaar, indien ze gelijktijdig vertrekken?
a. 200 km van A na 2h
b. 100 km van A na 1h
c. 167 km van A na 1,67h
d. 133 km van A na1,33h

2. Twee lichamen A en B met respectievelijke massas van 4 kg en 6 kg hebben respectievelijk snelheden van 5 m/s en 8 m/s. Hoe verhoudt zich de kinetische energie van de lichamen A en B?
a. 5 /12
b. 25/96
c. 16/15
d. 128/75

3. In een wasmachine gaat 10 kg water. Dit water moet opgewarmd worden van 15 C tot 85 C. Er gaat geen warmte verloren. Hoeveel warmte is daarvoor nodig? ( cwater = 4186 J/kg.K)
a. 0,62 MJ
b. 0,16 MJ
c. 2,93 MJ
d. 3,66 MJ

4. De hydrostatische druk die op een punt van een sluisdeur werkt verhoogt wanneer:
a. er een schip nadert.
b. de lengte van de kanaalstrook er achter groter wordt.
c. de atmosferische druk toeneemt.
d. het waterniveau in de sluis verhoogt.

5. Bereken de stroom in deze kring :
|----------100 V-----------|
8Ω------------------------12Ω

Dus gewoon een gesloten systeem.
a. 5 A
b. 20,8 A
c. 0,2A
d. 480 A


Als iemand de formule ook heeft zou dit zeer handig zijn.

Alvast bedankt aan diegenen die de moeite hebben genomen om het even na te kijken.

Mvg
Tim

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

kpil

    kpil


  • >25 berichten
  • 84 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 17 januari 2006 - 12:12

Ok, dit is dus een voorbeeld van een aantal vragen die je kan krijgen bij een test fysica.
Ik kan er een paar logisch oplossen, maar weet niet welke formules hiervoor te gebruiken. Een jaar of 7 geleden kende ik ale formules, maar nu dus niet meer.
Mocht iemand tijd en zin hebben, ga gerust uw gang.

Het gebruik van de rekenmachine is niet toegestaan.

1. De afstand tussen de punten A en B bedraagt 300 km. Een trein rijdt van A naar B met een constante snelheid van 100 km/h en een andere trein rijdt van B naar A met een constante snelheid van 80 km/h. Waar en wanneer kruisen beide treinen elkaar, indien ze gelijktijdig vertrekken?
a. 200 km van A na 2h
b. 100 km van A na 1h
c. 167 km van A na 1,67h
d. 133 km van A na1,33h


ze rijden dus met 180 km/h naar elkaar toe ==> in 300/180 uur = 1,67 uur komen ze bij elkaar
trein van punt legt in die tijd 1,67 * 100 = 167 km af


2. Twee lichamen A en B met respectievelijke massas van 4 kg en 6 kg hebben respectievelijk snelheden van 5 m/s en 8 m/s. Hoe verhoudt zich de kinetische energie van de lichamen A en B?
a. 5 /12
b. 25/96
c. 16/15
d. 128/75


E(kin) = mv
voor A : 4*5*5
voor B : 6*8*8
==> verhouding is 25/96

3. In een wasmachine gaat 10 kg water. Dit water moet opgewarmd worden van 15 C tot 85 C. Er gaat geen warmte verloren. Hoeveel warmte is daarvoor nodig? ( cwater = 4186 J/kg.K)
a. 0,62 MJ
b. 0,16 MJ
c. 2,93 MJ
d. 3,66 MJ

Kijk naar je eenheid van cwater (J/kg.K)
Daaruit kun je zelf de formule uit afleiden, namelijk

warmte nodig = c * m * T = 4186 * 10 * 70 = 2,93 MJ

#3

Balthazar

    Balthazar


  • >100 berichten
  • 176 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 17 januari 2006 - 12:23

vraag 1

x= v*t
x= 300 km
aangezien de 2 treinen in tegengestelde richting reizen kun je beredeneren dat de snelheid waarmee de treinen elkaar benaderen gelijk is aan de gezamelijke snelheid dus v totaal= 100 - -80= 100+80=180
je kunt nu berekenen hoelang beide treinen erover doen om samen 300 km te hebben afgelegd namelijk

t= x/v = 300/(100+80) = 1,67 uur
als trein a 1,67 uur gereden heeft heeft hij x= v*t = 100 * 1,67 = 167 km afgelegd. dus antwoord c
ter controle kun je de afstand die trein b heeft afgelgd nog berekenen want de afstand die trein a en b samen afleggen moeten gelijk zijn aan 300 km

3

Q = m*c*dT
m = massa van het water
c = soortelijke warmte
dT = (Teind-Tbegin)

invullen en uitrekenen

5
voor serieschakeling geldt Rtotaal= R1+ R2+R3+ ......
als je Rtotaal weet kun je die invullen in U=I*R en je hebt de stroom

met vriendelijke groet

gijs brouwers

#4

swiffer82

    swiffer82


  • 0 - 25 berichten
  • 9 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 17 januari 2006 - 12:32

Snelle antwoorden.

Vooral die eerste was onzettend eenvoudig als ik het zo bekijk.

Bedankt.

#5

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44881 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 17 januari 2006 - 13:08

kpil schreef:

E(kin) = mv


Beter is mv2
Omdat je echter de voor beide lichamen hebt, maakt het voor de verhouding tussen de lichamen niet uit.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#6

kpil

    kpil


  • >25 berichten
  • 84 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 17 januari 2006 - 13:32

kpil schreef:

E(kin) = mv


Beter is mv2
Omdat je echter de voor beide lichamen hebt, maakt het voor de verhouding tussen de lichamen niet uit.



Oeps, was inderdaad verkeerd





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures