Springen naar inhoud

Ik heb een vraag over perspectief.


  • Log in om te kunnen reageren

#1

bats

    bats


  • >250 berichten
  • 411 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 01 maart 2007 - 19:59

Ik zeg wel dat ik een vraag heb over perspectief, maar ik weet niet precies of het wel perspectief is.
Ik zal het uitleggen.
Stel je staat op een spoorbaan precies tussen de rail en de rails liggen precies een meter uit elkaar.
En iedereen weet als je van daaruit naar de horizon kijkt, dat het lijkt dat de rails in de verte steeds dichter en dichter bij elkaar komen te liggen totdat het lijkt dat de rails elkaar raken. Of ik zou het ook zo kunnen zeggen, het lijkt of de spoorbaan in de verte steeds smaller en smaller wordt tot het uiteindelijk lijkt dat de spoorbaan bij de horizon geen breedte heeft.
Dit is ook een vorm van gezichtsbedrog.

Goed nu staat ik op diezelfde spoorbaan en de rails die een meter uit elkaar liggen zie ik in de verte samenkomen. Maar ik vraag me af hoe ver is het punt bij mij vandaan waar het lijkt, van mij uit gezien dat de rails nog maar precies een halve meter uitelkaar staan? Dus hoe ver moet ik van me afkijken dat ik zie waar de spoorbaan nog maar de helft is van z'n oorspronkelijke breedte?

Is daar ook een formule voor om dat te berekenen? Zo ja, hoe ziet die formule eruit?
Feitelijk lijkt het dat die 2 evenwijdige lijnen, juist door dat gezichtsbedrog niet evenwijdig zijn maar bij elkaar samenkomen en dus een hele lange gelijkbenige driehoek vormen. Waarvan de overstaande zijde 1 meter is en de schuine zijden heel lang zijn. Dus als ik weet welke hoek de kleinste hoek maakt met de lijn (de spoorbiels in dit geval) die loodrecht op de beide rails ligt (de spoorbiels die de rails met elkaar dus verbindt), dan moet het mogelijk zijn elke afstand te kunnen berekenen waar de rails nog zo en zo ver uit elkaar staan. Toch?

Trouwens is dit eigenlijk wel zomaar op te lossen met een formule?

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 01 maart 2007 - 20:36

De perspectief is afh.van de ooghoogte;dus de "zichtlengte "is evenredig daarmee;is niet eenvoudig in een formule uit te drukken,want als jij bij de aanvang van het midden van de rails staat op ooghoogte van 165 cm,of 330 metr,dan ontstaat er ook een perspectivische vertekening in verticale richting;je hebt dan in twee richtingen een vertekening.In het echt een ruimtelijke vertekening
en is een perspectief tekening een poging de realiteit na te bootsen als een fotogr.opname.

#3

Phys

    Phys


  • >5k berichten
  • 7556 berichten
  • VIP

Geplaatst op 01 maart 2007 - 22:11

Volgens mij is dit meer natuurkunde, in het bijzonder optica.
Ik denk dat het punt waarop de rails samen lijken te komen, op oneindig ver ligt. Waar ze dan op een halve meter liggen, is dan moeilijk te zeggen.
Maar dit zeg ik puur intuïtief.
Never express yourself more clearly than you think.
- Niels Bohr -

#4

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 01 maart 2007 - 22:55

Ik heb in mijn opleiding perspectief moeten leren en dat houdt in dat de simpele vraag zomaar niet kan worden beantwoord.

Er bestaan variaties in tekenen,je moet verdwijnpunten en kijkhoogtes vaststellen,maten intekenen,etc,etc en je begint met heel eenv.figuren.Basiskennis hierover vergt enkele lessen en daar bestaan wel leerboeken over.

Ik adviseer dus om eens in een bibliotheek te gaan snuisteren!

#5

Johan2

    Johan2


  • >1k berichten
  • 1780 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 02 maart 2007 - 11:43

In aanvulling op wat Oktagoon je al zei: jij hebt het over lineair perspectief en dat is een kunstmatig iets, nml. de vertaling van wat jij driedimensioneel ziet in een weegave op het platte vlak. Alleen op dat platte vlak heeft het zin om te spreken over het punt waar die meter nog maar een halve meter is. Zie dat platte vlak als het raam in de kamer waarop je het landschap buiten natekent. Maar breng je dat raam iets dichterbij of verderaf, of zak je door je knieen, of kijk je schuin omhoog of opzij, dan klopt die aftekening al niet meer. Misschien dat dit het duidelijker maakt: neem een lineaal, strek je armen en meet de breedte van de rails op een bepaald punt (rails is trouwens wat smal, neem maar het eind van de staart). Houdt de lineaal nu half zo dicht bij en meet opnieuw de breedte op datzelde punt. (Ander voorbeeld: kijk naar je duim. Houd hem voor je oog en hij lijkt groter dan het beeldscherm waar je nu naar kijkt. Strek je arm en hij bedekt amper de aan en uit knop).

Die meter van jouw spoorrails blijft dus áltijd een meter. Als je het erover hebt dat die meter nog maar een halve meter is, dan heb je dus over de aftekening van die spoorrails op een vlak, b.v. het raam dat je voor je hebt.
Hier het technischer verhaal, met plaatje:
Geplaatste afbeelding
Merk op dat je je oog moet fixeren, want iedere beweging verandert het beeld op het raam.
Normaal - en ook in wat jij beschrijft -heb je het bij lijnperspectief over de situatie waarbij je recht naar voren kijkt (de man op het plaatje kijkt schuin omlaag). Als je recht vooruit kijkt komen alle lijnen die recht van jou aflopen, zoals die spoorrails, samen op de horizon. Dat punt noem je het centraal verdwijnpunt en de hoogte van de horizon ligt op ooghoogte. Alles tussen jou en de horizon dat hóger is dan jouw ooghoogte blijft ook hoger dan jouw ooghoogte en steekt dus boven de horizon uit. De horizon ligt in principe op oneindig. (Dat de aarde rond is doet, op die afstand, niet ter zake).

Nu dan de halvering van een bepaalde breedte op dat platte vlak: die wordt bepaald door de zogenaamde distantiepunten. Dit zijn twee punten op de horizon op gelijke afstand links en rechts van het centraal verdwijnpunt. De berekening zou hier te ver voeren, maar het komt erop neer dat hoe verder je oog van het tekenraam af is (vandaar distantie), hoe verder de punten van het verdwijnpunt af liggen. (Als er geen figuren zijn om de schaal aan te geven, ervaar je het overigens als hoe dichter je met je neus bij de grond zit). Met behulp van de distantiepunten kun je een tegelvloer construeren Hoe de tegels van de vloer naar de verte toe zowel smaller als minder diep worden zie je op dit klassieke plaatje uit de Perspective van Hans Vredeman de Vries:
Geplaatste afbeelding(fotootje uit boek, dus beetje scheef)
Als de distantiepunten héél ver weg liggen dan worden de tegels dus héél snel korter en is het of je met je neus op de vloer ligt. Liggen ze dichter bij, dan worden ze veel langzamer korter. Door de distantiepunten heel dicht naar het verdwijnpunt te schuiven, kun je wellicht al begrijpen dat lineair perspectief niet meer dan een foefje is om diepte te suggerenen en dat de mogelijkheden beperkt zijn. Dat raam waar je op tekent moet altijd enige aftand van je hebben en mag niet te groot zijn. Ga je met je neus voor een enorme glaswand staan en zou het je dan lukken om, zonder je hoofd te bewegen, de tegelvloer tot aan je voeten en over de volle breedte van de wand door te tekenen, dan ontstaan er, hoe verder je van het centraal verdwijnpunt afkomt, gigantische vertekeningen.

PS: Het perspectief lemma op de nederlandse wikipedia is erg slecht en biedt geen soulaas. Eerst nadat ik dit had getypt, had ik de ingeving op distantiepunt te googelen, met het volgende resultaat:
http://www.cultuurne...1/1991_17_b.htm
Daar vind je dus veer meer, maar mijn uitleg vermijdt de moeilijkheden en is daardoor, hoop ik, een stuk makkelijker te begrijpen.
<i>Si vis pacem paralellum</i> (J. Goedbloed)

#6

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 02 maart 2007 - 17:26

Dat prentje met die Griek moet toch wel een spiegeling voorstellen met de Griek leunend op die spiegel,want zo bekijken wij dus deze afbeelding en ziet de Griek op het "moment"dat hij werd vereeuwigd ,er toch niets van.
Of zie ik dat verkeerd.

Het tweede prentje is weer een kunstje van tekenwerk zoals dat een paar honderd jaar geleden werd gedaan,kan men nu een lesje van leren!

#7

Johan2

    Johan2


  • >1k berichten
  • 1780 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 02 maart 2007 - 21:20

Nee, de Griek kijkt echt door een ruit FGI in een houten schot tussen hm en de kubus. Ale hoekpunten van de kubus zijn verbonden met zijn oog en daar waar de lijnen de ruit passeren wordt het geprojecteerde hoekpunt op de ruit getekend.

Nog even voor Bats: " Maar ik vraag me af hoe ver is het punt bij mij vandaan waar het lijkt, van mij uit gezien dat de rails nog maar precies een halve meter uitelkaar staan". Nog een manier om het uit te leggen dat er niet zoiets bestaat als het een halve meter uit elkaar lijken: Neem een stok van een halve meter en houd die met gestrekte arm voor je. Je kunt nu precies het punt bepalen waar het spoor precies een halve meter breedt lijkt. Houd diezelfde stok echter op halve armlengte en dat punt blijkt veel dichter bij te liggen. Houd de stok vlat voor je hoofd en deze halve meter lijkt zelfs breder dan de spoorbaan recht onder je voeten.
<i>Si vis pacem paralellum</i> (J. Goedbloed)

#8

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44820 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 03 maart 2007 - 01:22

Ik denk dat het feit dat die spoorrails in de verte nog een halve meter breed lijken juist nog een positieve conclusie is die je dankt aan het correctievermogen van je hersens, (ofwel gezichtsbedrog) want perspectivisch zijn ze nog véél smaller. Dat heeft alles met gezichtshoek te maken. Zonder kennis van de wereld om je heen (referentiekader) en zonder stereoscopisch vermogen (twee ogen met verschillende zichthoeken naar één punt waardoor je hersens conclusies kunnen trekken omtrent de afstand tot dat punt) zou dat op veel kleinere afstand dan "in de verte" al véél smaller dan een halve meter "lijken".
Geplaatste afbeelding

(tussen twee haakjes, dat de twee dikke grijze "spoorrails" niet evenwijdig lijken is overigens puur gezichtsbedrog. Pak je geodriehoekje maar. Dat heeft eigenlijk ook weer wel een beetje met dit probleem te maken, het referentiekader van de in een punt verdwijnende lijnen waaruit je hersens verkeerde conclusies trekken)
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#9

oktagon

    oktagon


  • >1k berichten
  • 4502 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 03 maart 2007 - 17:30

Wij leerden bij natuurkunde,dat alle lichtstralen evenwijdig lopen en niet convergent of divergent.Ook weer in een discussie met de leraar kon het mij niet worden verklaard,dat een voorwerp in de verte kleiner leek dan de werkelijkheid.Bij de perspectief hebben we hetzelfde probleem wrs.!

#10

bats

    bats


  • >250 berichten
  • 411 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 07 maart 2007 - 23:38

Ik denk dat het feit dat die spoorrails in de verte nog een halve meter breed lijken juist nog een positieve conclusie is die je dankt aan het correctievermogen van je hersens, (ofwel gezichtsbedrog) want perspectivisch zijn ze nog véél smaller. Dat heeft alles met gezichtshoek te maken. Zonder kennis van de wereld om je heen (referentiekader) en zonder stereoscopisch vermogen (twee ogen met verschillende zichthoeken naar één punt waardoor je hersens conclusies kunnen trekken omtrent de afstand tot dat punt) zou dat op veel kleinere afstand dan "in de verte" al véél smaller dan een halve meter "lijken".  
Geplaatste afbeelding

(tussen twee haakjes, dat de twee dikke grijze "spoorrails" niet evenwijdig lijken is overigens puur gezichtsbedrog. Pak je geodriehoekje maar. Dat heeft eigenlijk ook weer wel een beetje met dit probleem te maken, het referentiekader van de in een punt verdwijnende lijnen waaruit je hersens verkeerde conclusies trekken)


Dat klopt wat jij zegt.
Als ik op het spoor sta precies in het midden en ik zou in de verte de spoorrails nog maar een halve meter van elkaar afzien, althans zo lijkt het wordt door het correctievermogen van m'n hersens op een halve meter "vertaalt" maar net wat je zegt die halve meter is perspectivisch veel kleiner, want als ik mijn arm strek en ik zou dat punt aanwijzen waar ik de rails nog maar een halve meter lang zie, dan lijkt het of die halve meter evenbreed is als de nagel van m'n pink, die veel en veel smaller is dan een halve meter, dus met gestrekte arm's afstand lijkt het maar 1,5 cm bijv. ipv een halve meter. Maar toch lijkt het voor mijn ogen in de verte een halve meter, doordat mijn hersens dat zo vertalen.
Maar weet je ook een formule hoe ik dat kan uitrekenen op welke afstand dat bij mij vandaan is, dus op hoeveel meter is dat bij mij vandaan?
Ik ben 1,82m lang dus op ooghoogte zou dat ongeveer 1,70 moeten zijn.

En wat jij beschrijft is hetzelfde dat de zon bijv met gestrekte arms afstand op de punt van m'n vinger 1 cm groot lijkt, terwijl het volgens mijn ogen zo'n 12cm groot lijkt (vertaalt door de hersens).

#11


  • Gast

Geplaatst op 22 april 2007 - 19:00

Hallo,
Ik heb ook een soortgelijke vraag.
Je ziet een kubus van voren getekend, alle zijden zijn bijv. 2-2 cm.
De kubus wordt een stukje gedraaid en in perspectief gezet, waardoor rechts er een hoek van 45 graden ontstaat en links van ongeveer 5 graden.
Hoe bereken je de lengte die de kubus dan heeft? Heeft dit te maken met de afstand naar de vluchtpunten toe of kan je het ook berekenen door de graden te gebruiken waaronder de kubus gedraaid is?
Ik hoop dat iemand me ermee kan helpen.
Ik heb erg weinig verstand van wiskunde of natuurkunde, dus hoop ik dat iemand me het zo simpel mogelijk kan uitleggen.
Bij voorbaat dank,
Josetta Hak





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures