Springen naar inhoud

[Taalfilosofie] Semantiek en syntax


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Don Quichot

    Don Quichot


  • >250 berichten
  • 504 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 16 april 2007 - 13:26

In de taalfilosofie stelt men zichzelf de vraag wat waar is. Hoe we kunnen beoordelen welke uitspraken waar zijn. Er bestaan (grofweg) twee manieren om dit te onderzoeken: de semantiek en de syntax.

Een van de uitingen hiervan is Logica. In de logica wordt een bepaalde waarheidswaarde toegekend aan iest wat men proposities noemt. Op deze wijze kan men de afzonderlijke proposities en de volledige uitspraken beoordelen op waar of niet waar.

In deze staat uiterwward wat waar is centraal. De heer Tarski baseerde zich in deze op de volgende woorden:

-That is true which points to a truth.
-That is true which points to a falsity.

~Aristoteles

Mede hierdoor kwam Tarski tot de volgende conlusie:

"Gras is groen" is waar dan en slechts dan als gras groen is. Hij noemt dit de conventie T. Als reactie op deze conventie Sprak de heer T"uring de woorden: "Triviality can go no further".
Wat Tarsky aangeeft is dat onze woorden op een bepaalde wijze in relatie met de werkelijkheid moeten staan om waar te zijn. We kijken dan naar een bepaalde syntactische waarheid: x is waar dan en slechts dan als p waar is. Hierin is p de substitutie van een zin en x de naam van die zin. Op deze wijze ziet de syntax zichzelf dus gegrondvest in de semantiek. Dat is best verwarrend. De Syntaxis lijkt gestoeld op de semantiek en de semantiek op een syntactisch verband.

Dat zou betekenen dat de hele gedachtegang ongeldig is (wat weer syntactisch is) en dat we op een andere manier moeten beoordelen wat waar is. Of mis ik iets?
Men occasionally stumble over the truth, but most of them pick themselves up and hurry off as if nothing ever happened.
~Sir Winston Churchill

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

theoriegeladen

    theoriegeladen


  • >250 berichten
  • 976 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 16 april 2007 - 19:10

Neem de volgende uitspraak: Ik sta op een stoel.
Waar sta ik dan op?

In mijn reductionistisch denken, onderscheid ik semantiek als inhoud en syntax als vorm. De semantiek is het meer dan de som der delen. De syntax de manier er te komen.

Hoe kom dan ik op een stoel? Door te interpreteren. Dus waar sta ik op?(betrekking tussen mij, de stoel en het opstaan) hier maakt de syntax "het meer" of het door Sarte "het niet" genoemde, dus de semantiek mogelijk.
Net zoals de vorm inhoud mogelijk maakt, maar er zonder inhoud onvormelijkheid is.

De eis van een stoel is dus dat je erop moet kunnen staan zonder vormverlies.

Mijn conclusie is dat je zinnen niet alleen kan begrijpen door ze te bekijken door syntax en semantiek. De morfologie is ook belangrijk. Je ziet met de syntax alle mogelijkheden die woorden en woordcombinaties hebben. Semantisch kan je dan al een hoop uitsluiten(een stoel is geen tafel al kan je erop staan). Maar de morfologie bepaald hoe het bedoeld is. (Ik sta) op een tafel of (ik sta op). Oftewel in de syntax, is het woordje "op" een voorzetsel of een voorzetselvoorwerp?

Factotum: als je op een tafel staat hoef je er niet per se een te hebben. Hetzelfde geldt voor gras, in haar begrip is geen kleur opgenomen, maar ook geen kleurloosheid. Je hebt dus te maken met een common sense naast de ideal sense(virtue of senses). Strikt genomen heeft gras geen kleur maar is gras: http://nl.wikipedia....(uiteenzetting). Maar vrij veel groene kleur voldoet aan deze eisen. Zo past er ook vrij veel semantiek in een syntaxis.

Ik zie niet in hoe de uitspraak ongeldig is. Waar hoor jij tegenspraak?

Veranderd door theoriegeladen, 16 april 2007 - 19:11


#3

Don Quichot

    Don Quichot


  • >250 berichten
  • 504 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 17 april 2007 - 18:22

In mijn reductionistisch denken, onderscheid ik semantiek als inhoud en syntax als vorm. De semantiek is het meer dan de som der delen. De syntax de manier er te komen.

Ik weet niet zo goed of we nu hetzelfde bedoelen. Semantiek is of iets waar is of niet; bestaat of niet. Syntaxis is of de redenatie wijze geldig is of niet; of de constructie klopt.

Hoe kom dan ik op een stoel? Door te interpreteren. Dus waar sta ik op?(betrekking tussen mij, de stoel en het opstaan) hier maakt de syntax "het meer" of het door Sarte "het niet" genoemde, dus de semantiek mogelijk.
Net zoals de vorm inhoud mogelijk maakt, maar er zonder inhoud onvormelijkheid is.

Misschien heb ik niet goed begrepen waar Sartre op doelde met zijn "niet". Zou je dit nader willen verklaren zodat ik je woorden beter kan begrijpen? Ik begrijp namelijk niet goed hoe het niet (a.k.a. falsum in de logica) gelijk kan zijn aan de regels van het denken (a.k.a. connectieven in de logica).

De eis van een stoel is dus dat je erop moet kunnen staan zonder vormverlies.

Mag ook met vormverandering van mij hoor.

Mijn conclusie is dat je zinnen niet alleen kan begrijpen door ze te bekijken door syntax en semantiek. De morfologie is ook belangrijk. Je ziet met de syntax alle mogelijkheden die woorden en woordcombinaties hebben. Semantisch kan je dan al een hoop uitsluiten(een stoel is geen tafel al kan je erop staan). Maar de morfologie bepaald hoe het bedoeld is. (Ik sta) op een tafel of (ik sta op). Oftewel in de syntax, is het woordje "op" een voorzetsel of een voorzetselvoorwerp?

Doet me sterk denken aan het werk van Bertrand Russel. Het maakt echter voor mijn vraag denk ik niet zo heel erg veel uit. Mijn vraag was dat als we de syntax baseren op semantiek en de semantiek weer baseren op de syntax, waarop baseren we dan wat waar is?
Men occasionally stumble over the truth, but most of them pick themselves up and hurry off as if nothing ever happened.
~Sir Winston Churchill

#4

theoriegeladen

    theoriegeladen


  • >250 berichten
  • 976 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 18 april 2007 - 21:01

We bedoelen hetzelfde. Ik vind waarheid namelijk inhoudelijke en redeneerwijze vormelijke kennis. Misschien is materieel en formeel object nog mooier? Nu ii semantiek en syntaxis.

Ik denk dat waarheid , in meer of mindere mate, niet is. De waarheid is wat onze rede waar vindt, maar de rede heeft altijd de mogelijkheid vals te zijn. Het is nog algemener eigenlijk, elke synthese is niet. Sarte beschrijft het als het wachten in een cafe op een vrouw, je ziet haar voor je, maar zij is niet. De vrouw is het meer der som der delen, namelijk: de wachtende, het cafe, de afwezige.

In de syntaxis is de afwezige gewoon aanwezig lijkt het?

Bedoel je een soort probleem van het begin?

#5

Jeroen Bouterse

    Jeroen Bouterse


  • >250 berichten
  • 261 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 18 april 2007 - 21:33

Ik heb geen verstand van dit onderwerp, maar vind het wel interessant dus waag me toch aan een reactie.

Wat ik niet goed begrijp, is hoe een theorie die schijnbaar bedoeld is om een waarheidscriterium te leveren voor uitspraken (dus een antwoord op de vraag wanneer een uitspraak waar is, i.e. correspondeert met de realiteit), zich lijkt te kunnen beroepen óp de relatie tussen taal en werkelijkheid.

Ik kan me goed voorstellen dat er over nagedacht moet worden hoe taal en realiteit zich verhouden: die verhouding zal niet simpelweg één op één zijn, vooral omdat taal al een conceptueel raamwerk veronderstelt waar de werkelijkheid zelf dat niet doet. De verhouding zal dus bovendien vanzelf problematisch zijn; hoe vertalen we de ruwe realiteit in hanteerbare concepten?

