Springen naar inhoud

[Chemie] Aggregatie


  • Log in om te kunnen reageren

#1

KaaTeKe

    KaaTeKe


  • 0 - 25 berichten
  • 19 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 02 juni 2006 - 16:23

Hallo allemaal,

Kan iemand me misschien helpen met de volgende vragen bij proefjes.? Ik heb de proefjes zo goed mogelijk uitgelegd. Bij de derde vraag heb ik al een verklaren proberen te formuleren, is deze correct?

Alvast bedankt..


1. Aggregatie en energie
Vraag: Twee gelijke hoeveelheden water van 20°C worden verwarmd. Bij één van beide voegen we heet water van 100°C toe. De mengtemperatuur bedraagt ongeveer 26°C. Bij de tweede hoeveel water voegen we waterdamp van ook 100°C toe die in een speciaal toestel wordt geproduceerd. De temperatuur van 26°C is al overschreden hoewel de weegschaal nog niet terug in evenwicht is. De uiteindelijke mengtemperatuur in het tweede vat is 86°C. Dat is een veel grotere temperatuurstijging dan in het eerste geval. Verklaar het verschil in temperatuurstijging.


2. Aggregatie en dichtheid
Vraag: In twee gasflessen bevind zich een brandbaar gas. De druk is in beide gevallen 1 bar boven de normale luchtdruk. Het gas uit de flessen wordt verbrand in gaslampjes. In het begin branden de lampjes even fel. Na korte tijd is één van de lampen bijna uitgedoofd. De gasdruk was in beide gasflessen aanvankelijk even hoog, toch leveren beide flessen niet even lang gas. Hoe komt dit?

3.Faseovergangen
Vraag: Tussen de deeltjes van een model van een gas bestaan er geen aantrekkingskrachten. Als men de uitwendige omstandigheden wijzigt verandert de aggregatietoestand. Door welke maatregelen hebben de aantrekkingskrachten de kans gekregen een verandering van aggregatietoestand te veroorzaken?

Verklaring: Dit kan door het wijzigen van de energie in het gas. Deze wijziging kan een verhoging van druk of verlaging van temperatuur. Hierdoor gaan de moleculen van het gas minder bewegen en zie je duidelijk dat de aantrekkingskracht tussen de moleculen vergroot.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44865 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 02 juni 2006 - 21:47

Vraag: Twee gelijke hoeveelheden water van 20°C worden verwarmd. Bij één van beide voegen we heet water van 100°C toe. De mengtemperatuur bedraagt ongeveer 26°C. Bij de tweede hoeveel water voegen we waterdamp van ook 100°C toe die in een speciaal toestel wordt geproduceerd. De temperatuur van 26°C is al overschreden hoewel de weegschaal nog niet terug in evenwicht is. De uiteindelijke mengtemperatuur in het tweede vat is 86°C. Dat is een veel grotere temperatuurstijging dan in het eerste geval. Verklaar het verschil in temperatuurstijging.

hint: BINAS tabel 11, regel water, kolommen "soortelijke warmte" en "verdampingswarmte" :roll:

2. Aggregatie en dichtheid  
Vraag: In twee gasflessen bevind zich een brandbaar gas. De druk is in beide gevallen 1 bar boven de normale luchtdruk. Het gas uit de flessen wordt verbrand in gaslampjes. In het begin branden de lampjes even fel. Na korte tijd is één van de lampen bijna uitgedoofd. De gasdruk was in beide gasflessen aanvankelijk even hoog, toch leveren beide flessen niet even lang gas. Hoe komt dit?

Beide flessen bevatten nog een restje gas in vloeibare vorm ook, en dat was in de ene fles meer dan in de andere.

3.Faseovergangen  
Vraag: Tussen de deeltjes van een model van een gas bestaan er geen aantrekkingskrachten. Als men de uitwendige omstandigheden wijzigt verandert de aggregatietoestand. Door welke maatregelen hebben de aantrekkingskrachten de kans gekregen een verandering van aggregatietoestand te veroorzaken?  

Verklaring: Dit kan door het wijzigen van de energie in het gas. Deze wijziging kan een verhoging van druk of verlaging van temperatuur. Hierdoor gaan de moleculen van het gas minder bewegen en zie je duidelijk dat de aantrekkingskracht tussen de moleculen vergroot.

Ik denk niet dat die aantrekkingskracht vergroot. Dat moet een constante grootheid zijn lijkt me, die onafhankelijk is van de snelheid van een molecuul in een gas. Het is eerder zo dat moleculen/atomen met meer bewegingsenergie makkelijker die onderlinge aantrekkingskrachten overwinnen (van elkaar losstuiteren) waarbij een van de stuiterende moleculen in een vloeistofoppervlak op een gegeven moment genoeg snelheid krijgt om te ontsnappen. Of omgekeerd, een vloeistofoppervlak vanuit de gasfase zo langzaam of langzaam trillend nadert dat hij weer ingevangen wordt. Hoe meer energie je toevoert, hoe meer atomen hoe heftiger gaan trillen, hoe meer atomen per seconde uit de vloeistof zullen kunnen ontsnappen
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#3

wigsbol

    wigsbol


  • >250 berichten
  • 284 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 juni 2006 - 10:27

Bij vraag 3:
Het gaat om het ideaal gasmodel
http://nl.wikipedia....wiki/Ideaal_gas
http://www.walburgco...alGas_nl.html#1
http://galileo.phys..../jarapplet.html

Uit de links mag blijken dat je de toestand van het gas met behulp van drie parameters kan variëren. Het verwarrende aan de vraag is dat bij overgangen van aggregatietoestanden het gas zich niet meer ideaal gedraagt en in het voorbeeld een verzadigde damp moet worden : d.w.z. damp in evenwicht met vloeistof of vaste stof. De moleculen beïnvloeden elkaar dan wel en de VanderWaalskrachten zorgen dan voor de fase-overgangen.
Wijzigen van de kinetische energie van de gasmoleculen staat synoniem voor verandering van de temperatuur van het gas. Temperatuursverlaging zal een volumevermindering en/of een drukvermindering met zich meebrengen die uiteindelijk moeten resulteren in een verandering van de aggregatietoestand omdat de moleculen nu de kans krijgen om elkaar aan te trekken.
Drukverhoging en/of volumevermindering brengen de moleculen ook dichter bij elkaar zodat ze elkaar kunnen aantrekken. De fase-overgang zal echter slechts plaatsvinden zolang de temperatuur beneden de kritische temperatuur van de stof gehouden wordt.

#4

PCB

    PCB


  • >100 berichten
  • 175 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 juni 2006 - 10:51

Jan, bij vraag 2 heb je het toch fout volgens mij. Als de druk evenhoog is, dan zou het vloeibare gedeelte ook evenveel moeten zijn toch? Iets met verzadigingsdruk?
Zou het niks te maken kunnen hebben met verschillende gassen en hun volume?

:P :roll:
TU/e Werktuigbouwkunde

#5

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44865 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 03 juni 2006 - 12:28

Er hoeft niet evenveel vloeistof in de tankjes te zitten. Zolang er vloeistof in zit en de temperatuur is gelijk zal de druk in de tankjes even groot zijn. (die verzadigingsdruk) Het doet er dan niet toe of een tankje bijna vol is en de ander bijna leeg (qua vloeistof dan), in de ruimte dioe met gas is gevuld zullen per liter evenveel gasmoleculen zitten (algemene gaswet). Als je dan gas gaat aftappen wordt dat vanuit de vloeistof weer netjes tot hetzelfde drukniveau aangevuld, mits je de temperatuur ook constant kan houden. :roll:
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#6

PCB

    PCB


  • >100 berichten
  • 175 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 03 juni 2006 - 16:05

Ik snap het weer 8)
TU/e Werktuigbouwkunde

#7

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 03 juni 2006 - 16:49

Bij vraag 2:
Mogelijk zat er in de 2 flessen ieder een andere gassoort met een andere verbrandingswaarde,bijv propaangas,butagas,aardgas,stikstog,etc;Er werd gesproken over brandbaar gas.

#8

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44865 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 03 juni 2006 - 17:48

Bij vraag 2:  
Mogelijk zat er in de 2 flessen ieder een andere gassoort met een andere verbrandingswaarde,bijv propaangas,butagas,aardgas,stikstog,etc;Er werd gesproken over brandbaar gas.

Nou ben je het volgens mij toch een beetje te ver aan het zoeken.

en stikstof is niet zo heel brandbaar.... :roll:

Je kunt inderdaad proefomstandigheden gaan verzinnen met een gas met hoge verzadigingsdruk en zonder vloeistof, zodat je de druk voorafgaand aan de proef kunt verlagen tot de verzadigingsdruk van het andere tankje en zo, maar dit soort vragen zijn in 99,9 % van de gevallen bedoeld om mensen de principes van de leerstof bij te brengen, en niet om ze bij voorkeur in de war te brengen.

Die algemene gaswet heet overigens niet voor niets ALGEMEEN. Goed, het gaat wel een tikje afwijken voor multi-atomaire gassen, maar als je niet op een paar losse procentjes kijkt bijven ze gelden.

Na korte tijd is één van de lampen bijna uitgedoofd

. De verzadigingsdrukken voor die verschillende gassoorten wijken overigens wel wat af, en dat kun je zien in de goedkopere gasaanstekers, waar, als ze nog maar een beetje vloeistof bevatten, de druk al begint te dalen omdat het resterende gas de "verontreiniging" is met een gas met wat lagere verzadigingsdruk. Maar de wat duurdere wegwerpaanstekers, die plat-eivormige BIC's bijvoorbeeld, kennen geen regelsysteem en ik kan ook geen automatisch drukregelklepje ontdekken. Ik neem daarom aan dat die een behoorlijk zuiver gas bevatten, want of ze doen het nog, of ze doen het ineens niet meer.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#9

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 03 juni 2006 - 22:18

JvdV:
Ik tikte stikstog(!),bedoelde waterstof!





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures