Springen naar inhoud

Net doen of je van lillo komt


  • Log in om te kunnen reageren

#1

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 05 april 2008 - 20:40

Ik ben een Zeeuwsch-Vlaming (en daar ben ik trots op :D )

Lillo is een klein dorpje nabij de overgang van de Zeeschelde naar de Westerschelde, iets ten noorden van Antwerpen, aan de rechteroever (d.w.z. de Brabantse kant). In de Staats-Spaanse oorlog is daar een fort gebouwd, dat tot halfweg de negentiende eeuw in gebruik is gebleven, en overigens best goed bewaard is (al kon dat beter). Verder is er heel lang (tot enkele tientallen jaren geleden) een veerdienst geweest tussen Lillo en het aan de tegenoverliggende oever gelegen Liefkenshoek (bekend van de tunnel), een verbinding die dus ook naar Zeeuwsch-Vlaanderen leidde.

Geplaatste afbeelding

Bij ons in de streek is er een gezegde "doe maar net of je van Lillo komt" wat dan zoiets betekent als "houd je maar van de domme" of "doe maar net of je gek bent". En als je iets doms doet: "Je komt toch niet van Lillo zeker?" Ik vraag me al jaren af waar die uitdrukking nou eigenlijk precies vandaan komt. Gisteren heb ik met een club collega's een uitje gemaakt naar dit pittoreske dorpje, en meende de gids daar eens over aan de tand te voelen.

Ik kreeg inderdaad een uitleg:

Een tijdlang zou het fort bevolkt zijn geweest door misdadigers die de keus kregen: dienst in het fort Lillo of de galg. Het strenge regime in het fort bestrafte vloeken met het doorboren van de tong d.m.v. een gloeiende pin. (er zouden documenten in Middelburg zijn die bevestigen dat hiertoe regelmatig beulen uit Middelburg naar Lillo gingen). Zo ben je natuurlijk serieus gebrandmerkt voor het leven, kun je niet goed meer praten, en om niet als (ex-)misdadiger herkend te worden kon je je maar beter van de domme houden als je wat gevraagd werd.

Klinkt niet onaardig, maar toch maar eens het internet op. Wikipedia:

http://nl.wikipedia....wiki/Fort_Lillo

[bewerk] Trivia
In (Zeeuws-) Vlaanderen kent men het gezegde "van Lillo komen", wat zoveel betekent als "je dom houden". De verklaring van dit gezegde is onduidelijk. Volgens een overlevering vindt dit gezegde zijn oorsprong in het (ontkennende) gedrag van de inwoners van Fort Lillo na een aan hen toegeschreven strooptocht op Walcheren. Goed denkbaar is, dat de bewoners van Lillo vroeger als dom werden beschouwd, omdat ze vanwege de geÔsoleerde ligging van het fort slecht op de hoogte waren van allerlei maatschappelijke ontwikkelingen.


De eerste van deze twee vind ik vreemd: dan zou je je eerder afvragen of Lillonaar geen Walchers scheldwoord voor bandiet zou moeten zijn. De tweede vind ik een beetje vergezocht. Leuk voor iets dat in een buurdorp rondwaart, een soort goedbedoelde dorpsrivaliteit, maar ik kan me niet voorstellen dat zoiets zonder duidelijke reden tot 30-40 km in de omtrek blijft hangen. (met anderhalve kilometer gevaarlijk water ertussen bovendien)

a) wie weet hier meer van?
b) wie weet betrouwbare bronnen voor dit soort dingen te vinden?
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Klintersaas

    Klintersaas


  • >5k berichten
  • 8614 berichten
  • VIP

Geplaatst op 06 april 2008 - 11:37

Ik zal het met plezier eens uitzoeken. In afwachting daarvan heb ik al een zoethoudertje. Een zekere S.J.M. Hulsbergen denkt blijkbaar ook dat het iets te maken heeft met die roofoverval:

Hulsbergen, S.J.M.

(...)

Een roofoverval te Waarde in de nacht van 6 op 7 december 1579 of : van Lillo komen ; 1979 p. 183-184

Bron: http://www.zeeuwstij....nl/?q=node/326

Geloof niet alles wat je leest.

Heb jij verstand van PHP? Word Technicus en help mee om Wetenschapsforum nog beter te maken!


#3

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 06 april 2008 - 12:01

Ik zal eerdaags eens zien of ze dat Zeeuws Tijdschrift van 1979 in de bibliotheek beschikbaar kunnen krijgen.

http://nl.wikipedia....egden_K-O#Lillo
parallel aan het Lillo-lemma van wikipedia.



http://www.dbnl.org/...1taal08_010.htm

- Houdt iemand zich, alsof hij van eene hem bekende zaak niets weet, zoo zegt men: Hij komt van Lillo. Soms gaat hieraan nog vooraf: Die weet ook van niets. - De Heer H. heeft: Komje van Lillo, dat je mandje zoo druipt? - Daar dit hier niet gehoord wordt, kan ik niet beoordeelen, of het met het Zeeuwsch-Vl.: Hij komt van Lillo verwant is.

Veranderd door Jan van de Velde, 06 april 2008 - 12:02

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#4

Johan2

    Johan2


  • >1k berichten
  • 1780 berichten
  • Verbannen

Geplaatst op 07 april 2008 - 09:37

Ik zal eerdaags eens zien of ze dat Zeeuws Tijdschrift van 1979 in de bibliotheek beschikbaar kunnen krijgen.

Zoek dan ook eens op "me komme van Bru Ť me weete van niks". Googelen op "komme van Bru" levert in ieder geval een site over Bruinisse op waar het als geuzenterm gezien wordt. In de rest van Schouwen en Tholen is het toch eerder een diskwalificatie, echter wel vooral voor BruŽnaren en minder veralgemeniseerd, zoals 'van Lillo komen'. Bru werd wel gezien als een raar, afwijkend dorp, een zeer besloten, op zichzelf gekeerde vissersgemeenschap en BruŽnaren als stiknieuwsgierig.

Overal heeft men overigens degelijke termen, veelal gekoppeld aan de regionale zwakzinnigeninrichting. In Leiden zegt men 'die komt van Endegeest', in Den Bosch 'die komt van Reinier van Arkel' en in heel Vlaanderen 'die komt van Geel'.
Dergelijke termen willen echter altijd zeggen dat iemand dom is, terwijl 'van Lillo komen' minstens zo vaak, zelfs veel vaker, gebruikt wordt in de betekenis van je bewust van de domme houden.

Verwant aan de verklaring van de strooptiocht naar Walcheren, is die welke de term verklaart vanuit het feit dat Lillo het eerste vijandelijke fort buiten de Staatsgrenzen was en daarmee een spionnennest en uitvalsbasis.
Wanneer de term echter even gebruikelijk is ten zuiden van de staatsgrens, lijkt de uitleg van de gids waarschijnlijker. Die suggereert bovendien dat de uitdrukking ouder is dan de scheiding tussen noord en zuid.
De oplossing ligt in de regionale verspreiding en de ouderdom van hetgezegde. Daar moet literatuur over te vinden zijn.


edit: Zie net dat Lillo in 1648 aan de Republiek kwam, dus dat het dan eerder richting het zuiden spionneerde.
Lillo is echter meerder malen in andere handen overgegaan en misschien hangt de uitdrukking wel daarmee samen: Men zat er duidelijk tussen twee vuren en misschien was het niet al te slim je al te nadrukkelijk voor de een of de andere partij uit te spreken. Zo'n verklaring zou echter alleen opgaan als er een echte autochtone bevolking was, terwijl ik denk dat de meesten die 'van Lillo kwamen' toch soldaten, ex-soldaten en, inderdaad, spionnen waren?

Veranderd door Johan2, 07 april 2008 - 09:50

<i>Si vis pacem paralellum</i> (J. Goedbloed)

#5

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 04 augustus 2008 - 13:40

Ik heb inmiddels het tijdschriftartikel te pakken.

De wikipedia-trivia heeft het wel mis volgens S.J.M. Hulsbergen (ga ik aanstonds aanpassen):
als het al met die roofoverval (zielig overvalletje trouwens, het ging om de voorraad spek, ham en wat hoenders van ťťn boerderij) te maken heeft, dan was die niet op Walcheren (ook een kolere-end weg van Lillo trouwens) maar in Waarde, behoorlijk wat dichterbij:

lillo_waarde.gif

Nog een end om te roeien van Lillo om aan wat spek, ham en kippen te komen trouwens.

Het staat trouwens absoluut niet vast dat die overval door Lillonaren is gepleegd.
Eerste verdachten waren de gezellen van een geuzenwachtschip dat voor Waarde op de Westerschelde lag om die af te sluiten voor de vaart naar Antwerpen nadat de geuzen het kasteel van Saeftinghe (ongeveer aan de overzijde van de Westerschelde t.o.v. Waarde) waren kwijtgeraakt.
Hoe dan ook, de boer, Marinus Marinuszen Beelboon, diende klacht in tegen de bemanning van het wachtschip bij de Staten van Zeeland. Die vonden dat dat niet door de beugel kon, en legden zowaar alle betalingen aan heel de oorlogsvloot plat. Het is de vice-admiraal, Cornelis Claeszen die, om een en ander zsm op te lossen, bij de Staten verscheen, verklaarde dat zijn bootsgezellen dat niet gedaan hadden en vervolgens het garnizoen van Lillo beschuldigde. In notulen van de Staten is verder over dit voorval niets meer te vinden. Of de Lillonaren er dus nog over aan de tand zijn gevoeld en dat bij hoog en laag ontkend hebben (wat het gezegde zou kunnen verklaren) is dus nog onbekend. Maar al met al lijkt een en ander nou niet een dusdanige brede commotie te hebben veroorzaakt dat zoiets tot een regionaal gezegde zou uitgroeien.

Ik zal eens zien of ik het artikel van Hulsbergen kan inscannen en hier kan plaatsen. Hoe dan ook, ik vind dit niet meer dan een nog vrij ver gezochte verklaring van het gezegde.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#6

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 05 augustus 2008 - 12:15

EEN ROOFOVERVAL TE WAARDE IN DE NACHT VAN 6 OP 7 DECEMBER 1579
of: Van Lillo komen


S. J. M. Hulsbergen
(Zeeuws Tijdschrift, 1979, pag 183-184)

Vierhonderd jaar geleden was Waarde het einde van wat we tegenwoordig Midden-Zeeland noemen. Krabbendijke en Rilland waren drijvende. In Waarde was het dat Mondragon de vaste wal bereikte toen hij met zijn twintig vendels vanuit Brabant door het wad naar Zuid-Beveland trok (zoals men nu nog loopt van Pieter-buren naar Schiermonnikoog) om Goes van de last van de Geuzen te verlossen. Dat was in 1572.

Maar bij de gebeurtenissen waar het nu om gaat zijn we zeven jaar verder. Bij Satisfactie was Goes, en daarmee Zuid-Beveland, overgegaan naar de zijde van de Prins van Oranje. Die Satisfactie moet een verlossing vooral voor het platteland van Zuid-Beveland geweest zijn. De psalmen-zingende Geuzen van onze geschiedenisboekjes waren nu niet bepaald zulke brave jongens. Trouwens, allen in krijgsdienst in die jaren waren gewoon te roven waaraan zij gebrek hadden. Door die Satisfactie gevoelde men zich op Zuid-Beveland toch wel iets meer beveiligd.

Doch nu gebeurde het in de nacht van 6 op 7 december 1579 dat de boerderij, dicht bij de zeedijk te Waarde, waar een zekere Marinus Marinuszen Beelboon woonde, ongewenst bezoek kreeg. Men verdween met "zeecker speck, hammen en de hoenderen". Het was kort na slachtmaand en we kunnen ons wel enigszins voorstellen hoe die hammen en dat spek hebben gehangen aan de zoldering van de keuken in de keuken van de boerderij van Marinus Beelboon.
Het is te begrijpen dat die overval de volgende ochtend spoedig aan iedereen in Waarde bekend was. Men was er hevig door geschokt. Onmiddellijk maakt men werk van deze zaak. Een schrijven wordt opgesteld over deze gebeurtenis en gaat naar Nicolaas Blancx, de vertegenwoordiger van Zuid-Beveland in de Staten van Zeeland, een van de invloedrijkste leden. In Waarde twijfelde men er ook niet aan wie deze roof hadden gepleegd. Het konden geen anderen zijn dan de bootsgezellen van het wachtschip van de Zeeuwse marine dat bij Waarde op de Schelde lag.
Dat wachtschip had er gelegen sinds de Spanjaarden het kasteel van Saeftinge hadden heroverd. Na de overgang van Vlissingen in 1572 is een van de eerste daden van de Geuzen geweest dat zij in dat kasteel, dat lag waar nu de vaargeul van de Wester-Schelde is, een bezetting hebben gelegd en daarmee beheersten zij de vaart op dit water. Toen de Spanjaarden, na veel moeite, in het bezit van dit kasteel waren gekomen, hadden de Geuzen een voldoende aantal schepen, zodat er althans ťťn bij Waarde kon worden gelegd, waarmee de Schelde toch weer afgesloten werd.
De inwoners van Waarde waren er dus heilig van overtuigd dat niemand anders deze roof kon hebben gepleegd dan enige bootsgezellen van dit wachtschip en daarom is hun verontwaardiging des te groter. Dat eigen mensen, door wie zij beschermd moesten worden zulk een overval hadden gepleegd! Het schrijven aan Blancx zal op poten hebben gestaan. En deze zelf acht het ook zulk een ernstige zaak dat hij ze reeds vier dagen nadien in de Staten van Zeeland bracht. Met Blancx zijn de Staten van oordeel dat het inderdaad een zeer ernstige zaak is. In Zuid-Beveland moet geen onrust ontstaan. Onmiddellijk moeten er maatregelen worden genomen. Het is waarlijk niet mis wat zij besluiten. De Zeeuwse admiraal, Joost de Moor, zal ter verantwoording worden geroepen of, als hij er niet is, de vice-admiraal Cornelis Claiszen en hij moet aan de Staten maar eens vertellen "wat schip van orloge daerontrent gelegen heeft tusschen den 6en en de 7en van Decembris". Ook de Staten zijn blijkbaar met de inwoners van Waarde overtuigd dat die bootsgezellen van dat wachtschip afkomstig de schuldigen waren.

Hoe ernstig de Staten dit geval opnamen blijkt ook uit hetgeen zij verder hebben besloten. Geen halve maatregel! Zij ontboden hun provinciale tresorier Manmaecker. Maar aangezien hij er niet was, lieten zij zijn klerk komen en verboden hem enige "betalynge aen de schepen van orloghe te doene". Dat was dus niet mis. Het geld wordt ingehouden en aangezien een marine nog nooit zelf iets heeft verdiend, maar altijd heeft moeten leven van hetgeen de overheid haar toedacht, zou daarmee heel het bedrijf van de Zeeuwse oorlogsvloot zijn lamgelegd.
In de notulen van de Staten van Zeeland d.d. 11 december 1579 staat van heel dit geval het volgende opgetekend:

"Is geresolveert op het vertooch gedaen by raetsheer Blancx van wegen die van der Goes, volgende zeecker scryven by hem ontfanghen aengaende zeeckere concussie (beroering) gedaen in den nacht by eenige bootsgesellen in den lande van Zuytbevelandt tot Weerde, ten huyse van eenen Marinus Marinuszen Beelboon, aldaer genomen ende gerooft hebbende zeecker speck, hammen ende hoenderen, dat eerstdaechs sal bescreven werden capiteyn Joos de Moor, oft in Zyne absentie den vice admirael Cornelis Claeszen, omme te weten wat schip van orloge daerontrent gelegen heeft tusschen den 6en ende 7en van Decembris, alsoo zeeckerlick gepresumeert werdt die voorscreven bootsgesellen uuyten selven schepe van orloge gecommen te zyne; ende by provisie is den clerck van den tresorier Manmaecker in den Raedt ontboden, midts d'absentie van denselven tresorier, ende denzelven verbodt gedaen gene betalynge aen de schepen van orloghe te doene, voor ander stondt hem daervan andere ordonnantie werde gegeven."


Het is te begrijpen dat de Zeeuwse zeemacht dit niet zomaar naast zich neer kon leggen. Aangezien Joost de Moor er niet was, verscheen zijn vice-admiraal, Cornelis Claeszen, reeds daags na dat ferme besluit in de vergadering van de Staten en daar ondergaat hij een verhoor over "de concussie geschiedt tot Weerde in Zuytbevelandt".
We kunnen het ons indenken dat die marineman die kip, die ham en dat spek helemaal niet zo erg vond. Maar eveneens zal hij hebben beseft dat hij, als verantwoordelijk voor de vloot, dit toch niet kon toestaan. Hij zal natuurlijk gedacht hebben aan de tijden, nog niet zo lang geleden, vůůr de Satisfactie, dat men daarover helemaal geen drukte zou hebben gemaakt. Beelboon zou de hemel hebben gedankt dat hij er zo goedkoop van af was gekomen. Maar wat zou Cornelis Claes-zen moeten doen? Moest hij stampei gaan maken op dat bepaalde oorlogsschip, waar ze waarschijnlijk van niets zouden weten en elkaar niet zouden verraden? Die heren van de Staten konden wel resolveren, maar zij zaten altijd veilig aan de wal en hij en zijn bootsgezellen moesten het op de Zeeuwse en andere wateren maar klaren. Er is menig voorbeeld van bevelhebbers op schepen van oorloge die niet van plan waren voor die magistraten door de knieŽn te gaan. Maar aan de andere kant waren die magistraten, en in dit geval de Staten van Zeeland, degenen die hen hadden aangesteld en hen ook weer konden ontslaan. Tenslotte waren zij van hen afhankelijk.

We kunnen ons zo enigszins voorstellen met welke gedachten en overwegingen Cornelis Claeszen naar de vergadering van de Staten is gegaan om zich te verantwoorden over de "concussie geschiedt tot Weerde in Zuytbevelandt". Hij zal zich daar eerst breedvoerig hebben laten inlichten, waarbij het schrijven uit Waarde aan Blancx natuurlijk het belangrijkste was. En toen zal hij misschien zo iets gezegd hebben als: o, is het dat? En dan verklaart hij daarvan ook wel gehoord te hebben, maar daaraan zijn zijn bootsgezellen niet schuldig. Dat hebben soldaten gedaan die in het fort Lillo in garnizoen lagen. Maar, wanneer de heren Staten dat begeren, dan is hij bereid daarvan later "clare informatie" te doen. Op 12 december 1579 werd in de notulen van de Zeeuwse Staten aangetekend:

"Is verscheenen in den Raedt de vice-admirael Cornelis Claeszen, ende gevraecht op de concussie geschiedt tot Weerde in Zuytbevelandt, heeft verclaert wel te weten deselve concussie oft exactie nyet geschiet te zyne by eenige bootsgezellen uuyte schepen van orloge, nemaer by soldaten liggende in de stercte tot Lillo, ende dat hy daervan ter beliefte van mynen heeren deselve sal doen hebben clare informatie, dwelck myne heeren begeeren by hem gedaen te werdden."


Lillo lag op de oostelijke oever van de Schelde, een 9 k.m. boven het toenmalige Antwerpen. Hemelsbreed was de afstand tot Waarde 12 km. Het is dus erg onwaarschijnlijk dat die soldaten van Lillo die afstand zullen hebben geroeid voor wat spek, een paar hammen en een stuk of wat kippen. Die konden ze dichterbij met mindere moeite ook wel krijgen. We vermoeden dan ook dat Cornelis Claiszen nooit met zijn "clare informatie" gekomen is. We lezen er tenminste verder niets meer van in de notulen van de Staten van Zeeland.

Nu is, tot op de dag van vandaag, de naam van Lillo, dat intussen geheel verdwenen is in de nieuwe dokken van Antwerpen, op Zuid-Beveland in verschillende spreekwijzen bewaard. En het onvolprezen Zeeuws Woordenboek vertelt mij dat ze ook voorkomen in Oost Zeeuws-Vlaanderen en zelfs in andere delen van ons gewest. Wanneer men zegt: "Van Lillo komme", betekent dit zoveel als: onnozel zijn of doen alsof; zich van den domme houden. "Je kiekt of Š je van Lillo komt" betekent: je kijkt of je geen tien kunt tellen. "Kom je van Lillo?" wil zoveel zeggen als: ben je niet wijs? Wanneer ze van iemand zeggen: "Ie is nie fan Lillo", wil men daarmee aanduiden dat hij goed bij is.
Waar komen zulke gezegden vandaan? Dat is moeilijk na te gaan. Maar, wanneer je zo die notulen van de Staten van Zeeland leest, komt de gedachten bij je op dat er wel eens een verband zou kunnen zijn met "zeeckere concussie gedaen in den nacht tusschen den ben ende 7en Decembris 1579 tot Weerde in den lande van Zuytbevelandt". Het past er tenminste wel zo ongeveer in, lijkt mij.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#7

Klintersaas

    Klintersaas


  • >5k berichten
  • 8614 berichten
  • VIP

Geplaatst op 05 augustus 2008 - 19:11

Interessant artikeltje, maar inderdaad mogelijk vergezocht verband. Het is in ieder geval beter dan niets. Bedankt om ons op de hoogte te houden.

Geloof niet alles wat je leest.

Heb jij verstand van PHP? Word Technicus en help mee om Wetenschapsforum nog beter te maken!


#8

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 05 augustus 2008 - 22:10

De wikipedia-trivia heeft het wel mis volgens S.J.M. Hulsbergen (ga ik aanstonds aanpassen):

Had ik gedaan, is het verd.......... spoorloos teruggedraaid...... 8-)

Veranderd door Jan van de Velde, 05 augustus 2008 - 22:11

ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#9

prospector

    prospector


  • >250 berichten
  • 329 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 05 augustus 2008 - 23:13

Nu is, tot op de dag van vandaag, de naam van Lillo, dat intussen geheel verdwenen is in de nieuwe dokken van Antwerpen...


Vorige week heb ik met mijn vrouwtje nog een mooie wandeling gemaakt in Lillo. Het dorp, de kerk, de kazerne, het 'fort', alles is nog daar hoor. Een aanrader om te bezoeken: Lillo

#10

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 06 augustus 2008 - 15:05

De wikipedia-trivia heeft het wel mis volgens S.J.M. Hulsbergen (ga ik aanstonds aanpassen):

Had ik gedaan, is het verd.......... spoorloos teruggedraaid...... 8-)

Heb via het overleg protest ingediend, mijn aanpassingen zijn terug geplaatst......
Tjonge, je moet tegenwoordig nogal moeite doen om in wikipedia iets aangepast te krijgen. Ik had het toch allemaal netjes uitgelegd en van bron voorzien.....


Vorige week heb ik met mijn vrouwtje nog een mooie wandeling gemaakt in Lillo. Het dorp, de kerk, de kazerne, het 'fort', alles is nog daar hoor. Een aanrader om te bezoeken: Lillo

Nou, Šlles..... En ik begreep dat binnenkort een Deltadijk erlangs gelegd gaat worden en daarmee alweer minstens de haven verdwijnt.
Enfin, naar Belgische begrippen (sorry dat ik het zeg) is het inderdaad redelijk goed bewaard. Een herstel ŗ la Boertange lijkt me overdreven. Anderzijds, zo'n herstel zou een onverwachte bloem in de havenwoestenij voor de regio Antwerpen zijn.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270

#11

Klintersaas

    Klintersaas


  • >5k berichten
  • 8614 berichten
  • VIP

Geplaatst op 23 augustus 2008 - 18:09

Mogelijk nieuw spoor. In 'De Nieuwe Gazet' van donderdag 21 augustus 2008 staat op pagina 18 een artikel over Lillo. Daarin wordt o.a. het volgende gezegd:

"Tot 1839 was Lillo nog in Nederlandse handen. De Nederlandse toeristen vragen daarom vaak plagerig naar het spreekwoord 'van Lillo komen'. Dat betekent zoveel als je dom houden. Ik antwoord dan dat vroeger in het fort militaire discipline heerste. Op het overtreden van de regels stonden zware lijfelijke straffen. Maar de Lillonaren namen het altijd voor elkaar op. Ze deden alsof ze van niets wisten als een getuige werd verhoord."

Bovenstaande werd opgetekend uit de mond van Werner Bril, een 'geboren en getogen' Lillonaar en gids. Ik weet niet hoe betrouwbaar zijn verklaring is.

Geloof niet alles wat je leest.

Heb jij verstand van PHP? Word Technicus en help mee om Wetenschapsforum nog beter te maken!


#12

Jan van de Velde

    Jan van de Velde


  • >5k berichten
  • 44867 berichten
  • Moderator

Geplaatst op 23 augustus 2008 - 20:40

Ik heb (kom ik achteraf achter) diezelfde Werner Bril gehoord tijdens mijn bezoek daar:

Ik kreeg inderdaad een uitleg:

Een tijdlang zou het fort bevolkt zijn geweest door misdadigers die de keus kregen: dienst in het fort Lillo of de galg. Het strenge regime in het fort bestrafte vloeken met het doorboren van de tong d.m.v. een gloeiende pin. (er zouden documenten in Middelburg zijn die bevestigen dat hiertoe regelmatig beulen uit Middelburg naar Lillo gingen). Zo ben je natuurlijk serieus gebrandmerkt voor het leven, kun je niet goed meer praten, en om niet als (ex-)misdadiger herkend te worden kon je je maar beter van de domme houden als je wat gevraagd werd.


Heer Bril is een welbespraakt en kleurrijk figuur. Alle lof voor zijn rondleidingen. Maar toen noch nu weet ik hoeveel gewicht zijn uitleg in de schaal legt.
ALS WIJ JE GEHOLPEN HEBBEN....
help ons dan eiwitten vouwen, en help mee ziekten als kanker en zo te bestrijden in de vrije tijd van je chip...
http://www.wetenscha...showtopic=59270





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures