Springen naar inhoud

kweken van kanaries


  • Log in om te kunnen reageren

#1

phodopus

    phodopus


  • 0 - 25 berichten
  • 22 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 19 november 2008 - 15:32

Ik heb zelf in mijn humaniora wat genetica gekregen, en kruisingen zijn niet echt een probleem, maar aan het volgende kan ik niet aan uit:


Mijn vader heeft als hobby het kweken van kanaries. Nu ben ik mezelf hier ook wat in het verdiepen, en het zou leuk zijn moest ik het fenotype van de F1 generatie kunnen bepalen, aan de hand van het fenotype van de P (parentale) generatie.

Wanneer ik een vogel (nu dus kanarie) fenotypisch observeer kan ik daar toch ONGEVEER het genotype uit afleiden, of allesinds de mogelijkheiden beschrijven die tot hetzelfde fenotype leiden. Daarom stel ik deze vraag:

Stel dat ik een Agaat Rode kanarie kruis met een Intensief Blauwe (deze kleurslagen zijn dus enkel een fenotypische veronderstelling), hoe kan ik het genotype dan te weten komen van deze 2 vogels?

Ik heb een overzicht van de allelen/genen uit het boek "Het kweken van kanaries" bijgevoegd om concrete informatie te geven. Met behulp van dit schema/overzicht moet mijn vraag te beantwoorden zijn, maar ik geraak er niet wijs uit.

Hier vindt u het schema en enkele voorbeeldkruisingen:

http://www.flickr.co...s/10741052@N08/

In de voorbeeldkruising_01 ziet u hoe geel X rec. wit eruit ziet. Hierbij is geel = CB+/CB+ , en rec. wit = cb/cb , maar hier mijn hoofdvraag:

Hoe kan je dit afleiden uit die tabel (allelen-overzicht 001), dus dat geel = CB+/CB+ , en rec. wit = cb/cb

De kruisingen zelf kan ik makkelijk maken, maar het "plakken" van een genotype op een bepaalde fenotypische eigenschap kan ik niet...

Ik hoop dit iemand raad weet :D .

Met vriendelijke groeten,

Hendrik.

Dit forum kan gratis blijven vanwege banners als deze. Door te registeren zal de onderstaande banner overigens verdwijnen.

#2

Wouter_Masselink

    Wouter_Masselink


  • >5k berichten
  • 8252 berichten
  • VIP

Geplaatst op 19 november 2008 - 21:55

De truc om zonder in genetische analyses (moleculair werk) te vervallen, is door kruisingen op te zetten. Vervolgens aan de hand van de verhoudingen tussen de verschillende fenotypen van de nakomelingen kan er iets te zeggen zijn over de ouders. Het kan zelfs zijn dat hier een aantal generaties voor nodig zijn, voordat je een duidelijk beeld hebt.
"Meep meep meep." Beaker

#3

Gesp

    Gesp


  • >250 berichten
  • 339 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 19 november 2008 - 22:38

Hier vindt u het schema en enkele voorbeeldkruisingen:
http://www.flickr.co...s/10741052@N08/
In de voorbeeldkruising_01 ziet u hoe geel X rec. wit eruit ziet. Hierbij is geel = CB+/CB+ , en rec. wit = cb/cb , maar hier mijn hoofdvraag:

Hoe kan je dit afleiden uit die tabel (allelen-overzicht 001), dus dat geel = CB+/CB+ , en rec. wit = cb/cb

In "Voorbeeldkruising_01" wordt een gele kanarie met witte kanarie gekruisd. Alle nakomelingen zijn geel. Daarna worden die gele nakomelingen onderling gekruisd. Van die 2e generatie (F2) is 3/4 geel, en 1/4 wit.

In "allelen-overzicht 001" staat van een heel aantal eigenschappen of ze dominant zijn, of recessief. De onderste regel links heeft de tekst:
Gen voor: volledige caroinoide beletter
Wild allel: CB+ normale afzetting
Gemuteerd allel: cb- recessief wit.

Deze eigenschap hebben ze blijkbaar in het voorbeeld verwerkt. Dat deze eigenschap wit zich recessief gedraagt is hier een gegeven (en wordt aangegeven door het gebruik van kleine letters cb tov CB voor het dominante eigenschap - blijkbaar de kleur geel).

Dat het in het voorbeeldkruising_01 inderdaad zo werkt, blijkt uit het feit dat de voorspelling precies uitkomt:
Geel x wit geeft allemaal gele kanaries in F1 en 3/4 geel in F2.

- Als wit dominant was geweest en geel recessief, dan was generatie F1 wit en generatie F2 3/4 wit en 1/4 geel (net andersom).
- Als de eigenschap wit co-dominant was (om het moeilijk te maken), en geel co-dominant dan was F1 wit-geel, en was F2 1/4 geel, 1/2 wit-geel, 1/4 wit.

- Als de gele ouder CB+/- was (heterozygoot), dan was de F1 1/2 wit, 1/2 geel

Kort samengevat: 2 individuen kruisen, en zoveel mogelijk nakomelingen observeren om te kijken hoe de eigenschap zich gedraagd. Precies zoals in de vorige post gezegd. Is dat een antwoord?

Met groet, Gesp

#4

phodopus

    phodopus


  • 0 - 25 berichten
  • 22 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 19 november 2008 - 22:40

De truc om zonder in genetische analyses (moleculair werk) te vervallen, is door kruisingen op te zetten. Vervolgens aan de hand van de verhoudingen tussen de verschillende fenotypen van de nakomelingen kan er iets te zeggen zijn over de ouders. Het kan zelfs zijn dat hier een aantal generaties voor nodig zijn, voordat je een duidelijk beeld hebt.



Bedankt Wouter voor je antwoord.

Dit was niet echt de vraag, ik ben al redelijk bedreven in het maken van kruisingsschema's. Het is enkel het te weten komen hoe wat wat nu is, iets duidelijker:

Stel je kruist groot X klein , veronderstellend dat rood=AA en klein=aa, dan kan je zeggen dat je een kans van 100 % hebt voor een grote (want Aa is groot, want A is dominant), geen probleem dus.

Stel dat groot=AA en klein is aa en middelgroot=Aa, dan zit je met een probleem (want je zit met een intermediaire vorm!), want dit kan je onmogelijk weten, zonder dat je dit uit je tabel haalt. En dit was mijn vraag.

Ik begin er stilaan aan uit te geraken, en zal nog wel een verdere respons posten wanneer ik helemaal zeker ben.

Alvast bedankt van de reply en groeten,

Hendrik.

#5

phodopus

    phodopus


  • 0 - 25 berichten
  • 22 berichten
  • Gebruiker

Geplaatst op 19 november 2008 - 22:46

In "Voorbeeldkruising_01" wordt een gele kanarie met witte kanarie gekruisd. Alle nakomelingen zijn geel. Daarna worden die gele nakomelingen onderling gekruisd. Van die 2e generatie (F2) is 3/4 geel, en 1/4 wit.

In "allelen-overzicht 001" staat van een heel aantal eigenschappen of ze dominant zijn, of recessief. De onderste regel links heeft de tekst:
Gen voor: volledige caroinoide beletter
Wild allel: CB+ normale afzetting
Gemuteerd allel: cb- recessief wit.

Deze eigenschap hebben ze blijkbaar in het voorbeeld verwerkt. Dat deze eigenschap wit zich recessief gedraagt is hier een gegeven (en wordt aangegeven door het gebruik van kleine letters cb tov CB voor het dominante eigenschap - blijkbaar de kleur geel).

Dat het in het voorbeeldkruising_01 inderdaad zo werkt, blijkt uit het feit dat de voorspelling precies uitkomt:
Geel x wit geeft allemaal gele kanaries in F1 en 3/4 geel in F2.

- Als wit dominant was geweest en geel recessief, dan was generatie F1 wit en generatie F2 3/4 wit en 1/4 geel (net andersom).
- Als de eigenschap wit co-dominant was (om het moeilijk te maken), en geel co-dominant dan was F1 wit-geel, en was F2 1/4 geel, 1/2 wit-geel, 1/4 wit.

- Als de gele ouder CB+/- was (heterozygoot), dan was de F1 1/2 wit, 1/2 geel

Kort samengevat: 2 individuen kruisen, en zoveel mogelijk nakomelingen observeren om te kijken hoe de eigenschap zich gedraagd. Precies zoals in de vorige post gezegd. Is dat een antwoord?

Met groet, Gesp



Bedankt, Gesp. Je uitleg is duidelijk en sterkt me in hetgeen ik er de laatste uren zelf uit heb opgemaakt. Ik denkt het te snappen en verder te kunnen met experimenteren :D .

Het deeltje waarin je zegt:

blijkbaar is dit geel

is zoiets waarbij ik verward geraakte, omdat dit zo "anders" wordt geformuleerd. Nu versta ik het.

Bedankt,

Hendrik.

#6

Gesp

    Gesp


  • >250 berichten
  • 339 berichten
  • Ervaren gebruiker

Geplaatst op 20 november 2008 - 06:28

Stel je kruist groot X klein , veronderstellend dat rood {hier lees ik: groot} =AA en klein=aa, dan kan je zeggen dat je een kans van 100 % hebt voor een grote (want Aa is groot, want A is dominant), geen probleem dus.

Stel dat groot=AA en klein is aa en middelgroot=Aa, dan zit je met een probleem (want je zit met een intermediaire vorm!), want dit kan je onmogelijk weten, zonder dat je dit uit je tabel haalt. En dit was mijn vraag.

Inderdaad. Als je begint met het kruisen obv een uiterlijke eigenschap (fenotype), weet je normaal gesproken niet hoe die zich zal gedragen.

Een deel van de mogelijke onzekerheden:

Is de eigenschap wel erfelijk? Als het erfelijk is, hoe gedraagt het zich dan? Dominant vs recessief is het bekendst, maar zeker niet het enige mogelijk. Er is ook co-domnant (jou voorbeeld van middelgroot zou dat kunnen zijn). Soms is er X-gebonden overerving (afhankelijk van het geslachtschromosoom). Sommige eigenschappen krijg je uitsluiten van je moeder (mitochondriaal).
Verder kan dezelfde eigenschap soms door verschillende genen veroorzaakt worden (binnen de ene familie komt het door gen H, binnen de andere familie door gen I). Soms zijn er meerdere genen (2, 3, veel meer) die tezamen het resultaat bepalen. Soms zijn ook variaties vanuit de omgeving nodig, die bij bepaald genotype een eigenschap doen ontstaan.

Als je heel veel kruisingen hebt gedaan kun je een indruk krijgen of het geobserveerde patroon bij 1 van deze mogelijkheden past. Soms (vaak?) is daar statistiek (kansberekening) bij nodig: het is zoveel waarschijnlijker dat deze uitkomsten passen bij model J dan bij model K.
En in die tabel zijn dergelijke dingen dus (blijkbaar) door anderen gedaan. Ik heb geen idee hoe betrouwbaar die tabel is.

Met groet, Gesp





0 gebruiker(s) lezen dit onderwerp

0 leden, 0 bezoekers, 0 anonieme gebruikers

Ook adverteren op onze website? Lees hier meer!

Gesponsorde vacatures

Vacatures