Maar "'Gras is groen' is waar dan en slechts dan als gras groen is" geeft op díe vraag geen antwoord, neem ik aan, omdat dat waarheidscriterium niet los lijkt te kunnen komen van de talige concepten. Ik zou ook niet weten hoe dat wel zou kunnen: als iedere talige uiting per definitie gebruik maakt van een conceptueel kader, kan ook een 'meta-uitspraak' over de verhouding tussen concept en werkelijkheid daar in principe niet van loskomen, lijkt me.

Kort gezegd denk ik dat ik me hier wat stuntelig probeer af te vragen hoe taalgebruikers meta-uitspraken over taal en werkelijkheid kunnen doen, m.a.w. hoe welke waarheidstheorie dan ook kan claimen de relatie met de 'taalloze' werkelijkheid te doorgronden. Kan een van jullie daar misschien zijn licht over laten schijnen, of blijkt uit mijn vraag dat ik al niet eens de klok heb horen luiden, laat staan kan beginnen met het zoeken naar de klepel?

#6

Don Quichot

    Don Quichot


  • >250 berichten
  • 504 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 18 april 2007 - 23:15

@ theoriegeladen:
Dat is inderdaad min of meer waar ik naar toe wilde. Het probleem van het begin. Hoe kan ik mijn denken zo doen dat ik op een juiste wijze te werk ga als de syntax gebaseerd moet zijn op de semantiek en de semantiek op de syntax? Daarnaast vroeg ik me af hoe jij deze zin bedoelde:

In de syntaxis is de afwezige gewoon aanwezig lijkt het?


p.s. Ik hoop dat je je niet afgedaan voelt door het lange antwoord wat ik Jeroen geef. Ik heb het idee dat jij een groot referentie kader hebt in deze en dat is iets wat Jeroen ontbeerd.

@ Jeroen Bouterse:
Voor iemand die zegt dat ie niet zo goed weet of ie wel snapt waar dit topic over gaat weet je wondermooi te zeggen wat je jezelf afvraagt en waar Tarski naartoe wijst. Laat ik jou van een paar antwoorden (en daarmee van een referentie kader) voorzien in de hoop dat jemij daarna de weg kunt wijzen.

Wat ik niet goed begrijp, is hoe een theorie die schijnbaar bedoeld is om een waarheidscriterium te leveren voor uitspraken (dus een antwoord op de vraag wanneer een uitspraak waar is, i.e. correspondeert met de realiteit), zich lijkt te kunnen beroepen óp de relatie tussen taal en werkelijkheid.

Dat is inderdaad een puzzel. Het idee is dat woorden een beeld weergeven. Jet woord bal is bijvoorbeeld een rond object van onbepaalde afmetingen. Het woord voetbal is al veel meer bepaald, alhoewel er nog wel variatie in kan zitten. Mijn zwart witte voetbal (als ik maar 1 zwart witte voetbal zou bezitten) is absoluut bepalend. Dit mede door de afspraken omtrend het woord mijn. Zo zien we dat alle woorden naar iets verwijzen. Soms naar een object, soms naar een toestand van het object (de kleur of dat de bal van mij is). Op die manier zouden uitspraken getoetst kunnen worden aan de werkelijkheid. Want we controleren de waarheid van een uitspraak door te kijken naar de werkelijkhied. De heer Gottlob Frege is hier druk mee in de weer geweest.

Ik kan me goed voorstellen dat er over nagedacht moet worden hoe taal en realiteit zich verhouden: die verhouding zal niet simpelweg één op één zijn, vooral omdat taal al een conceptueel raamwerk veronderstelt waar de werkelijkheid zelf dat niet doet. De verhouding zal dus bovendien vanzelf problematisch zijn; hoe vertalen we de ruwe realiteit in hanteerbare concepten?

Hier zeg je een waar woord. Het is gebaseerd op verschillende soorten afspraken. Paul Grice splitst deze twee eigenlijk op in twee delen:
- Constititive Rules: Regels die ene bepaald gebied "afbakenen" (Als deze regels wegvallen is er niet meer te spreken van bijv. verkeer).
- Regulative Rules: Regels die bestaan binnen een bepaalde cntext (Een heer zijn in het verkeer bijvoorbeeld).

Maar "'Gras is groen' is waar dan en slechts dan als gras groen is" geeft op díe vraag geen antwoord, neem ik aan, omdat dat waarheidscriterium niet los lijkt te kunnen komen van de talige concepten. Ik zou ook niet weten hoe dat wel zou kunnen: als iedere talige uiting per definitie gebruik maakt van een conceptueel kader, kan ook een 'meta-uitspraak' over de verhouding tussen concept en werkelijkheid daar in principe niet van loskomen, lijkt me.

In het voorbeeld wat we hanteren: "'Gras is groen' is waar dan en slechts dan als gras groen is" is het zo dat datgene wat tussen aanhalingstekens staat op een niet natuurlijke manier gebruikt wordt. Paul Grice geeft het verschil tussen natuurlijke en niet natuurlijke betekenis dat we bij een niet natuurlijke betekenis afspraken moeten hebben gemaakt om te bepalen wat we ermee bedoelen. Ons voorbeeld an sich is daarmee tussen haakjes komen te staan omdat we het als object hanteren en niet meer simpelweg zeggen. Binnen het voorbeeld zelf is zo'n zelfde onderscheid te maken. "Gras is groen" is namelijk als object gebruikt en het tweede deel is het deel waarmee we refereren aan de werkelijkheid. We hebben daarmee een syntactische structuur gechapen die refereert aan de werkelijkheid. De woorden: "Gras is groen" zijn namelijk waar dan en slechts dan als we in de werkelijkheid waar kunnen nemen dat gras groen is. Op deze wijze overstijgt het de taal an sich. Overigens heb je absoluut een punt als je zegt dat een woord een woord is en altijd onderhevig blijft aan onze afspraken en de werkelijkheid aan de werkelijkheid.

Overigens haal je een heel ander punt aan van wat Tarski bestudeerd heeft en dat zijn de idee"en object taal en meta taal. De object taal is in zijn gedachten gelijk aan de metataal; behalve dan dat de metataal woorden moet bevatten om de objecttaal mee te beoordelen op bijvoorbeeld waar en onwaar. In die zin overstijgt ons voorbeeld inderdaad de taal niet en blijft dit slechts een methode om taal te bestuderen.

Kort gezegd denk ik dat ik me hier wat stuntelig probeer af te vragen hoe taalgebruikers meta-uitspraken over taal en werkelijkheid kunnen doen, m.a.w. hoe welke waarheidstheorie dan ook kan claimen de relatie met de 'taalloze' werkelijkheid te doorgronden. Kan een van jullie daar misschien zijn licht over laten schijnen, of blijkt uit mijn vraag dat ik al niet eens de klok heb horen luiden, laat staan kan beginnen met het zoeken naar de klepel?

Je stelt jezelf in mijn ogen een aantal bijzonder waardevolle vragen. Ik hoop dat je een klein beetje tijd zult nemen om de links die ik heb geplaatst te bestuderen. Als er onduidelijkheden in zitten begin er dan een topic over. Het onderwerp spreekt me zeer aan en ik zou er graag van gedachten over willen wisselen.
Overigens is deze vraag min of meer de reden van het starten van dit topic. Want hoe kunnen we onszelf baseren op iets als we geen begin, eind of andere ijkpunten kunnen vinden?

Veranderd door Don Quichot, 18 april 2007 - 23:17

Men occasionally stumble over the truth, but most of them pick themselves up and hurry off as if nothing ever happened.
~Sir Winston Churchill

#7

Jeroen Bouterse

    Jeroen Bouterse


  • >250 berichten
  • 261 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 21 april 2007 - 22:40

Hartelijk dank voor het uitgebreide antwoord! Ik zal zeker gebruik maken van de links die je gegeven hebt :(

#8

theoriegeladen

    theoriegeladen


  • >250 berichten
  • 976 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 27 april 2007 - 19:23

Is betekenis niet de grote afwezige in de natuurlijke toestand van de dingen? Waarheid wordt zo dan toch negatief gedefineerd?





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures