Springen naar inhoud

[Chemie] Vragen ivm chemische bindingen


  • Log in om te kunnen reageren

#1

-wingkea-

    -wingkea-


  • 0 - 25 berichten
  • 18 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 oktober 2006 - 12:56

In mijn boek spreekt men steeds tegen, vandaar ik het hier even vraag. Misschien dat jullie het correcte antwoord kunnen geven.


Als je CHCL3 hebt (chloroform), is het een polair covalente binding of apolair?

EN waarde C: 2,5
EN waarde H: 2,2
EN waarde Cl: 3,0

Ik dacht dat het een polair covalente binding maar waarom?

Ionbinding: delta EN >1,5
Apolair: delta EN = 0
Polair: 0 < delta EN < 1,5

Maar moet je dan dus die Cl 3 keer nemen om dat verschil te berekenen?

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

-wingkea-

    -wingkea-


  • 0 - 25 berichten
  • 18 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 oktober 2006 - 13:23

Trouwens iemand enig idee op deze vragen?

Of er een verband bestaat tussen een bindingstype, molmassa en aggregatietoestand?

Of er een verband bestaat tussen een bindingstype en de vluchtigheid van een stof?

hoge smeltpunt (ionbinding), lage vluchtigheid en vice versa.

Of er een verband bestaat tissem een bindingstype en de oplosbaarheid?

Algemeen mengen polaire verbindingen niet goed met apolaire verbindingen. Een zwak polair mengt wel met een sterk apolair, en een ionbinding met een sterk apolair.

Ik heb hier antwoorden op, maar ik twijfel eraan of ik wel voldoende antwoord. Moet ik nog iets aanvullen?

#3

hzeil

    hzeil


  • >1k berichten
  • 1379 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 08 oktober 2006 - 14:37

Chloroform is maar zwak polair. De drie chlooratomen in het molecule zijn zo dominant dat ze de C en H atomen bijna in het midden van hun driehoek hebben opgenomen.
Het lage kookpunt, 61 graden, is in overeenstemming met deze geringe polariteit. Evenals de geringe oplosbaarheid in water.
Uitleggen is beter dan verwijzen naar een website

#4

-wingkea-

    -wingkea-


  • 0 - 25 berichten
  • 18 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 08 oktober 2006 - 19:20

Maar hoe weet je dat, als je alleen maar het periodiek systeem bij de hand heb liggen.

#5

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 08 oktober 2006 - 20:01

ik ben geen scheikundeprofi, dus neem het volgende niet als evangelie aan. Maar volgens mij zit ik geen onzin te verkopen als ik suggereer dat:

Als je CHCL3 hebt (chloroform), is het een polair covalente binding of apolair?

Deze vraag lijkt mij verkeerd gesteld. Ik zie vier bindingen, ik denk dat die allevier apart bekeken moeten worden. In alle gevallen is het verschil in EN 0,5 of zelfs kleiner, volgens je definities zijn ze dus allevier polair covalent lijkt me.

het molecuul als geheel zal een lichte dipool worden. ik denk dat je daarvoor moet kijekn naar hoe hard en onder welke hoek de diverse atomen aan gemeenschappelijke elektronenparen trekken:

Chloroform moet als molecuul een tetraŽderstructuur hebben. Geplaatste afbeelding

teken nou de symmetrie-as door het H en het C atoom (blauwe lijn). Of een molecuul een dipool wordt komt neer op de vraag of het zwaartepunt van alle negatieve ladingen (alle elektronen)nog samenvalt met het zwaartepunt van alle positieve ladingen (protonen in de kernen)

Chloor-atomen trekken harder aan de gemeenschappelijke elektronenparen dan het koolstofatoom. (rode vectoren) Maar door de vrij vlakke bindingshoek betekent dat dat het ladingszwaartepunt niet zo geweldig ver naar beneden schuift (dikkere rode vector) als je alle drie die krachten vectorieel optelt. Ik heb het volgens mij vrij sterk overdreven getekend zelfs.
Dan zal het C-atoom ook iets harder dan het H-atoom aan hun gemeenschappelijke elektronenpaar trekken. (groene vector)
Dat is maar een vrij klein verschil in elektronegativiteit zelfs, maar werkt wel langs de symmetrie-as en telt dus vectorieel volledig mee.

Het zwaartepunt van alle negatieve ladingen zal dus ergens onder het C-atoom komen te liggen, op die blauwe lijn.

Ga je nou kijken naar het zwaartepunt van alle positieve ladingen (de atoomkernen), dan zal H nauwelijks gewicht in de schaal werpen, de Cl-atomen zijn vrij groot. Dus ook het gezamenlijke zwaartepunt van alle positieve ladingen komt ůůk ergens op die blauwe lijn onder het C-atoom te liggen.

het is logisch te veronderstellen dat het zwaartepunt der negatieve ladingen iets onder het zwaartepunt der positieve ladingen terechtkomt (omdat die negatieve ladingen van die gemeenschappelijke elektronenparen per saldo iets naar beneden schuiven.) Het atoom als geheel zal dus een lichte dipool zijn, met de negatieve kant in dit tekeningetje aan de onderkant, tussen de Cl-atomen.
Geplaatste afbeelding
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures